Poolse zwanen in de Wieden

Met behulp van de vaarboom duwde Jetske de boot voorzichtig in de richting van de rietkraag. Terwijl ze de boot daar even later weer verankerde door hem vast te binden aan de in de bodem geduwde vaarboom, keek ik eens om me mee heen. Jetske had een fijn plekje in de luwte gevonden. Geen zuchtje wind en toch was het waterspiegel voortdurend in beweging. Aan alle kanten wriemelde het van de grote schaatsenrijders op het wateroppervlak …

Daar was het echter niet om te doen. Jetske had dit plekje uitgezocht om me nog wat te leren over het water in de Beulakerwijde. Onder het wateroppervlak was een waar woud van waterplanten te zien. Het water in de Weerribben en de Wieden is in de loop der jaren zo helder geworden, dat het zonlicht doordringt tot op de bodem en dat stimuleert de groei van waterplanten. Deze waterplanten vormen een steeds groter wordend probleem voor kleine boten. De waterplanten draaien zich vast om de schroef van de motor. Vooral voor bootverhuurders is dit een toenemend probleem. Omdat ze bekend is met dit probleem, maakt Jetske op bepaalde plekjes dus gebruik van de vaarboom in plaats van de buitenboordmotor. Dit probleem speelt in Fryslân overigens ook, Wetterskip Fryslân experimenteert daarom met een maaiboot …

Terwijl we onze laatste sinaasappelsap bijna op hadden, zagen we iets verderop een paar knobbelzwanen met een opvallend spierwit jong op het water dobberen. Normaal gesproken zijn jonge knobbelzwanen grijs of grijsbruin. Omdat deze echt spierwit was, is fotomaatje Jetske maar eens op zoek gegaan op internet. Daarbij ontdekte ze, dat er in Polen lang geleden knobbelzwanen gefokt werden met een kleurverdunning, want het witte dons van de jonge Poolse knobbelzwanen was zeer populair. Totdat de markt voor dons volledig instortte …

In Polen lieten ze daarom hun commercieel waardeloze ‘mutantjes’ los in de vrije natuur, zodat deze vogels de kans kregen om te kruisen met de oude vertrouwde Europese knobbelzwaan. Beide kleurvormen zijn inmiddels verwilderd en met elkaar vermengd, maar de verschillen kun je nog steeds goed zien. Met name bij de jongen is dat duidelijk. En komt het dat er nu dus een paar Poolse zwanen met een spierwit jong in de Wieden rondzwemmen …

Intussen werd het weer er niet vriendelijker op. In de verte begonnen dikke, donkere wolken zich samen te pakken. Tijd om het open water te verlaten en koers te zetten naar het punt van vertrek bij Giethoorn …

Morgen sluit ik de serie over deze vaartocht door de Wieden af met een tien minuten durend filmpje.

Voedertijd bij de zwarte sterns

Nadat we tweemaal een stuw met zelfbediening waren gepasseerd, kwamen we vanaf de Vaartsloot uiteindelijk uit op de Kleine Beulakerwijde (Google Maps). “Heb je zin om even bij de zwarte sterns te kijken?” vroeg Jetske. Of ik zin had om even bij de zwarte sterns te kijken …? De vraag stellen was hem beantwoorden …

Jetske zette over open water koers in de richting van Sint Jansklooster. Daar gingen we met behulp van de vaarboom en een lijntje voor anker. Ik herkende het plekje aan het kijkplatform bij het bezoekerscentrum van Natuurmonumenten, dat net boven het riet in de verte te zien was (Google Maps). Vanaf dat platform heeft Jetske me in april 2009 kennis laten maken met de zwarte stern. Door de groei van de vegetatie zou er nu vanaf het kijkplatform weinig meer te zien zijn van de zwarte sterns, maar Jetske had me naar een prachtig plekje gebracht van waar we een perfect zicht hadden op de nestvlotjes met jongen …

De zwarte stern staat op de Rode Lijst van bedreigde diersoorten. Van nature broeden zwarte sterns op drijvende planten zoals krabbenscheer. Vanwege de afname van natuurlijke nestmateriaal worden er hier elk voorjaar nestvlotjes voor de zwarte sterns in het water gelegd. Die broedvlotjes worden bekleed met krabbenscheerplanten en worden beschermd door een net, dat voor de kleine inham in het water is gespannen. Het net en de palen worden regelmatig gebruikt als rustplaats. De kolonie bij Sint Jansklooster is één van de grootste populaties van zwarte sterns in ons land …

Het was een feest om te zien hoe de al grote jongen werden gevoerd door de ouders. Maar aan alle feestjes komt een eind. Het werd tijd om de terugreis langzamerhand te aanvaarden. Langs de rietkraag van een van eilandjes in het meer varend, passeerden we in rustig tempo een zwanenfamilie met zeven meer of minder grijze jongen …

Een stuw met zelfbediening

Vanaf de Walengracht voeren we na enige tijd de Vaartsloot in. Daar werden we met niet te missen felgele borden gewaarschuwd voor een stuw met zelfbediening …

Op de oevers van de Vaartsloot wisselden bosschages, rietlanden en deels gemaaide hooilanden elkaar in gestaag tempo af …

Na enige tijd doemde aan het eind van de Vaartsloot de bedoelde stuw met zelfbediening voor ons op (Google Maps). Jetske stuurde de boot voorzichtig langs de beschoeiing, en legde de boot daar even stil. Snel nam ik de gebruiksaanwijzing in me op, waarna ik op de ‘stop-open-go knop’ drukte. De machinerie in de paal begon te ratelen, en de stuw begon langzaam naar beneden te zakken. Nadat eerst het rode en het groene licht even tegelijkertijd hadden gebrand, kregen we uiteindelijk groen licht …

Wil je nou precies weten waarom deze stuw en een stukje verderop een tweede exemplaar hier zijn geïnstalleerd, dan verwijs ik je naar het logje waarin Jetske hierover heeft geschreven: ‘Rietzanger, rietgors en een stoplicht in de Vaartsloot.’ Een tipje van de sluier: het Stroïnkgemaal speelt er een belangrijke rol bij.

Ik sluit vandaag af met een paar foto’s van een jonge boerenzwaluw, die zich in evenwicht probeerde te houden op een in de wind heen en weer wiegende rietpluim …

De Wieden in

Nadat we half juni voor het eerst samen een dagje op fiets en iLark op pad waren geweest, maakten fotomaatje Jetske en ik op de laatste dag van de record warme maand juni voor het eerst sinds 2016 weer eens een vaartocht door de Wieden. Rond 10:45 uur gooiden we de trossen los …

Ik kreeg een plekje in het midden van de boot toegewezen, waarna Jetske de motor startte. Jetske, die in haar tienerjaren als het zo uitkwam al als stuurvrouw aan het roer van een rondvaartboot stond, kent de wateren in de Weerribben en de Wieden op haar duimpje. Het voordeel daarvan is, dat ze me met dit vaartochtje weer langs mooie, hier en daar onverwachte plekjes wist te voeren …

In rustig tempo tuften we de Wieden in. Nadat we een tegemoetkomende kano waren gepasseerd, doken we een stuk bos in. Daar zat o.a een jonge spreeuw in een boomtop. Eenmaal aan de andere kant van de bosschages voeren we na enige tijd onder een bruggetje door het lintdorp Dwarsgracht binnen …

Roze en gele waterlelies

Op een van de warmste dagen in juni ben ik ’s ochtends al mooi op tijd op pad gegaan voor een ritje door het bos. Bij twee vennetjes heb ik een tussenstop gemaakt om zittend op een bankje in de schaduw te genieten van de rust en het geluid van omringende vogels …

Waterlelies zijn geen ongewoon verschijnsel in dergelijke vennetjes. Zo mooi roze als de waterlelies in één van de vennetjes waren, had ik ze hier nog niet eerder gezien …

Op nog geen 300 meter van het bovenstaande vennetje dreven er op het wateroppervlak van een ander vennetje gele waterlelies …

Kikkerconcert bij het Witte Meer

De gele lis in onze tuin laat het dit jaar helaas afweten. Misschien moeten we hem eens terugbrengen naar de ingegraven emmer, waar we hem jaren geleden eens hebben geplant. Gaandeweg de tijd is hij stukje bij beetje uit die emmer ontsnapt, en heeft hij wortel geschoten in drogere grond. Bij het Witte Meer trof ik dit goedmakertje aan …

Ook zag ik tijdens mij gang over het vlonderpad een kikker op een stuk hout in het water zitten. Hij liet voorbeeldig zijn profiel zien. Hij was mooi, maar stil …

Dat geldt niet voor vele tientallen van zijn soortgenoten die elders in het meertje lagen te kwaken dat het een lieve lust was …

Een mooie middenberm

Nadat we ter hoogte van de Lippenhuisterbrug wat libellen hadden gefotografeerd, vervolgden Jetske en ik onze weg in zuidelijke richting over de Ald Hearrewei. Die Ald Hearrewei (vertaald: Oude Herenweg) bestaat uit weinig meer dan een eeuwenoud zandpad en een schelpenpad voor fietsers. Het pad krijgt zijn charme van een mooie kruidenrijke middenberm, die van noord naar zuid vol bloemen staat …

Links en rechts omgeven door struikgewas voert het pad dwars over de Liphústerheide. Bij een klein vennetje naast het pad, maakten we weer even tijd voor een tussenstop om wat foto’s te maken (Google Maps). Nadat we wat orchissen, kleine ratelaars en een paar passerende fietsers hadden gefotografeerd, konden we ook nog een glimp van een ringslang vastleggen …