Dansende bomen

Dirk publiceerde op zijn weblog deze week een foto van een paar verliefde bomen. Nu houd ik op zijn tijd wel van een geintje. Ik vond dat de bomen op Dirk zijn foto eigenlijk weinig verder kwamen dan onschuldig wat met blozende wangen tegen elkaar aan leunen. Het doet me aan de eerste ‘kealleleafde’ of ‘kalverliefde’ denken. Wel lief hoor, maar het stelt weinig voor en erg lang duurt het vaak niet …


Maar ze deden me wel denken aan een paar andere bomen. Het was maart 2006, toen ik dit stel ergens langs de Beakendyk in het bos tussen Siegerswoude en Bakkeveen zag staan. Ik was meteen gefascineerd door dit koppel. Innig verstrengeld stonden ze daar vlak naast het fietspad. Nadat ik deze fotoserie van ze had gemaakt, vervolgde ik mijn wandeling. Ik was nog maar nauwelijks op weg, of er liep een rilling over mijn rug. Ik wendde mijn hoofd nog eens in hun richting … ze leken echt te dansen …

Ze waren in 2006 duidelijk al op leeftijd. Weer, wind en natuur knaagden al flink aan hun bestaan als stel. Ik weet waar ze 17 jaar geleden ongeveer stonden. Zouden ze er nog steeds staan? Ik vrees het ergste, maar misschien ga ik binnenkort ter plekke eens op verkenning …

Besjes met druppels

Een klein gaatje in het wolkendek was genoeg om het buitenkerststuk, dat nog steeds fris groen en rood op een terrastafeltje staat te pronken, even subtiel in het zonnetje te zetten …


Omdat ik op dat moment toevallig buiten was, kostte het weinig moeite om er even een paar foto’s van te maken. Genoeg kleur om even het grijze weerbeeld te doorbreken …

Elfenbankjes in de tuin

In maart 2021 heb ik een paar delen van de pas uitgedunde hazelaar in de tuin gelegd. Op het stuk stam dat sindsdien achter in de tuin vlak naast het paadje ligt, ontdekte ik op 19 oktober 2022 een elfenbankje. Toen ik er een foto van maakte, zag ik dat het niet bij dat ene elfenbankje leek te zullen blijven …


Ik besloot het in de gaten te houden en daarbij kwam ik niet bedrogen uit. In rap tempo verschenen er meer en meer elfenbankjes op de stam …

De onderstaande foto is de laatste die ik er vorig jaar van heb gemaakt, deze foto dateert van 22 december. Sindsdien heeft de ontwikkeling allerminst stil gestaan. Vanaf half januari heb ik de macrolens er een aantal keren op los gelaten. Ik kom hier binnenkort op terug …

Het rondje voltooid

Ik pak de draad van het verhaal nog een keer op bij de wirwar van wortels en mossen naast het vlonderpad dat door een moerasachtig deel van De Deelen voert. Mossen zijn een belangrijke schakel in ecosystemen: ze produceren zuurstof, beschermen tegen erosie, scheppen een gunstig microklimaat voor het ontkiemen van allerlei soorten zaden en vruchten en bieden leefruimten aan vele kleine insecten …


Ook de mens heeft in de loop der jaren veel gebruik gemaakt van mossen voor o.a. brandstof, vloerbedekking, matrasvullingen, isolatiemateriaal en tegenwoordig ook de bloemsierkunst. Van dichtbij bekeken zijn het vaak verrassend mooie plantjes, maar ik kon er hier niet dicht genoeg bij komen voor een paar mooie macrofoto’s …

Nog even over het laatste deel van het vlonderpad en een stukje door het struikgewas, daarna kwam ik weer uit op de parkeerplaats. Maar dan wel aan de andere kant van de parkeerplaats. Bij Staatsbosbeheer gaat men er kennelijk van uit dat alle wandelaars aan deze kant beginnen. Hier staat namelijk een informatiebordje over het drijvende vlonderpad en over ‘de wonderlijke wereld van mos’. Als ik het had geweten, was ik aan deze kant begonnen …

Het was in ieder geval een prima ervaring en een aangenaam weerzien met De Deelen. Onderweg naar de auto aan de andere kant van de parkeerplaats hield ik nog even halt bij het tweede petgat. In de verte ligt het drijvende vlonderpad …

Ik sluit af met een dromerige weerspiegeling van het bruggetje drijvende vlonderpad en de bomen aan het eind van het petgat. Ik denk, dat ik hier in de loop van het jaar nog wel een paar keer een kuier zal maken …

Mossen en varens

Nadat ik het bruggetje achter me had gelaten, had ik weer enige tijd vaste grond onder mijn voeten, zoals dat bij de meeste paden gebruikelijk is. Al snel werd het het pad echter vervangen door een vlonderpad dat er al jaren ligt …


Dat is op zich geen probleem, maar echt breed is dat vlonderpad niet. Ik loop dan wel een stuk stabieler dan een halfjaar geleden, maar op een pad van drie planken breed voel ik me toch niet echt op mijn gemak. En dat werd er niet beter op, toen ik halverwege het eerste deel van het pad, (foto linksonder) achter me meerdere keren het langgerekte ‘kieuwww … kieuwww’ van de buizerd hoorde. Ik bleef even staan en draaide me voorzichtig om. Er cirkelden twee buizerds boven me. Vlak voordat ik er een foto van kon maken, naderde er vanaf de andere kant een wandelaar. “Moai no …,” zei hij. Gelukkig kon ik me vasthouden aan een berkje langs het pad, terwijl we langs elkaar schuifelden …

Het vlonderpad, dat uit meerdere delen bestaat, voert door een moerasachtig deel van het gebied. Het is een plek waar vooral varens en diverse mossen het goed doen …

De wortels van struikgewas dat gewend is het de voeten in het water te staan vormen in drogere tijden mooie plekjes waar mossen zich kunnen vestigen …

Ik sluit dit deel vandaag af met een klein natuurlijk stilleven. Morgen bereiken we het eindpunt …


wordt vervolgd

Terugblik augustus 2022

Op de eerste augustusdag reikte het kwik tot een bescheiden 20,1°C, en dat was ook meteen de laagste maximumtemperatuur van de maand. Daarna volgden er al snel drie warme tot zeer warme perioden in de rest van de maand. Op het warmst van de dag was het vaak alleen voor vliegen goed vertoeven op het terras …


De sporen van warmte en droogte waren al snel goed te zien aan de varens. Daar stond tegenover dat het een uitstekende zomer was voor de druiven. “Zo heb elk nadeel zijn voordeel,” zou de grote JC gezegd hebben. De dieren in de tuin gingen ieder op hun eigen wijze met de warmte om. Een houtpantserjuffer die regelmatig even langs kwam, hing graag wat in de schaduw aan de restanten van de uitgebloeide irissen. Voor de vogels stond er iedere dag een goed gevuld bad met fris water klaar, en daar werd volop gebruik van gemaakt door merels, mussen en diverse mezen …

Wanneer de warmte ’s ochtends vroeg nog goed te doen was en mijn benen over enige draagkracht beschikten, maakte ik nog wel eens een ritje naar de Jan Durkspolder. Vaak blies er dan nog wel een verkoelend briesje door de geopende kijkluikjes van de grote vogelkijkhut. Zo kon ik daar o.a. een mooie fotoserie maken van een foeragerend witgatje. De mooie paardenbijter was een verjaardagscadeautje dat ik bij de Leijen mocht uitpakken …

Het is al gezegd, en iedereen zal het ook nog weten: augustus 2022 was warm, erg warm en droog. Ik heb 31 warme dagen kunnen noteren (max. temperatuur 20°C of hoger), daarnaast waren er 12 zomerse dagen (over de periode 1971-2000 waren dat er gemiddeld 6). Augustus telde 4 tropische dagen (over de periode 1971-2000 was dat er gemiddeld 1). In ons tuintje ben ik met een gemiddelde van 20,4°C nog net wat hoger uitgekomen dan de 20,0°C bij het KNMI in De Bilt. Daar staat dan weer tegenover dat we hier met slechts 11 mm regen minder neerslag hebben gehad dan landelijk …

Terugblik juli 2022

Naar mate de tijd verstreek kwam de zomer steviger in het zadel te zitten. De maand juli begon nog redelijk koel, maar in de tweede helft van de maand liepen de temperaturen snel op. Op het terras werd het al regelmatig te warm en bloemen in de tuin zoals de sierui waren maar enkele dagen mooi voordat ze begonnen te verwelken …


Behalve dat ik enkele keren een ritje naar de ijsvogels heb gemaakt, heb ik vanaf half juli mijn bezigheden vooral binnenshuis gezocht. Zelfs de lammeren dartelden niet meer fris en vrolijk door de wei, ze zochten al vroeg op de dag schaduwplekjes op. Ik was blij om op een dag een bijzon te zien, want dat is vaak een teken van een weersverandering. Nadat het weerstation op 19 juli de historische waarde van 35,6°C registreerde, viel er op de dagen daarna gelukkig ca. 20 mm regen en daalden de temperaturen naar normale waarden …

Drie tropische dagen op rij met als uitschieter de 35,6°C waren wat mij betreft wat teveel van het goeie. Het probleem met dertigers is dat de warmte dan ook onafwendbaar het huis binnendringt, daar kon geen luchten meer tegenop. Zelfs een kunstgreep om de schuifpui ’s nachts deels open te houden, bracht geen verkoeling meer. En toch bleek de gemiddelde temperatuur uiteindelijk ‘slechts’ op een bescheiden 18,6°C uit te komen. Met gemiddeld over het land 23 mm neerslag was juli landelijk een zeer droge maand, wij hadden met 53 mm eigenlijk nog niks te klagen …