De tuin van OERRR

Nadat we enige tijd hadden staan genieten van de bloemen en de vlinders in de tuin van het eerste huisje aan de linkerkant, liepen we verder naar achteren in het bezoekerscentrum van Natuurmonumenten …

Bij een volgend huisje trok Jetske me mee naar rechts een tuintje in. ‘Tuin van OERRR’ las ik op een briefje aan de zijkant van de schuur achter het huisje. Een pijl verwees ons naar de achterkant. Daar lag de tuin van OERRR. Op de website van Natuurmonumenten lees ik over OERRR:

‘OERRR is overal: op straat, in de tuin en in het bos. OERRR is op avontuur gaan in de natuur en leren hoe jij de natuur en dieren kunt helpen. OERRR maakt van ieder kind een natuurbeschermer. OERRR is er voor kinderen van 2 t/m 12 jaar …’

Een hoge bi in de tuin

Toen we vorige week vrijdag door St. Jansklooster reden, zag ik deze prachtige hoge bi in de tuin van een typisch huis van de streek staan. Jetske had aan mijn ‘Kijk nou eens …’ genoeg om de auto even te parkeren. Die moest natuurlijk even op de foto. De bewoonster, die net naar buiten kwam, had daar geen enkel bezwaar tegen. Ze waren helemaal aan fotograferen gewend, vertelde ze lachend …

Een hoge bi is een vroeg type fiets met een heel groot voorwiel en een heel klein achterwiel. De hoge bi is ongeveer 150 jaar geleden ontworpen. De pedalen zijn bij een hoge bi direct aan de as van het voorwiel bevestigd. Om een redelijk verzet te krijgen moet het voorwiel groot zijn. De beenlengte van de berijder is daarbij de grens …

Dat is heel wat anders dan de moderne lichtgewicht fietsen van carbon, waarop Mathieu van der Poel, Remco Evenepoel en een handvol anderen vandaag in het Canadese Montreal strijden om het wereldkampioenschap wielrennen op de weg.

Naar it Swartfean

Op verkenning langs onbekende wegen en paden in de gemeente, kwam ik in augustus terecht op It Swartfean. Het is een pad tussen Drachten en de Leijen waar ik nog niet eerder was geweest. Op zich is dat ook niet zo gek, want het is niet meer dan een half verhard doodlopend pad waar maar enkele huizen langs staan …

Ergens halverwege het pad is een afslag naar rechts in de richting van het dorp Rottevalle. Ik besloot echter rechtdoor te gaan om te kijken wat er aan het eind van het doodlopende pad te zien is. Nadat het pad een stukje verderop een haakse bocht naar links had gemaakt, liep ik onder de hoogspanningsleiding door, die 5 km zuidelijker langs ons huis loopt …

Aan het eind van het doodlopende pad stond een boerderij met zo te zien een half open stal. Daar wachtte me niet echt een warm welkom. In tegendeel, er stonden een paar bordjes die niks aan duidelijkheid te wensen lieten. Na een snelle blik aan de andere kant van de bosjes heb ik rechtsomkeert gemaakt…

Opnieuw kruiste ik de hoogspanningsleiding, nu richtte ik de blik naar het noorden. Halverwege het pad nam ik ditmaal de afslag naar links in de richting van Rottevalle. Daar heet het pad De Bosk …

– wordt vervolgd

’t Laatste skûtsje is weer thuis

Het skûtsje De Roerdomp werd uiteindelijk teruggevonden in Zuid Frankrijk. Tijdens een vakantie in Spanje scrolde Douwe Tadema uit Twijzel, op zoek naar verloren skûtsjes, wat door Google Streetview. In een kanaaltje in Narbonne zag hij een schip dat verdacht veel weg had van een skûtsje. Door in te zoomen kon hij nét het unieke registratienummer lezen. Dat nummer bleek later exact overeen te komen met dat van De Roerdomp …

De eigenaar, de Fransman Eric Weller, had het schip omgebouwd tot woonschip en was er zeer aan gehecht. Verkopen wilde hij niet, maar een ruil zag hij wel zitten. Douwe Tadema en zijn broer Geale (beiden nauw betrokken bij het skûtsjesilen en verbonden aan It Doarp Eastermar) vonden uiteindelijk een geschikte aak. Ze knapten die volledig op en maakten zo de deal rond. Weller heeft het schip zelf terug gevaren naar Frankrijk, een tocht door maar liefst 247 sluizen …

Sinds kort ligt De Roerdomp weer in Drachten, op de werf waar hij meer dan negentig jaar geleden het water in ging. Het schip wordt volledig gestript en opnieuw opgebouwd om weer geschikt te worden voor de wedstrijdzeilerij. Volgens kenners is de basis nog altijd uitzonderlijk goed: strak gebouwd, herkenbaar als een echte Bûtenstfallaatster en in opvallend gave staat …

Het zal me niks verbazen als dit straks een prijswinnend skûtsje wordt. Ik probeer het te volgen.

’t Laatste skûtsje

In 1933 werd bij de Drachtster scheepswerf Buitenstvallaat het laatste skûtsje gebouwd. Het skûtsje, dat de naam De Roerdomp kreeg, verdween na jarenlange omzwervingen in de jaren negentig uit beeld. Er werd echter wel regelmatig naar het schip uitgekeken. Allerlei geruchten deden de ronde, zelfs dat het ergens in Afrika zou liggen …

De Roerdomp is van grote waarde voor liefhebbers van skûtsjes, skûtsjesilen en Fries maritiem erfgoed. Het skûtsje neemt een bijzondere plaats in binnen de Friese skûtsjehistorie. Alle kennis en ervaring van de scheepsbouwers kwam uiteindelijk samen in dit ene schip, waardoor het onder liefhebbers bijna een legendarische status kreeg. En het is niet alleen het laatste skûtsje dat op de Drachtster werf werd gebouwd, het is ook het zusterschip van de huidige skûtsjes van Lemmer en Earnewâld …

Onlangs werd het skûtsje teruggevonden en is het teruggekeerd naar de werf waar het is gebouwd. Hoewel het schip, dat tegenwoordig de naam De Vier Gebroeders draagt, nauwelijks meer als skûtsje te herkennen is, heb ik begin augustus toch even een kijkje genomen bij de ruim 300 jaar oude werf …

Morgen meer over dit bijzondere skûtsje …

Het kerkhof is weer gemaaid

Half juli liet ik hier al een fotoserie zien van het kerkhof van Ald Beets op het moment dat het gras er hoog opgeschoten in volle bloei stond. Het paste perfect bij de oude, deels adellijke graven op …

Vorige week heb ik er weer eens een kijkje genomen. Aan het kortgeschoren gras was te zien dat er net flinke een maaibeurt had plaatsgevonden. Het kerkhof lag er weer een stuk strakker bij …

Maar als je dan eens goed om je heen kijkt, komen er ook heel lelijke dingen tevoorschijn. Wat te denken van het onderstel van de klokkenstoel bijvoorbeeld!? Daar schrok ik toch wel even van. Hopelijk wordt hier op niet te lange termijn werk van gemaakt om verdere achteruitgang te voorkomen …

Stijlloos

Rond 1920 vonden de nieuwe kunststromingen De Stijl en Dada hun weg naar Drachten. Dit kwam door een bijzondere vriendschap tussen architect en schilder Theo van Doesburg en twee broers uit Drachten: Evert en Thijs Rinsema. Sindsdien kun je op verschillende plaatsen in en rond Drachten verschillende sporen van de genoemde kunststromingen aantreffen …

Op enig moment werd het vroegere zusterhuis van Maartenswouden (instelling voor gehandicaptenzorg) aan de Eikesingel verbouwd tot Hostel Eethuis De Stijl. In de beginjaren zag het er nog wel aardig en representatief uit aan de westelijke entree van Drachten. Echt stijlvol was het hostel kennelijk niet, want het ging een jaar of later al failliet …

Jarenlang stond het pand daarna leeg. Ondanks het feit dat alle ramen en deuren waren dichtgespijkerd vonden sommige mensen zo nu en dan toch een weg naar binnen. Er is ingebroken, de kelder is al eens onder water gezet en er werden fikkies gestookt. Maar in juni is eindelijk de sloop begonnen en sinds vorige week ligt het gelukkig plat. In dit opzicht is Drachten weer stijlloos …

Hierna is het ernaast staande gebouw van de Rijks Pedagogische Academie – waar ik op heb gezeten – aan de beurt