Langs it Swynzerpaad

Aafje bleek al een stuk dichterbij te zijn dan ik had gedacht. Toen we elkaar tegenkwamen, stelde ik voor om samen nog even terug te lopen over het Swynzerpaad (kaartje OpenStreetMaps), dat slingerend door de natte weilanden gaat. Van mijn fotomaatje Jetske wist ik al: bij het hek ligt een brede greppel en een sloot waar eigenlijk altijd wel íets te zien is …

In de verte wees de kerktoren ons richting Easterlittens. Zo ver was Aafje dus niet gelopen, vertelde ze. Terwijl we daar stonden, waggelde er iets verderop een eend met zeven donkere, pluizige kuikens door het gras. Vanaf mijn lage standpunt zag ik ze ineens één voor één verdwijnen—alsof ze gewoon oplosten. Pas toen ik weer opstond, snapte ik het: ze waren in de greppel beland. Tijd voor hun eerste zwemles …

Achter ons kwamen ondertussen een paar zwanen rustig onze kant op drijven. Tegen de tijd dat ze dichtbij genoeg waren, zag ik al hoe laat het was: voorjaar in de kop. En niet alleen daar …

– maar goed, dat verhaal komt nog. Eerst de echte primeurtjes …

Twee werelden

Zo lang Jetske bij de palenrij in gesprek bleef hangen, zat ik eerste rang voor twee totaal verschillende voorstellingen. Aan de noordkant was het een en al enthousiasme: twee honden die een bal achterna zaten alsof hun leven ervan afhing, en een vrouw die ze met zichtbaar plezier bleef uitdagen …

De bal werd gegooid, gemist, veroverd en opnieuw gegooid. En dat alles met een inzet en uithoudingsvermogen waar menig topsporter jaloers op zou zijn …

Aan de zuidkant ging het er een stuk rustiger aan toe. Na het nodige gepriegel had de boer eindelijk het hek aan de overkant van de Seewei open gekregen. Hij reed naar de juiste akker en begon daar met zijn trekker kalm zijn lijnen over het land te trekken. Geen gehaast, geen gedoe – gewoon gestaag doorwerken – zoals we dat ook de rietsnijders hebben zien doen. Alsof dat soort mannen een stilzwijgende afspraak heeft met weer en wind …

Het contrast kon bijna niet groter: voor me het onverstoorbare geploeter, achter me het fanatieke spring- en smijtwerk. En ik zat er precies tussenin, op mijn bankje, en vond dat eigenlijk de beste plek van allemaal. Gratis vermaak aan twee kanten, je zou er bijna kaartjes voor gaan verkopen …

De dijk op

We besloten het over een andere boeg te gooien. Met de vogels viel het in deze hoek van Fryslân nogal tegen, maar dat hoefde de dag niet te bederven. Ik stelde voor om naar het amper tien kilometer verderop gelegen Peazens-Moddergat te rijden, om daar te genieten van het landschap en de zeelucht …

Peazens-Moddergat is eigenlijk bij elk weertype de moeite waard. Alleen dat ene nadeel — twee keer die hoge, steile zeedijk over — hoort er nu eenmaal bij. Geen gemopper, ik had het tenslotte zelf voorgesteld. Dus stapte ik fier achter Jetske aan, langs het hek. We hadden ook via de trap verderop in het dorp kunnen lopen, maar dat was bijna honderdvijftig meter omlopen, en dat zou mijn onderdanen misschien niet in dank afnemen.

Eenmaal op de kruin van de dijk waaide de zilte zeelucht ons zachtjes tegemoet. Voor ons lag het weidse Wad, stil en glinsterend, met in de verte Schiermonnikoog als een vage streep aan de horizon. Jetske had de vaart erin; ze tilde haar cameratas al over het hek halverwege de dijk toen ik nog stond te genieten van het uitzicht …

Morgen meer van dit moois

De eerste kieviten

Bij de vogelkijkhut in de Jan Durkspolder was weinig te beleven, daarom ben ik vrijwel meteen doorgereden naar de Hooiweg aan de andere kant van Earnewâld. Bij een langzaam uit elkaar vallend hek van It Fryske Gea zette ik de auto even half in de berm om mijn medicijnen te nemen en een stukje koek te eten …

Na enige tijd zag ik verderop een kievit neerstrijken. Toen ik even later dichterbij kwam, zag ik dat het er zelfs twee waren. Het vrouwtje deed alsof ze aan het broeden was. Daar geloofde ik echter niks van, zo dicht bij de weg. Niet veel later vlogen ze allebei op om hun heil ergens anders te zoeken. Maar mijn eerste kievit van het jaar was weer binnen …

Hang- en sluitwerk

Het troosteloze koude en grijze weer en de voortslepende vermoeidheid van lijf en leden weerhouden me er nog steeds van om de natuur weer eens in te gaan. Daarom heb ik ook voor vandaag maar weer een paar toepasselijke foto’s uit het archief tevoorschijn gehaald …

Dit kapotte houten hek en een verroest hek van metaal hebben het ook niet makkelijk. Ze zijn provisorisch samengebonden met pakjestouw om het weiland af te kunnen sluiten.

Samen staan ze wel ongeveer voor de staat van mijn lichaam en geest, aangetast en traag. Maar ik heb één voordeel, ik word nog niet met touwtjes bij elkaar gehouden …

Reaklif – schitterend uitzicht

Het wordt tijd om eerst weer afscheid te nemen van Reaklif. Hoe kan ik dat nou beter doen met een laatste blik op de die dag af en toe bijna magisch mooie schitteringen …

Eerst een paar foto’s van het silhouet van het lange hek dat er langs de weg staat. En dan nog even genieten van die prachtige schitteringen en het zicht over het IJsselmeer. Het was zo helder dat de skyline van Noord-Holland in de verte te zien was …

Voorlopig einde, maar ik kom hier zeker nog eens terug.