Lakenvelders bij Smalle Ee

Vorig weekend werd rond Drachten de 5e editie van de Turfrace georganiseerd. Twee dagen lang voeren skûtsjes en pramen door de wateren en dorpen van de gemeente Smallingerland. Ter voorbereiding daarop maakte ik donderdagmiddag op de Joiny even een verkenningsritje langs de route die vrijdagmiddag zou worden gevaren ,,,

Ik hoopte ze drie keer te zien passeren, achtereenvolgens bij de Smalle Eesterzanding (linksboven), bij Buitenstvallaat (rechtsboven) en bij de Pijpbrug in Drachten. Onderweg passeerde ik Smalle Ee, met ca. 45 inwoners het kleinste dorp van de gemeente Smallingerland, dat intussen bijna aan Drachten vast gegroeid zit …

Een boer in Smalle Ee heeft zich gespecialiseerd in Lakenvelders. De Lakenvelder is een bijzonder runderras. De dieren zijn meestal roodbruin, maar ook de zwarte uitvoering komt voor. De lakenvelder is herkenbaar aan de witte band tussen de voor- en achterpoten om de buik en rug. Een paar van de jonge dieren liepen vorige week simultaan grazend in een weiland bij het strandje van Smalle Ee …

Als ik hier langs kom en de dieren staan in de wei, dan maak ik toch wel regelmatig even een korte stop. Ook ditmaal heb ik een tijdje rustig aan de kant van het weiland staan genieten van deze mooie runderen, voordat ik de terugweg naar huis aanvaardde …

Schaduw genoeg, maar niet overal

Nadat ik wat foto’s had gemaakt vanaf het bruggetje over het Verbindingskanaal en van het werk van de boer, vervolgden we ons tochtje in zuidelijke richting …

In het lommerrijke gebied ten zuiden van Drachten zijn rond veel weilanden schaduwrijke plekjes te vinden. Deze koeien tussen Drachten en Olterterp hadden de pech om in deze warme periode in een weiland te staan waar aan weerszijden geen bomen staan …

Voor hen was er geen andere optie dan maar zo weinig mogelijk te doen door in de buurt van de op zonne-energie aangedreven waterpomp te gaan liggen. Het moest niet mogen …

De muis piepte er tussenuit

Wat vooraf ging

Terwijl ik naar de andere kant van het aan de pergola hangende zaadblok liep, stond Aafje voor het raam iets te gebaren van ‘Hoeft niet meer, hij is al weg …’ Ze had kennelijk nog steeds niet door dat er niet één, maar twee muizen hadden gezeten …

Ik had de camera net op tijd in de aanslag, toen ook de tweede muis er als een haas vandoor ging. Hij wurmde zich uit het kooitje en klom daarna pijlsnel naar boven …

Eenmaal bovenop de pergola, sprintte hij in de richting van de klimop tegen de schutting. Daar ergens was ook de eerste muis al uit het zicht verdwenen …

Nadat we het vetblok hadden weggehaald, hebben we ze niet weer gezien.

Hé, een muis … nee, ’t zijn er 2

Tegen het eind van de middag zat ik in mijn hoekje achter de computer, toen Aafje plotseling zei: ‘Kijk nou eens, er loopt een muis over de pergola en hij gaat op het vetblok zitten …’

Nadat ik door het raam naar buiten had gekeken, pakte ik mijn camera om naar buiten te lopen. Nadat ik de achterdeur voorzichtig had geopend, zag ik dat er niet één, maar twee muizen achter het traliewerk rond het vetblok voor de vogels zaten …

Nadat ik een klein stapje naar voren had gezet, zag ik dat één van de muizen er aan de andere kant van het kooitje vandoor ging …

Dat was voor mij het sein om maar eens een kijkje aan de andere kant te nemen …

Twee werelden

Zo lang Jetske bij de palenrij in gesprek bleef hangen, zat ik eerste rang voor twee totaal verschillende voorstellingen. Aan de noordkant was het een en al enthousiasme: twee honden die een bal achterna zaten alsof hun leven ervan afhing, en een vrouw die ze met zichtbaar plezier bleef uitdagen …

De bal werd gegooid, gemist, veroverd en opnieuw gegooid. En dat alles met een inzet en uithoudingsvermogen waar menig topsporter jaloers op zou zijn …

Aan de zuidkant ging het er een stuk rustiger aan toe. Na het nodige gepriegel had de boer eindelijk het hek aan de overkant van de Seewei open gekregen. Hij reed naar de juiste akker en begon daar met zijn trekker kalm zijn lijnen over het land te trekken. Geen gehaast, geen gedoe – gewoon gestaag doorwerken – zoals we dat ook de rietsnijders hebben zien doen. Alsof dat soort mannen een stilzwijgende afspraak heeft met weer en wind …

Het contrast kon bijna niet groter: voor me het onverstoorbare geploeter, achter me het fanatieke spring- en smijtwerk. En ik zat er precies tussenin, op mijn bankje, en vond dat eigenlijk de beste plek van allemaal. Gratis vermaak aan twee kanten, je zou er bijna kaartjes voor gaan verkopen …

De labrador en de vrouw

Aan de andere kant van de dijk daalden we langzaam weer af. Aan de voet van de dijk gingen onze wegen uiteen. Jetske liep meteen door naar het begin van de oude palenrij. Zelf liep ik eerst een stukje parallel aan de palenrij over het deels verharde paadje. Het heldere weer maakte dat Schiermonnikoog duidelijk afgetekend stond tegen de horizon. Net als de veerboot, die onderweg was van Schiermonnikoog naar Lauwersoog …

De belangrijkste attractie van Peazens-Moddergat is voor mij al jarenlang de oude palenrij, die zich ruim 400 uitstrekt in het Wad. Terwijl ik mijn ogen en mijn camera langs de palenrij liet gaan, verscheen er op een bepaald moment een zwarte hond in beeld. Zo te zien was het een labrador, een mooie gitzwarte labrador-retriever met de Friese vlag aan zijn tuigje. Aan een lange lijn volgde er op enige afstand een vrouw die goed kleurde bij de hond. Samen verdwenen ze in de verte …

Voor mij was dat het sein om me weer eens wat dichter bij de oude palenrij te wagen …

Een ooievaar en een ree

Na het treffen met het ree en de reebok bij de Legauke vervolgde ik mijn weg in de richting van Oudega en de Jan Durkspolder. De eerste reeën van die dag hadden me verrast op een plek waar ik nog niet eerder een ree had gezien.

Een kwartiertje later reed ik rustig over de Westersânning bij Oudega. Hier had ik in het verleden al vaak reeën getroffen. Deze keer zag ik er na lange tijd rechts van de weg eindelijk weer eens een ree in het weiland staan. Even verderop foerageerde een ooievaar, alsof het landschap die ochtend nog wat extra rust had meegekregen …

Omdat de dieren op flinke afstand stonden en de wind gunstig was, kon ik de auto een stukje achteruit zetten zonder ze te verstoren. Zo had ik een beter zicht.. Dat leverde de onderstaande serie op. Ik had er nog veel meer foto’s van kunnen maken, want ze maakten geen enkele aanstalten om zich te laten afleiden. Het landschap vertelde verder weer zijn eigen verhaal …

Daarmee was het gemis aan reeën eerst weer even gecompenseerd.