Lakenvelders en spreeuwen

Bij Smalle Ee staat nog een mooie oude keuterboerderij. De boer werkt er ook nog met materieel dat afkomstig is uit de jaren 60 en 70, schat ik. Ik zal daar binnen kort nog wel eens wat van laten zien. Op de foto hieronder is de boer aan het wiersen met een oude acrobaat hooihark achter de trekker. Het hooi wordt daarmee in lange rechte rijen bijeen geharkt …

Maar daar wil ik het nu verder niet over hebben. Deze boer houdt lakenvelders, die ik hier ook wel vaker heb getoond. Aan de andere kant van de weg lag op dat moment een aantal lakenvelders genoeglijk in de zon te herkauwen. Daarbij viel me iets op. Een aantal van de runderen had bezoek van een spreeuw, die vlak vóór of op de kop van de koe zat. Ik heb wel eens gezien dat kauwtjes en eksters in het voorjaar op een schaap of een pony gaan zitten om er nesthaar te verzamelen. Het gedrag van deze spreeuwen eind augustus is nieuw voor me …

Lakenvelders bij Smalle Ee

Vorig weekend werd rond Drachten de 5e editie van de Turfrace georganiseerd. Twee dagen lang voeren skûtsjes en pramen door de wateren en dorpen van de gemeente Smallingerland. Ter voorbereiding daarop maakte ik donderdagmiddag op de Joiny even een verkenningsritje langs de route die vrijdagmiddag zou worden gevaren ,,,

Ik hoopte ze drie keer te zien passeren, achtereenvolgens bij de Smalle Eesterzanding (linksboven), bij Buitenstvallaat (rechtsboven) en bij de Pijpbrug in Drachten. Onderweg passeerde ik Smalle Ee, met ca. 45 inwoners het kleinste dorp van de gemeente Smallingerland, dat intussen bijna aan Drachten vast gegroeid zit …

Een boer in Smalle Ee heeft zich gespecialiseerd in Lakenvelders. De Lakenvelder is een bijzonder runderras. De dieren zijn meestal roodbruin, maar ook de zwarte uitvoering komt voor. De lakenvelder is herkenbaar aan de witte band tussen de voor- en achterpoten om de buik en rug. Een paar van de jonge dieren liepen vorige week simultaan grazend in een weiland bij het strandje van Smalle Ee …

Als ik hier langs kom en de dieren staan in de wei, dan maak ik toch wel regelmatig even een korte stop. Ook ditmaal heb ik een tijdje rustig aan de kant van het weiland staan genieten van deze mooie runderen, voordat ik de terugweg naar huis aanvaardde …

Pinksterbloemen in ’t groen

Als we het hebben over velden vol voorjaarsbloeiers, dan mag de pinksterbloem niet ontbreken …

Hoewel het komend weekend pas Pinksteren is, hebben de meeste pinksterbloemen hun hoogtepunt al in eind april – begin mei gehad. En dat is meestal het geval. Een mogelijke alternatieve verklaring voor de naam is dat de pinksterbloem bloeit als de pinken (jonge koeien van een jaar oud) voor het eerst de weide in gaan. Hoe dan ook, ik houd van die mooie lila tot roze kleurige bloemen met paarse aders. In fel zonlicht lijken ze soms wit van kleur te zijn ….

Ruziënde meerkoeten

We stonden net op het punt om de grote grutto in het land van boer Bote achter ons te laten, toen ik zag dat er een paar meerkoeten achter elkaar aan begonnen te jagen. Omdat ik toch nog ter plekke was, heb ik er nog maar even een kleine fotoserie van gemaakt …

Daarmee komt er een eind aan deze 12-delige serie over de dag die begon in de kerk van Wiuwert met zijn raadselachtige mummies en die eindigde bij het gruttoland van boer Bote in Tjerkwerd …

Met dank aan mijn fotomaatje was het weer een mooie dag.

Langs een broedende meerkoet

Op weg naar de vogelkijkhut bij Skrok had ik gezien, dat er aan de overkant van de sloot langs het Swynzerpaad een meerkoet op een nest zat, Toen we er op de terugweg weer langs kwamen, vroeg ik Jetske om er even voorzichtig te stoppen …

De auto stond nog maar nauwelijks stil of de meerkoet ging er als een speer vandoor. Ik had van een anders zo felle meerkoet eerlijk gezegd wel wat meer vechtgedrag dan vluchtgedrag verwacht. Dat zat er echter niet in. Omdat de eieren nu onbeschermd en afkoelend in het nest lagen, zijn we meteen na het maken van deze foto’s doorgereden naar onze volgende bestemming …

Langs it Swynzerpaad

Aafje bleek al een stuk dichterbij te zijn dan ik had gedacht. Toen we elkaar tegenkwamen, stelde ik voor om samen nog even terug te lopen over het Swynzerpaad (kaartje OpenStreetMaps), dat slingerend door de natte weilanden gaat. Van mijn fotomaatje Jetske wist ik al: bij het hek ligt een brede greppel en een sloot waar eigenlijk altijd wel íets te zien is …

In de verte wees de kerktoren ons richting Easterlittens. Zo ver was Aafje dus niet gelopen, vertelde ze. Terwijl we daar stonden, waggelde er iets verderop een eend met zeven donkere, pluizige kuikens door het gras. Vanaf mijn lage standpunt zag ik ze ineens één voor één verdwijnen—alsof ze gewoon oplosten. Pas toen ik weer opstond, snapte ik het: ze waren in de greppel beland. Tijd voor hun eerste zwemles …

Achter ons kwamen ondertussen een paar zwanen rustig onze kant op drijven. Tegen de tijd dat ze dichtbij genoeg waren, zag ik al hoe laat het was: voorjaar in de kop. En niet alleen daar …

– maar goed, dat verhaal komt nog. Eerst de echte primeurtjes …