Zomer aan de Leijen

Een telefoontje komt onderweg maar zelden gelegen. A belde vorige week precies op het juiste moment, ik was net uit de auto gestapt om een kuiertje te maken bij de Leijen. Terwijl ik vanaf het amper 10 meter verderop staande bankje zicht had op de trots van de Tike, hebben we enige tijd genoeglijk zitten bijpraten …

Daarna was het tijd om in beweging te komen en de korte kuier naar de vogelkijkhut ‘Blaustirns’ te maken …

Het paadje werd links en rechts omzoomd door een keur aan bloemen. De bloem van één van de gele lissen werd goed bewaakt door een soldaatje …

Het meertje lag er stil en verlaten bij. In één van de bomen midden in het water zat een aalscholver. Omdat hij net op het randje van het bereik van mijn camera zat, kon ik daar verder niet veel mee …

Een fuut dobberde rustig aan de kijkhut voorbij zonder mij ook maar een blik waardig te keuren. Een futendansje zoals twee jaar eerder op dezelfde plek, zat er helaas niet in. Saai, hoor …

Nog dichterbij was het wateroppervlak goeddeels bedekt met bloemen en bladeren van de waterlelie. Op het eerste gezicht een mooi beeld …

Als ik wat verder inzoom, ziet het er echter een stukje minder mooi uit. Het warme weer van de laatste weken is een katalysator voor algengroei. Het zal niet lang meer duren voordat de eerste zwemverboden i.v.m. blauwalg worden afgekondigd, vrees ik …

De aalscholvers worden weer mooi

Hoe het elders in den lande is, weet ik niet, maar hier in het noorden was het zonnige begin van februari van korte duur. Het is weliswaar nog altijd veel te zacht voor de tijd van het jaar, maar het is vooral weer net zo grijs als in januari. En dan komt deze voornamelijk uit grijstinten bestaande serie, die ik eind januari in de Jan Durkspolder heb gemaakt, toch nog weer goed van pas …

Tussen een verscheidenheid aan eenden leken de aalscholvers het die dag goed naar hun zin te hebben. Er werd wat gezwommen, er werd wat gewassen en gepoetst …

En natuurlijk werd het verendek voor zo ver mogelijk zorgvuldig gedroogd. Maar ik kreeg het idee, dat er toch vooral geshowd werd met het vroeg verschijnende voorjaarstenue. Zowel wangen en dijen als kruin en nek begonnen al mooi te kleuren …

Smalle Eesterzanding

Nadat ik wat plaatjes van het hekkelwerk had geschoten, heb ik gisteren een kort fotokuiertje gemaakt bij het strandje van Smalle Ee. Op mooie zomerdagen kom ik er liever niet, dan is het meestal te druk en te luidruchtig …

Buiten het zomerseizoen is het er echter vaak goed toeven. Het is een fijn plekje om even te zitten en wat over het zacht kabbelende water van de Smalle Eesterzanding te turen …

De palenrij biedt vrijwel dagelijks een rustplek voor diverse watervogels, zoals eenden, meeuwen en aalscholvers. Een van de aalscholvers wierp me vanaf zijn paal ’n hooghartige blik toe. Hij was me blijkbaar liever kwijt dan rijk …

Zon over de polder

’t Is om te janken … Kijkend naar de pluim lijkt zelfs lichte vorst er deze winter nauwelijks meer in te zetten, om over echt winterweer maar te zwijgen. En dat in de week waarin we hier in het noorden terugdenken aan de zware sneeuwstorm van 14 februari 1979. Het openbare leven in de provincies Fryslân, Groningen en Drenthe werd dagenlang ontregeld en het leger moest eraan te pas komen om wegen en spoorwegen vrij te maken …

Hoe anders is de situatie nu. In de tuin schieten sneeuwklokjes en krokussen de grond uit. Als het volgens de pluim dan toch geen winter meer wordt, laat dan het voorjaar ook maar komen …

De Jan Durkspolder biedt met wat zon een heel andere aanblik dan laatst met sneeuw en ijs. Het met pas geknotte wilgen omgeven betonnen pad naar de grote vogelkijkhut ligt er glinsterend bij …

Badend in het zonlicht ligt de plas er rustig bij. In de directe omgeving van de vogelkijkhut is geen vogel te zien …

En toch is er altijd leven op het water. Gebruik makend van de mogelijkheden van mijn camera is mooi te zien dat er aan de zuidkant o.a. aalscholvers, ganzen en grote aantallen smienten op het water dobberen …

Vogels en vlinders

Aan alles komt een eind, zo ook aan het zorgeloos zitten genieten van het uitzicht over de Jan Durkspolder. Maar gelukkig was de terugweg naar de auto ook allerminst saai of vervelend. Er viel nog genoeg te genieten onderweg, zoals van dit koppeltje eenden, dat zich met een aalscholver op de uitkijk uitgebreid zat op te poetsen …

Verderop dartelde een groepje vogels door het struikgewas. Een mooi gezicht, maar ze scheepten mij wel op met de vraag wat voor vogeltjes het zijn. Ik vermoed dat het vinken zijn, maar het kunnen net zo goed kepen zijn, die wat vroeg vanuit Scandinavië deze kant op zijn gekomen. Dat laatste heeft eerlijk gezegd mijn voorkeur. Maar er is vast wel een vogelaar onder de lezers die me hierbij kan helpen …

Intussen heeft Erica van ‘Mijn vogeltuin’ me ervan verzekerd dat het om de keep gaat. Dank daarvoor!

Er fladderden voor een oktoberdag ook erg veel vlinders in het rond. Ik heb onder andere een geaderd witje en een kleine  vuurvlinder gezien, maar de kleine vos was de enige die wel even wilde poseren …

Bijna weer terug bij de auto kreeg ik de bevestiging van mijn theorie dat je uiteindelijk ook vanaf deze kant van de Geau weer terecht komt bij dezelfde boer(in) …   😉

Even passeren …

Aan de voet van een dijkje in de Jan Durkspolder waren twee soepganzen op zoek naar voedsel. Daarbij werden ze gestoord door een aalscholver die plotseling uit de vaart opdook …

160108-1151x

Met de kop hooghartig in de nek deden de ganzen de aalscholver uitgeleide naar de overkant van het dijkje …

160108-1152x

Met nog wat parelende druppeltjes op zijn kop, ging de aalscholver aan de andere kant van het dijkje weer te water …

160108-1153x

De soepganzen hadden zich intussen weer omgedraaid om hun zoektocht naar voedsel voort te zetten alsof er niets gebeurd was …

160108-1157x