Terug naar de Blaustirns

In de zon en uit de wind werd het rond het middaguur flink warm op en rond het bankje aan de oostkant van het Weinterper Skar. Daarom stelde ik na verloop van tijd voor om voor het tweede deel van onze dag een wat frisser plekje op te zoeken. Na kort overleg besloten we weer eens een kijkje te nemen bij de vogelkijkhut de ‘Blaustirns’ op de oever van de Leijen bij Doktersheide …

Onderweg sprak ik het vermoeden uit dat de kijkhut best eens gesloten zou kunnen zijn i.v.m. het coronavirus. Eenmaal ter plekke bleek dat inderdaad het geval te zijn. Maar het hek naar het toegangspad stond open en dus besloten we in elk geval die kant even op te lopen. Ook al zouden we aan het eind van het vlonderpad alleen maar even van het uitzicht kunnen genieten …

Langs het pad konden we onze camera’s meteen weer laten klikken. Een uurtje eerder hadden we de echte koekoeksbloem voor de lens gehad, hier zorgde de dagkoekoeksbloem voor roze tinten tussen het riet. Slechts enkele meters verderop stond de gele lis. Hij zat ruim onder allerlei klein grut, zoals diverse vliegen en kevers. Wat daar op die rechter knop zit, kan ik niet goed thuis brengen. ’t Lijkt op een pas uitgeslopen libel, maar daarvoor is het volgens mij te klein. Kortom: wie het weet, mag ’t zeggen …

We vervolgden onze weg langs het rietveld waar het eerder dit jaar gemaaide riet weer frisgroen omhoog reikte. Langs de oever van de Leijen en rond de tweedelige boom waar de koekoek kort zat te roepen, was een mooi oud rietkraagje blijven staan …

Uiteindelijk bereikten we het vlonderpad, we naderden ons doel. Nog een paar meter …, zodra we het bosje voorbij waren, zouden de hut in beeld krijgen …

– wordt vervolgd –

Rietsnijders in de verte

Gisteren vertelde ik hier wat over de eerste keer dat ik in het rietland van de Weerribben was. Sindsdien ben ik vooral in de periode januari – april talloze malen op ‘werkbezoek’ geweest bij de rietsnijders in die contreien. Dat is één van de zaken waarbij de coronacrisis zand in de machine heeft gestrooid …

Helemaal zonder rietsnijders hoef ik het echter niet te doen dit jaar. Toen ik onlangs was afgereisd naar de noordkant van de Rypstjerksterpolder (deze tongbreker mag wat mij betreft door niet-Friestaligen worden uitgesproken als Rijperkerkerpolder … 😉 ) om foto’s te maken van de eerste grutto’s, waren rietsnijders in de verte bezig met het snijden van het riet en het verbranden van de ruigte. Meer dan wat verre sfeerplaatjes zit er niet in dit jaar. Ik doe het ermee …

Kennismaking met het rietland

Het is weer woensdag en dat betekent, dat ik de dag weer begin met de stand van zaken in coronatijd. De social distancing maatregelen lijken langzaam maar zeker effect te krijgen. Hier in Fryslân is het de afgelopen weken op straat, in plantsoenen en in de natuur erg rustig. En de meeste mensen houden goed rekening met de afspraak om minstens anderhalve meter afstand van elkaar te houden. “Maar,” zo zei onze Premier in Crisistijd gisteravond, “we moeten dit volhouden …”

Als gevolg van de maatregelen lijkt er heel voorzichtig een zekere stabilisering in zicht te komen van het aantal mensen dat op de IC moet worden opgenomen. Na het opschalen van de IC en door meer capaciteit vrij te maken voor de overige coronapatiënten valt in de Friese ziekenhuizen alles langzaam maar zeker in de juiste plooien. Maar we zijn er nog niet! Om de instroom van patiënten behapbaar te houden voor het zwaar onder druk staande medisch en verzorgend personeel zullen we ons nog maandenlang en misschien wel langer aan social distancing moeten houden, vrees ik …

In normale tijden zou er vandaag weer een fijne fotokuier met mijn fotomaatje op het programma staan. Maar ja, zo lang niet bekend is of ze mogelijk een milde of asymptomatische vorm van corona bij zich draagt, houdt Jetske zich verre van mij. Het wachten is op de doorbraak van grootschalig testen, voordat daar enig zicht op komt. Daarom neem ik jullie vandaag mee op een eerdere fotokuier die Jetske en ik samen hebben gemaakt. Begin november 2006 nam Jetske me mee naar het rietland van haar zwager in de Weerribben …

Het was een prachtige dag met fotogenieke wolkenpartijen van voortdurend om ons heen trekkende buien. Zodra we uit de auto stapten, verscheen de eerste van vele regenbogen die dag. Tijdens de wandelingen werden we o.a. verrast door mooie oude molentjes en een paar ranke reeën in het rietland …

Tussen de bedrijven door vertelde Jetske die dag hoe ze al van jongs af aan regelmatig met haar vader – die rietsnijder was – het rietland in trok. In geuren en kleuren introduceerde ze begrippen als trilveen, snit en andere zaken waar ik in de loop der jaren nader kennis mee zou maken. Maar hoofdzaak was en bleef het fotograferen …

Ook die derde dag hebben we ons weer prima vermaakt. Wind, wolken en zon maakten het rietland een lust voor het oog. Voortdurend wisselden de in de wind wuivende rietpluimen van kleur en vorm …

Terwijl ik aan het eind van de middag huiswaarts reed, verscheen er al na enkele minuten weer een mooie regenboog. Voordat ik de snelweg op draaide, zette ik de auto nog even in de berm om ook deze regenboog nog even vast te leggen. Een regenboog aan het begin en aan het eind van de dag, hoe mooi wil je het hebben …

Lieve Jetske, fijn fotomaatje op afstand,

Het is mooi weer, en dus zal ik vandaag wel weer even ergens een kort fotokuiertje maken. Vele malen liever was ik weer eens even samen op pad gegaan, maar helaas …, jij en de vele andere zorgverleners binnen en buiten de ziekenhuizen staan nog steeds voor een immense klus. Aan jullie inzet en toewijding ligt het niet, dat weet ik zeker. Maar vooral het gebrek aan veilige beschermingsmiddelen voor jullie als zorgverleners blijft zorgelijk. Pas daarom de komende tijd behalve op jullie patiënten vooral ook goed op jezelf en elkaar. Werkze en heel veel sterkte de komende tijd! Blijf gezond!

De earrebarre is der wer

Hoewel het zicht bepaald niet optimaal was, kon ik al van ver te zien dat er een ooievaar op het paalnest langs de Bolderen ten noordoosten van Earnewâld stond. Die was knap vroeg terug, bedacht ik me, toen ik daar donderdag langs reed … Ik vervolgde mijn rondje om eens te zien of er in de buurt van de grote gaswinningslocatie dichter bij Earnewâld ook al ooievaars terug waren. Het was onvoorstelbaar, maar vrijwel alle paalnesten – en dat zijn er zeker een stuk of 10 – waren al bezet. Verder zwierven er in de omgeving enige ooievaars rond, die vooral in hooi- en rietlanden hun kostje bijeen probeerden te scharrelen. Kortom: de ooievaar is terug, oftewel in goed Fries: de earrebarre is der wer

 

Eén zwaluw maakt nog geen zomer, zo luidt het gezegde. Dat geldt naar alle waarschijnlijkheid ook voor de ooievaar, zo valt in de volgende alinea te lezen. Maar nu er al zoveel ooievaars terug zijn op hun thuisbasis, zou je zeggen dat het voorjaar nooit ver meer kan zijn. Dit temeer omdat een krachtige westelijke stroming alles wat maar even op winter lijkt in zo ongeveer heel Europa van de kaart veegt. In tegenstelling tot 2012 wijst tot dusver niets op serieus winterweer …

In 2012 heb ik de eerste ooievaar in deze omgeving al op 14 januari gesignaleerd, maar dat bleek bij nader inzien niet zo’n handige keuze van die eigenwijze eenling. Er was op dat moment voor de lange termijn mogelijk winterweer in het vooruitzicht gesteld. En dat bleek in dat geval ook echt uit te komen. Na twee maanden uitermate zacht winterweer kwam er eind januari een omslag. Van 30 januari t/m 8 februari was er sprake van de 33e officiële koudegolf in ons land sinds 1901. Een mogelijke Elfstedentocht op de schaats deed vele harten zelfs even sneller kloppen. Mijn volledige verslag met foto’s en grafieken over de betreffende winterperiode valt te zien en te lezen op: Weerbeeld februari 2012

 

Afscheid van een rietsnijder

Het zat er al een paar jaar aan te komen, maar dit najaar was het dan toch zo ver. Rietsnijder Klaas, die ik met tussenpozen al een jaar of 10 volg bij zijn werkzaamheden in ’t rietland in de Weerribben, is geen rietsnijder meer …

Sinds Jetske me een jaar of twaalf geleden kennis heeft laten maken met de rietcultuur, waarbij ze me ook voorstelde aan haar zwager Klaas, heb ik het werk in het riet jammer genoeg eigenlijk alleen maar achteruit zien gaan. Omdat Klaas eind 2009 op zoek was naar iemand die dat werk op video vast wilde leggen, zijn we overeengekomen dat ik daar wel een poging toe wilde wagen. Dat resulteerde na tweemaal een winter en voorjaar filmen in een film van een uur, waarop ik nog steeds wel trots ben. Maar eerlijk is eerlijk: zonder adviseur en hoofdrolspeler Klaas had ik hem niet kunnen maken. Hieronder zie je de trailer van ‘Werk in het Weerribbenriet’

Met het maken van die film ben ik in feite nog net op tijd geweest, want sindsdien is de situatie in Klaas zijn rietland snel neerwaarts gegaan. Van het boerenland dat bij Wetering West altijd grensde aan Klaas zijn rietland is niets meer overgebleven. Het gebied is veranderd in de grootste waterberging van de provincie Overijssel. In die nieuwe waterberging staat altijd water, en dat water drukt buiten de waterberging het grondwater in het aangrenzende rietland omhoog …

Wat de treurige gevolgen daarvan zijn, heb ik in 2016 al eens uitgebreid in woord en beeld getoond. Er viel werkelijk niet meer te werken. Belangstellende nieuwe volgers en andere geïnteresseerden verwijs ik graag naar een serie deerniswekkende logjes uit april 2016:

Help de rietsnijder verzuipt! (1)
Help de rietsnijder verzuipt! (2)
Waarom verzuipt de rietsnijder?
Daarom verzuipt de rietsnijder!

Er speelt echter meer. Misschien is het klimaatverandering, misschien is het stikstof … ik heb geen idee. Maar ik heb de rietoogst de laatste jaren ook duidelijk minder zien worden op verschillende percelen. Kortere stengels, minder pluim, toenemende verbossing, het zijn allemaal zaken waar de rietsnijder niet blij van wordt …

Tel daar teruglopende, of zelfs wegvallende subsidies bij, dan zal duidelijk zijn dat er klappen vallen in het rietland. Dat betekent niet alleen dat de rietcultuur verloren dreigt te gaan en dat er mensen brodeloos raken, maar vooral ook dat het kenmerkende landschap met de uitgestrekte rietvelden van het Nationaal Park Weerribben-Wieden verloren zal gaan …

Na een jarenlange strijd tegen de overheid is het Klaas gelukt om er met een compensatieregeling een punt achter te zetten. Dat betekent een zorg minder, maar het doet toch ook wel een beetje pijn. De Prikkepolder waar meerdere generaties van de familie als rietsnijder werkzaam zijn geweest, zal net als de aangrenzende weilanden onder water worden gezet …

Klaas, het ga je goed bij alles wat je vanaf nu doet. We treffen elkaar wel weer.
IJs en weder dienende hoop ik het werk in het riet de komende jaren zo af en toe elders nog eens wat te kunnen te volgen, want ik ben er nog niet op uitgekeken.

* met dank aan Jetske voor enig redactioneel werk.

Op pad met Tijmen

Onze kleinkinderen raakten al van jongs af aan vertrouwd met mijn camera. Het duurde dan ook niet lang voordat Tijmen –  de oudste van de twee – zelf ook foto’s wilde maken. Op zijn vijfde kreeg hij de beschikking over het eerste oude digitale cameraatje van zijn ouders. Vanaf dat moment maakten Tijmen en ik regelmatig samen een fotokuiertje wanneer hij bij ons logeerde …

augustus 2014 – met Tijmen in het Weinterper Skar

Ons eerste fotokuiertje bracht ons in augustus 2011 naar de dobbe in het Weinterper Skar. Daar maakten we aan de waterkant allebei foto’s met fraaie weerspiegelingen. En wat is er mooier om na gedane arbeid samen met je kleinzoon op een bankje in de natuur te zitten. Gezellig samen kletsen over ditjes en datjes en tot verrassing van Tijmen een selfie te maken m. b.v. de afstandsbediening …

In maart 2012 maakten we samen een fotokuiertje in de Jan Durkspolder. Samen wandelden we door het rietland. Tijmen maakte op die dag voor het eerst kennis met het begrip ‘vogelkijkhut’ …

Een halfjaar later wandelden we samen over smalle paadjes en wiebelende bruggetjes langs en over de petgaten in de Deelen. Op één van die bruggetjes nam Tijmen alle tijd om het onderwaterleven in een ondiep petgat te bestuderen …

In mei 2014 maakten we op één dag twee wat kortere kuiertjes. We begonnen in het rietland bij Earnewâld. Daar zag Tijmen voor het een rietsnijder aan het werk. Vooral het verbranden van de ruigte vond Tijmen een spannende aangelegenheid. Onze tweede bestemming was het prieeltje aan de rand van de Leijen bij De Tike …

Mei 2015 waren we voor het eerst samen in de Ecokathedraal bij Mildam. Dat was me toch een vreemde, spannende wereld, vond Tijmen. Maar of het nu ging om stenen of om vlinders, bij alles wat hij wilde fotograferen, ging hij voorzichtig en geconcentreerd te werk

Juli 2015 trokken we opnieuw samen door De Deelen. Dit werd een dag waarop we ons vooral richtten op vlinders, juffers en libellen. Ook daar wist Tijmen knappe plaatjes van te maken …

Omdat ik vanaf 2016 steeds meer geplaagd werd door buikklachten, maakte ik steeds minder en kortere kuiertjes. Daardoor kwam de klad in onze gezamenlijke fotokuiertjes. Wetend hoe snel de belangstelling van tieners zich kan verleggen, was ik er al min of meer vanuit gegaan dat onze gezamenlijke kuiertjes wel voorbij zouden zijn. Niets bleek echter minder waar te zijn …

oktober 2019 – samen op een bankje …

– wordt vervolgd –