Tussen winter en voorjaar

Maandagochtend ben ik na de koffie weer eens naar de Jan Durkspolder gereden. Er werd hard gewerkt door de rietsnijders, die hun overtollige ruigte aan het verbranden waren …


Ook langs de Geau (Google Maps) en langs het paadje naar de grote vogelkijkhut was weer hard gewerkt. De wilgen waren weer keurig geknot door vrijwilligers van It Fryske Gea


De plas in de polder lag er heerlijk rustig en dromerig bij. Het eerste wat me opviel, was dat de gele lissen voor de hut waren verwijderd. Er zwommen her en der wat zwanen, sommige daarvan leken voorzichtig het voorjaar in de kop te krijgen, maar daarover later meer …

Er zweefde een blauwe reiger voorbij en een stuk verderop in de richting van de molen maakte een grote zilverreiger op subtiele wijze een dansje in het water. Ook die grote zilverreiger komt een deze dagen nog eens uitgebreid in beeld …

Overvallen door een bui

Na de fotosessie met de dansende bomen had ik ongeveer een derde van de afstand naar de auto afgelegd, toen ik ter hoogte van het Alddjip (Google Maps) toch nog een paar minuten te vroeg werd overvallen door een pittige bui. Er restte me weinig anders dan de stap er even flink in te zetten. De laatste hagelstenen zakten op de voorruit naar beneden op het moment dat ik de auto bereikte …


Met een kleine omweg ben ik vervolgens huiswaarts gereden, zodat ik onderweg nog wat foto’s kon maken van de bui die ik net op mijn dak had gehad …

Maar eerlijk is eerlijk, daarbij ben ik wel tot de conclusie gekomen, dat ik de laatste jaren eigenlijk teveel een mooi-weer-fotograaf ben geworden. Dat was in de beginjaren van mijn blog wel anders, maar ja … tiden hawwe tiden

Tot de dood ze scheidt

Het restant van de tak die al voor 2006 van de dikke boom was afgebroken, wordt door de natuur gestaag verder afgebroken …


Waar ooit die dikke tak in zijn geheel aan de boom zat, zit nu een gapend gat …

De stomp van de tak die recenter is geamputeerd ziet er ook niet echt gezond uit. Daar lijkt zich een zwammenkolonie te hebben gevestigd. Hoewel ze er aan doen denken, lijken het geen elfenbankjes te zijn. Ze zien er in ieder geval heel anders uit dan de elfenbankjes in onze tuin. Over wat voor zwammen het wel zijn, geeft Obsidentify geen duidelijkheid …

Diverse bomen zoals o.a. de beuk hebben het momenteel zwaar in ons veranderende klimaat. Veel bomen redden het niet en beginnen vanaf de bovenkant langzaam af te brokkelen, andere bomen worden noodgedwongen gekapt om gevaarlijk situaties door vallende takken te voorkomen. Hoe het met deze twee ook verder gaat, het lijkt me duidelijk dat ze elkaar tot steun zullen blijven tot de dood hen scheidt …

Terug bij de dansende bomen

De boswandeling waarover ik eerder deze week schreef, moest me terugbrengen naar de dansende bomen die ik in maart 2006 heb gefotografeerd. Met mijn langetermijngeheugen is nog altijd niet zoveel mis, want hoewel ik er sindsdien niet meer was geweest, liep ik er zo weer naar toe …


Ze staan er dus nog. Maar de jaren hebben hun tol geëist. Dansen zoals ze dat 17 jaar geleden deden, zit er niet meer in. Na de amputatie van één van zijn ooit zo machtige armen, kan hij haar niet meer zwierig omhoog werpen om haar vervolgens weer stevig op te vangen …

Het is nu echt schuifelen geworden. Maar ze hebben elkaar nog. Iets minder verstrengeld dan 17 jaar geleden staan ze nog heel innig samen aan de Beakendyk (Google Maps)

Een buiige boswandeling

Aan het eind van de buiige ochtend besloot ik gebruik te maken van een drogere periode tussen twee buienfronten om even een frisse neus te halen …


Omdat het hard waaide, koos ik voor de beschutting van het bos. Via Siegerswoude reed ik naar het bos achter ‘de Slotpleats’ bij Bakkeveen. Ik was er al jarenlang niet meer geweest en ontdekte dat de parkeerplaats was verwijderd. Parkeren moest nu aan de kant van de weg …

Over het alleen voor voetgangers en fietsers doorgaande pad liep ik in de richting van het bos. Nadat ik het Koningsdiep of Alddjip (Google Maps) was overgestoken, bevond ik me aan de bosrand …

Voorbij het hekwerk liep ik rechtsaf over het fietspad het bos in. Het kon nooit lang meer duren, voordat ik mijn doel zou bereiken …

Elfenbankjes in de tuin (2)

Vorige week heb ik hier de elfenbankjes achter in onze tuin geïntroduceerd. In oktober verscheen er een eerste elfenbankje op het stuk boomstam van de hazelaar dat we speciaal met het oog op natuurlijke processen achter in de tuin hebben laten liggen. Sindsdien is het razendsnel gegaan, de onderstaande foto’s dateren van 13 t/m 17 januari. Intussen groeien er vele tientallen elfenbankjes op het stukje stam …


Ik neem regelmatig even een kijkje bij onze schimmelcultuur. Het is niet alleen boeiend om te zien hoe snel de elfenbankjes zich vermeerderen, maar vooral ook hoe de elfenbankjes er onder invloed van het weer steeds anders uitzien. Daarnaast probeer ik er steeds wat dichter op te kruipen en dat levert ook weer interessant materiaal op. Kortom: wordt binnenkort weer vervolgd …

Dansende bomen

Dirk publiceerde op zijn weblog deze week een foto van een paar verliefde bomen. Nu houd ik op zijn tijd wel van een geintje. Ik vond dat de bomen op Dirk zijn foto eigenlijk weinig verder kwamen dan onschuldig wat met blozende wangen tegen elkaar aan leunen. Het doet me aan de eerste ‘kealleleafde’ of ‘kalverliefde’ denken. Wel lief hoor, maar het stelt weinig voor en erg lang duurt het vaak niet …


Maar ze deden me wel denken aan een paar andere bomen. Het was maart 2006, toen ik dit stel ergens langs de Beakendyk in het bos tussen Siegerswoude en Bakkeveen zag staan. Ik was meteen gefascineerd door dit koppel. Innig verstrengeld stonden ze daar vlak naast het fietspad. Nadat ik deze fotoserie van ze had gemaakt, vervolgde ik mijn wandeling. Ik was nog maar nauwelijks op weg, of er liep een rilling over mijn rug. Ik wendde mijn hoofd nog eens in hun richting … ze leken echt te dansen …

Ze waren in 2006 duidelijk al op leeftijd. Weer, wind en natuur knaagden al flink aan hun bestaan als stel. Ik weet waar ze 17 jaar geleden ongeveer stonden. Zouden ze er nog steeds staan? Ik vrees het ergste, maar misschien ga ik binnenkort ter plekke eens op verkenning …