Koeien rond het schar

Tijdens ons ritje op fiets en Joiny kwamen Jetske en ik o.a. langs het Weinterper Skar. Dit is een Natura 2000 gebied op ongeveer 6 km ten zuidoosten van Drachten. Verschillende boeren aan de rand van dit kwetsbare gebied zijn de afgelopen jaren volgens mij al uitgekocht of verhuisd. Aan de Nije Heawei ten westen van het schar liepen deze vleeskoeien in de wei …

De laatste boeren die binnen de 500 m zone die in het kader van het stikstofbeleid mogelijk rond het Weinterper Skar wordt getrokken, maken zich zorgen. Ik ook, maar dan om een andere reden.. Vandaag is in de Tweede Kamer deel zoveel van een lange reeks stikstofdebatten. Een deel van de boeren rukt alweer op naar Den Haag in een poging om een democratische gang van zaken opnieuw te ontregelen …

Deze koeien maakt het allemaal niet zoveel uit, zo lang zij maar wat te herkauwen hebben, vinden ze het vermoedelijk allemaal best. Op zijn tijd wat aandacht krijgen van een passant is een bonus. Maar bij twee fotografen tegelijk sloeg de twijfel bij sommige dieren zichtbaar toe. Gaan we naar haar, of gaan we naar hem …?

Meer orchissen in ’t Skar

Via het zandpad dat in 2016 de Skeane Heawei heeft vervangen, maken we ons op om het Weinterper Skar aan de oostkant te verlaten …

Hoewel we eigenlijk aan het eind van het pad af moesten slaan naar het noorden, stelde ik voor om eerst nog even een kleine stukje naar het zuiden te gaan over het fietspad langs de Opperhaudmare (N381). Daar verwachtte ik – veilig achter een sloot èn een hek – nog meer orchissen aan te treffen, en dat bleek ook zo te zijn …

Nadat we ons hadden gelaafd aan de bloemenpracht in het Weinterper Skar, vatten we de terugweg aan. Onderweg heb ik nog even een foto gemaakt van het Alddjip of Koningsdiep in westelijke richting …

Bloemenpracht in het Skar

De Joiny deed het prima op het harde zandpad dat van zuid naar noord door het Weinterper Skar loopt. Na een minuut of wat kwamen we aan bij het eerste Afanja bankje. We besloten er niet te gaan zitten, omdat we nog maar net weer onderweg waren, maar ik maakte wel een aantal foto’s van het uitzicht vanaf het bankje …

In de periode mei-juni is het Weinterper Skar op zijn mooist. Een breed scala aan bloemen kleurt het gebied dan, variërend van boterbloem en paardenbloem tot veenpluis en koekoeksbloem. Aafje wees me op de eerste bloeiende brede orchis, ik vermoedde dat we er verderop nog wel meer konden vinden …

Aan de zuidkant van ’t Skar

Nog even een blik over een stukje van It Alddip in oostelijke richting vanaf het bruggetje in de Poostweg (kaart OpenStreetMap). Er wordt al enige jaren gewerkt aan het herstel van het beekdal, zodat It Alddjip weer weer kan meanderen. Dit deel is intussen klaar …

Een kleine drie kilometer verderop passeerden we aan de zuidkant van het Weinterper Skar een mooie ruwe picknicktafel langs het fietspad (kaart OpenStretMap). Met half schaduw leek dat ons een mooi plekje om even een hapje te eten en wat te drinken …

Het Weinterper Skar is een klein Natura 2000-gebied ten zuidoosten van Drachten. Het gebied is alleen toegankelijk op een paar paden. Een klein stukje achter de picknicktafel staat een groot hekwerk. Het is een gesloten doorgang in de omheining rond de woeste grond in het niet zuidelijk deel van het Weinterper Skar …

Nadat we wat hadden gegeten en gedronken, stapten we weer op om verder te gaan. We zaten hier hemelsbreed op ongeveer 8,5 km van huis, het verste punt van ons tochtje …

Ik stelde voor om bij het zandpad dwars door it Skar naar het noorden af te slaan. Bij een doorgang tussen de struiken links van het pad kon ik het niet laten om even snel een paar foto’s te kunnen maken van het meest zuidelijke ven in het gebied …

Niet veel later passeerden we links en rechts de twee middelste vennetjes …

Het loopt licht met twee

Tot 2016 was het Weinterper Skar mijn favoriete natuurgebied. Een paar maal per week maakte ik er steevast een wandeling. Soms maakte ik een fotokuier aan de zuidkant, maar meestal liep ik naar het bankje bij de dobbe aan de noordkant van het Skar. Tegenwoordig is de afstand van 700 meter naar dat bankje me helaas te groot …

Tegenwoordig kies ik weer voor de zuidkant. Daar is in het kader van natuurcompensatie i.v.m. de verdubbeling van de N381 eind 2016 op mijn verzoek een bankje geplaatst. Dat bankje staat op 250 meter vanaf de parkeerplaats. Dat was ook de korte wandeling die ik voorstelde te maken bij het weerzien met mijn oud-studiegenoot Andries van de P.A. in Drachten.

Hoewel we elkaar na 45 jaar in het passeren waarschijnlijk niet herkend zouden hebben, werd het een hartelijk weerzien. Gewapend met mijn trekkingstokken stelde ik voor om naar dat bankje te wandelen. Er viel genoeg te praten, en dan is 250 meter niet zo ver. Ook op het bankje hielden we het goed pratend over elkaars levensverhaal en carrière …

Bewolking en wind hielden de temperatuur vooral voor mijn bovenbenen net wat te laag om langere tijd lekker op het bankje te kunnen zitten. Daarom stelde ik voor om nog maar even door te wandelen naar een tweede bankje, dat 250 meter verder naar het zuiden staat. “Do moatst ek noch werom, hè” waarschuwde Andries nog. De benen voelden echter krachtig, dus ik durfde het wel aan …

We waren ook zomaar bij het tweede bankje aangekomen, het loopt nu eenmaal licht met zijn tweeën. Ook op het tweede bankje hielden we het makkelijk pratend. Maar na enige tijd zijn we toch maar weer in dezelfde twee etappes terug gelopen naar de parkeerplaats. Daar hebben we bij het afscheid afgesproken om volgend voorjaar nog eens een afspraak te maken. Om dan wat verder te kunnen komen, moet tegen die tijd Whilly maar weer mee. Dat is me op goed rollende paden afgelopen jaar samen met fotomaatje Jetske ook een keer of drie uitstekend bevallen …

Terugblikkend zijn de ontmoeting en de wandeling de extra rustdag, die ik gisteren op de waarschijnlijk laatste zachte dag van 2025 noodgedwongen heb moeten nemen, dubbel en dwars waard geweest. Zoals mijn eerste neuroloog al zei: “Ga gerust af en toe eens even over je grens, daar kun je in principe niets mee vernielen.” Ik ben die uitdaging woensdag dan ook graag aangegaan. Daarna is een roestig dagje helemaal niet erg …

De mist in

Het liep al tegen twaalven, toen Jetske en ik vrijdag na afloop van een bezoek aan de neuroloog op pad konden. Toch was het nog steeds mistig onderweg. Dat heeft ook zijn charmes, maar we hadden liever wat zon gehad om de herfstkleuren wat te laten sprankelen. Daarom besloten we bij het Weinterper Skar eerst een broodje te eten in de auto, voordat we aan een fotokuier begonnen.

Daar bleek weer eens, dat Jetske meer en meer elk vogeltje ziet vliegen. Ditmaal zag ze vlak naast de auto een paar goudhaantjes door de struiken dartelen. Daar legde ik mijn broodje graag even voor opzij. Voor het eerst sinds lange tijd lukte het me om dat kleine vogeltje eens voor de lens te krijgen. Het was alleen jammer dat het zo donker was, maar een kniesoor die daar op let …