Op naar de rustplaats

Langzaam dringen we verder door in de wonderlijke wildernis van de Ecokathedraal, alleen het atelier van Louis le Roy op de achtergrond wijst nog op enige beschaving …

Dan naderen we het oude tempelcomplex halverwege de Ecokathedraal. Nog één keer maak ik een klein klimmetje om vanaf enige hoogte een foto te kunnen maken van Aafje bij de twee grote torens …

Achter de torens waar Aafje hierboven vóór staat, ligt letterlijk en figuurlijk een rustplaats. Met uitzicht op het naastgelegen weiland heeft Louis le Roy hier ooit een zitbankje gecreëerd, waar hij zelf ook wel eens een momentje van rust pakte. Voor het bankje ligt een stuk van een oude grafsteen, waarop alleen nog ‘RUSTPLAATS’ te lezen is. Hoewel er rondom in de Ecokathedraal wel plekjes te vinden zijn waar je even op een muurtje kunt zitten, ga ik bij vrijwel elk bezoek hier toch wel even zitten mijmeren …

Eenmaal bij de rustplaats halverwege de Ecokathedraal aangekomen, vind ik het ook meteen welletjes. Mijn onderdanen staan een tocht verder naar achteren langs de Inca-tempels niet toe. We besluiten terug te gaan naar het startpunt. Daarbij passeren we de oude gebroken boom weer en krijgen dan zicht op de van stoeptegels gebouwde koepel. Aafje lijkt het niet helemaal te vertrouwen en blijft buiten staan. Pas nadat ik haar heb laten zien hoe hij gebouwd is en hoe dik de muren zijn, waagt ze het er ook even op …

Tot zover deze rondgang door de Ecokathedraal. Maar de goede verstaander heeft maar een half woord nodig …

– wordt ooit zeker vervolgd –

Kris kras door de kathedraal

Zodra we de Porta Celi gepasseerd zijn, beginnen we aan onze tocht die kris kras door de Ecokathedraal voert. We klimmen en dalen, terwijl we links en rechts langs indrukwekkend hoge torens komen. Aafje kijkt zich de ogen uit …

Bij de overgang van het voorste naar het achterste deel van de Eockathedraal lopen we langs een muurtje met keurig gerangschikte zeshoekige tegels, die er duidelijk nog niet zo lang liggen. Aan de andere kant van het pad gaat de bovenkant van een ouder stapelwerk schuil onder een dikke laag mos …

Hoe verder je de Ecokathedraal in loopt, hoe mooier het spel tussen de natuur en de door mensenhanden gestapelde bouwwerken is. Op de eerste foto hieronder staat een van de oudere kleine bouwwerken. Vooral met wat zonlicht erbij is dit in elk jaargetijde een plekje. Het is spannend om te zien of en wanneer de natuur het bouwwerk echt uiteen drukt. Maar ook de omliggende, deels of intussen volledig ingepakte bouwwerken zijn de moeite van het bekijken waard …

– wordt vervolgd –

Regen brengt glans

Regen en hagelbuien werden gisteren afgewisseld door steeds langer durende opklaringen …

Voor wie er oog voor heeft, is het dan meteen weer mooi buiten …

Want regen brengt glans …

Mos beter bekeken

Nadat ik zondagmiddag wat foto’s had gemaakt van het mos in de aardbeienpot op de regenton, heb ik me gisteren op een deel van het mos bij de vijver gericht. Daar groeien her en der ook diverse mossoorten. De onderstaande foto’s heb ik gemaakt op de grens van vijver en terras …

Om te beginnen groeit daar vrij veel mos. Maar het is vooral ook de best bereikbare plek om eens diep door de knieën te gaan voor dit laag-bij-de-grondse plantje. Om mos goed te kunnen bekijken, moet de macro(voorzet)lens eraan te pas komen. Hoe klein de meest interessante delen van mos zijn, kun je op de foto rechtsboven goed zien. Daar kun je in de hoek linksonder wat kleine roodbruine puntjes in het groene mos zien, dat zijn de zogenaamde sporendoosjes. Vergelijk die nu eens met het formaat van de hazelnoot die rechtsboven in beeld te zien is …

We hebben het hier over gewoon dikkopmos, een van de meest voorkomende mossoorten in ons land. Het is makkelijk herkenbaar aan de kleine roodbruine sporendoosjes die als bloemetjes bomen het groen uittorenen. In die doosjes zitten de sporen. Aan het eind van de winter gaan die doosjes open, waarna de sporen zich door de wind laten meenemen, op zoek naar nieuwe groeiplekjes. De doosjes zitten nu nog dicht, en dan vind ik ze het mooist. Door de macrolens laten ze zich goed bekijken, zelfs op een donkere dag als gisteren kun je zien hoe fijn en hoe kleurig dit kleine spul is opgebouwd. Nog regelmatig vol verwondering, raak ik daar eigenlijk nooit op uitgekeken …

 

Mosculturen in een pot

Ooit droeg hij rondom vrolijk blozende zomerkoninkjes

Die tijd is echter al lang voorbij. Tegenwoordig huisvest de voormalige aardbeienpot op onze regenton voornamelijk mosculturen. Wat minder kleurrijk, maar goed bekeken toch niet minder mooi …

Langs de vijver terug

Bij het passeren van deze zorgvuldig opgebouwde constructie verlaten we het middelste deel van de Ecokathedraal weer …

Even lijkt het alsof we de Ecokathedraal hebben verlaten Wanneer we tussen een bos bamboe en een bos rododendrons door zijn gelopen, zien we een vijvertje opduiken. Als ik het oversteken van het bruggetje de camera eerst weer op de bamboe richt en daarna wat doordraai naar rechts, zie je nog net een deel van het atelier in beeld verschijnen …

Als we verder lopen, is al snel duidelijk dat we ons nog wel degelijk in de Ecokathedraal bevinden …

Ter hoogte van de iglo en de ‘Porta Celi’ naderen we het eind van onze overleggen tocht. Staand tussen die beide indrukwekkende bouwwerken overleggen we even over het vervolg van de dag …

Omdat mijn onderdanen inmiddels zachtjes begonnen te protesteren tegen nog langer moeten staan, stelde ik voor om het overleg voort te zetten in het voorportaal van de Ecokathedraal …

– wordt vervolgd –

Ruïnes in de rimboe

Terwijl ik al even op het hoogste punt in de Ecokathedraal stond, bevonden de beide vrouwen zich nog een stuk lager op de heuvel …

Het was zo te zien opnieuw gelukt om interessant natuurlijk materiaal te vinden …

Korte tijd later zag ik Jetske dichterbij komen met de uitgedroogde bloem van een berenklauw …

Nadat we even met zijn drieën naar de koeien in het weiland aan de voet van de heuvel hadden staan kijken, begon ik alvast aan de afdaling …

Een verdieping lager had ik mooi zicht op de gezusters en de hen omringende ruïnes …

Afijn, kijk maar even mee. Ik loop intussen rustig door naar de volgende fotogenieke plek …

– wordt vervolgd –