Berijpte dagsluiting in de tuin

Terug thuis van mijn ritje door de berijpte weilanden, had ik mijn kruit nog niet helemaal verschoten. Nadat ik mijn medicijnen en een paar boterhammen had gehad, heb ik in de loop van de middag nog een paar keer een rondje door de tuin gemaakt …

Hoewel ik die dag in het buitengebied natuurlijk al behoorlijk verwend was, heb ik me ook in de tuin nog prima weten te vermaken. Mem heeft me niet voor niets altijd geleerd: ‘wie het kleine niet eert, is het grote niet weerd …’

Zo’n laat herfstblad, dat op het ijslaagje van de vijver is neergedwarreld, of het berijpte houten vogelbadje met zijn mooie structuren, daar kan ik in eigen tuin dan toch ook wel van genieten …

Bij het invallen van de duisternis begon de heksenbol mooi op te lichten. Met dank aan de kerstlampjes die ik er een paar dagen eerder in had gedaan. Vanuit het juiste standpunt bekeken, had ook de grutto daar baat bij …

De laatste rijpfoto van 2021 was een tweede foto van het berijpte vogelbadje …

Een zwemmende kniptor

Tijdens een van mijn dagelijks rondjes door de tuin richtte ik mijn camera onlangs op een paar korenbloemen bij het vogelbad op het heuveltje …

Al snel werd mijn aandacht afgeleid van de bloemen door kleine rimpelingen op het wateroppervlak van het badje achter de bloemen …

Na een paar stappen stond ik aan de andere kant van het badje, zodat ik beter kon zien wat daar gaande was. Kijkend naar de langwerpige gedaante was meteen duidelijk dat er een kniptor te water was geraakt. Hoe het mijn zijn schoolslag gesteld was, weet ik niet, maar met de rugslag wist hij zich aardig te redden …

Omdat ik het na een paar foto’s wel genoeg vond, besloot ik hem de helpende hand te bieden om op het droge te komen. Ik had hem natuurlijk simpelweg uit het water kunnen scheppen, maar ik vond dat hij er wel wat voor moest doen. Daarom pakte ik een takje van de grond en hield dat vlak naast hem in het water. Hij klampte zich er meteen daadkrachtig aan vast …

Zodra ik het takje op een van de terrastafeltjes had gelegd, liet de kever het takje los. Even bleef hij versuft liggen, maar hij was nog maar nauwelijks opgedroogd, of hij krabbelde op en ging aan de wandel als er niets was gebeurd …