Onze eerste mannenmiddag

Het uitstapje dat ik vorige week zaterdag met de jongens naar mijn geboortegrond maakte, was in feite onze eerste mannenmiddag. Maar daar waren we intussen ook wel aan toe. Pepijn zit tenslotte ook al in groep 8. Kleine jongens worden nu eenmaal snel groot …

Het was een middag die me een flinke dosis energie heeft gekost, maar dat was het dubbel en dwars waard. We hebben het alle vier een erg gezellig tripje gevonden. Ik heb wat aardige dingen uit mijn jeugd kunnen vertellen waar zeker Tijmen en Pepijn zich niet altijd evenveel konden voorstellen. Maar door het verhaal op locatie te doen, is er toch wel wat blijven hangen, schat ik zo in. Het is me alleen niet echt gelukt om uit te leggen wat turf was en hoe het ontstond. Maar dat pakken we op zodra ze hier weer eens op bezoek zijn, want we hebben nog een paar turfjes in het hok liggen …

Over turf en meer

Op de terugweg hebben we nog twee tussenstops gemaakt. Om te beginnen trakteerde Nils op een terras bij Vierhuis op koffie met appelgebak. Daarna reden we door naar Rotsterhaule, waar we even een zijsprongetje namen naar het natuurgebied het Easterskar. Net als veel andere natuurgebieden heeft het Easterskar zijn ontstaan te danken aan de turfwinning …

Het had niet veel gescheeld of natuurgebied het Easterskar had niet bestaan. In het kader van werkloosheidsbestrijding werd begin vorige eeuw namelijk veel ‘natuur’ ontgonnen voor de landbouw. Omstreeks 1960 stond het Easterskar op de planning om op de schop te gaan. De groeiende industrialisatie hield het project echter tegen. Het naastgelegen Westerskar was wel al ontgonnen, maar het Easterskar en haar domein van bijzondere planten, vogels, vlinders, reptielen en amfibieën bleef gespaard en werd eigendom van de provinciale vereniging voor natuurbescherming ‘It Fryske Gea’

Ik besloot dit zijsprongetje te maken, omdat we onderweg langs de geboorteplek van mijn moeder kwamen. Pake verdiende zijn brood als landarbeider in en rond het Easterskar. Mem kwam als zevende kind op de wereld in het kleine huisje op de foto hieronder. Zo’n groot gezin in zo’n klein huisje, daar kunnen we ons vandaag niets meer bij voorstellen. Op de rechter foto zie je het gezin nog voordat mijn moeder werd geboren.

Wij waren intussen aangekomen in de vogelkijkhut ‘Skiere Goes’ (‘grauwe gans’ voor niet-Friestaligen) in het natuurgebied. Rondom de hut was het rustig, in de verte dreef een aantal zwanen op het water en vloog een grote zilverreiger op …

Op het moment dat wij de hut betraden waren twee vogelaars met luide stem bezig om een derde vogelaar uit te leggen welke instellingen hij met zijn camera, met daarop een joekel van een zoomlens, het best kon gebruiken. De man bleef echter hardnekkig tegenstribbelen. Nils en Tijmen zagen de humor er wel van in. Pepijn begreep er niets van, vooral omdat ik net voordien had verteld dat je in een vogelkijkhut wat stil hoort te zijn om de vogels niet te verjagen. Toen hij erbij ging liggen, leek het mij de hoogste tijd om huiswaarts te keren …

Terug naar de Middenweg

Nadat de mannen waren teruggekeerd van het doodlopende pad – het bleek inderdaad dood te lopen – maakten we ons op voor de 300 meter lange wandeling van de Middenvaart naar de Middenweg, waar de auto op ons wachtte. Pepijn wees de weg …

Halverwege de Commissiepolle nog even een korte tussenstop bij nr. 2 om een laatste foto van het bruggetje en het huis te kunnen maken…

Bijna terug bij het beginpunt wees ik de jongens op een grote lampionplant, waarvan de lampionnetjes al een stuk verder op kleur waren dan de onze. Nils plukte er voorzichtig een lampionnetje af. “Kijk, zo maakte ik die vroeger wel klaar,” vertelde Nils, die in zijn nog wat jongere jaren nog enige tijd in een sterrenrestaurant heeft gewerkt …

Pepijn had genoeg aan proeven met zijn ogen, maar Tijmen durfde het wel aan om zijn tanden er even in te zetten. Ik kreeg niet de indruk dat het voor herhaling vatbaar was …

Bij de auto wierp ik nog eenmaal een blik in de richting van de plek waar we ooit hebben gewoond. Het leek voorgoed te zijn verzwolgen door bomen …

  • wordt nog één keer vervolgd

Pauze bij het bruggetje

Het straatnaambordje aan het eind van de Commissiepolle staat nog net als tijdens mijn vorige bezoek op een hoogte van pakweg 40 cm. Bovendien verkeert het deels in de greep van de gele lis …

Terwijl de jongens op het bruggetje stonden te genieten van het uitzicht over de Middenvaart en de omliggende landerijen, vertelde ik zo aan de gezichten op de middelste foto te zien, nog een sterk verhaal uit de jaren 60 …

Nieuwsgierigheid naar het onbekende lonkte, en dus liep Nils na enige tijd met beide jongens het doodlopende pad langs de Middenvaart in …

Dat stelde mij in de gelegenheid om vanaf het bruggetje nog eens in alle rust het landschap van noord via oost naar zuid in me op te nemen …

Daarna nestelde ik me in afwachting van de rest van de familie nog even lekker op het bankje aan de waterkant …

  • wordt vervolgd

Waar pake woonde

Letterlijk en figuurlijk op een steenworp afstand van ons huis stond aan de overkant van de vaart het huisje van mijn pake (opa voor niet-Friestaligen). Met hem heb ik de eerste jaren van mijn leven vele uren doorgebracht, en daar kijk ik nog altijd met warme gevoelens op terug. Begin 1966 overleed hij op 64-jarige leeftijd aan een hartstilstand. Veel te vroeg natuurlijk, maar toen waren wij al vrienden voor het leven geworden …

Na pake zijn overlijden hebben een oom en tante er nog enige jaren gewoond. Ook bij hen heb ik nog diverse keren met plezier gelogeerd. Nadat oom en tante naar Lemmer verhuisden werd pake’s huisje afgebroken. Nu rest nog slechts dit stukje grond …

In het huis dat net voorbij dat van pake stond, woonde in mijn jongste jaren een vriendelijk en lief ouder echtpaar. Ook hun huis is al lang geleden afgebroken. Aan het eind van de Commissiepolle staan nu nog enkele van de oorspronkelijke huizen (of delen daarvan). Voor zover ik weet, zijn het allemaal vakantiehuisjes, het één wat mooier dan het ander. In één van die huisjes, waarschijnlijk het meest rechtse, woonde in de jaren 60 een wat zonderlinge oude man. Hij liet zich nauwelijks zien en dat maakte me in mijn herinnering altijd wat huiverig in de buurt van zijn huis …

De mooiste huisjes staan helemaal achteraan langs de Commissiepolle. Wat dacht je van dit fraaie stulpje aan de andere kant van de vaart …?

Het laatste huis direct aan het pad is recentelijk verkocht (vraagprijs € 140.000 k.k.). De voorgevel kan wel een kwastje verf gebruiken, maar als je dan de andere gevel bekijkt, is duidelijk dat eraan gewerkt wordt. De tuin zag er voor de verkoop uit als een woestenij, en kijk eens wat het hoveniersbedrijf ervan heeft gemaakt, compleet met Pipowagen en hottub …

En zo waren we via mijn geboortehuis (1) en de plek waar ooit pake’s huisje stond, aangekomen aan het eind van de Commissiepolle (2). Dwars op de Commissiepolle loopt de Middenvaart. Sla je daar rechtsaf, dan loopt het pad na 200 meter dood. Ga je linksaf, dan kom je na ruim 600 meter uit in Echten …

Daar aan het eind van de Commissiepolle ligt een loopbruggetje over de Middenvaart. Op dat bruggetje stond bij vorige bezoeken altijd een stoel. Die stoel is intussen vervangen door een mooi bankje. En ook op de wal staat nu een bankje. Vanaf dat tweede bankje heb ik de onderstaande foto genomen. Morgen een rondblik vanaf het bruggetje over het vlakke Friese polderland …

  • wordt vervolgd

Terug op de Commissiepolle

Van de boerderij waar heit vroeger werkte, restte alleen nog het later gebouwde woonhuis. De laatste delen van de bijgebouwen waren sinds mijn laatste bezoek ook afgebroken. Het had er aan de voorkant lange tijd niet zo netjes uitgezien …

Over het smalle paadje, dat nog altijd de welluidende naam Commissiepolle draagt, liepen we in de richting van mijn vroegere ouderlijk huis. Aan de linkerkant van het pad lag een nog altijd goed onderhouden tuin. Aan de andere kant van de vaart zag het er een stuk minder fraai uit. Aan de achterkant van de voormalige boerderij stond het vol met trekkers, graafmachines en ander rollende materieel. En daar weer achter lag geen open weiland meer, maar een stuk maïsland …

Na ongeveer 150 meter kwamen we aan bij de Commissiepolle 2, het mijn kleine, maar o zo onmetelijk grote domein van waaruit ik mijn eerste stapjes op deze aardkloot zette. Het eerst wat me opviel was dat er sinds mijn vorige bezoek een nieuw bruggetje over de sloot lag …

Het huis dat er nu staat is overigens niet het huis waar wij in woonden. Het huis is op een bepaald moment verkocht, waarna de nieuwe eigenaar het tot de grond heeft laten afbreken. Daarna is er een nieuw huis gebouwd, dat ten opzichte van het originele huis een kwartslag is gedraaid en het huis is vierkanter geworden. Mijn slaapkamertje zat achter de dakkapel, maar van daaruit had je indertijd geen zicht op het Tjeukemeer in het noorden, maar op Lemmer in de verte in het westen …

En we hadden ook vanaf de begane grond ruim zicht over de weilanden. Daar is momenteel geen sprake meer van, het zicht wordt aan drie kanten ontnomen door het omringende maïsland. Bovendien is het erf rondom beplant met intussen al forse bomen. Ik vraag of de bewoners zich niet beter op hun gemak zouden voelen in een bosrijke omgeving. En ik ben ook benieuwd hoe lang die dichte beplanting rechtop blijft staan in de veenweidegrond …

  • wordt vervolgd

Bij het Tjeukemeer

Zodra we op weg naar mijn geboortegrond bij Oudehaske de A7 verlieten, begon ik de jongens de eerste verhalen uit mijn jeugd te vertellen. We reden langs het Nannewiid, één van de kleinste Friese meren, tegenwoordig vooral het domein van windsurfers. Tussen mijn 10e en 15e jaar werd het beeld er op zomerse dagen vooral bepaald door zwemmers en roeiers. In de zomervakanties heb ik daar in die periode veel geroeid in een oude houten roeiboot van een oom. In die periode logeerde ik vaak bij één van de vele ooms en tantes van mem haar kant, die vrijwel zonder uitzondering aan de noordkant van het Tjeukemeer woonden. Heit zijn familie zat van oudsher aan de zuidkant van het Tjeukemeer, daar logeerde ik tot mijn 10e het meest …

De eerste tussenstop maakten we korte tijd later op de oostelijke oever van het Tjeukemeer. Aan de Marwei is een parkeerstrook waar ik graag even aan de waterkant zit. Voor de beweeglijke Pepijn was dit een welkome gelegenheid om even de benen te strekken. Hij was meteen onder de indruk van de oppervlakte van dit grootste van de Friese meren, een plas waar het lelijk kan spoken …

Terwijl Nils, Tijmen en ik wat stonden te praten, leek Pepijn van plan te zijn om te testen hoe ver hij het water in kon lopen zonder dat het water in zijn laarzen liep …

Om te voorkomen dat hij daarbij toch net wat te ver zou gaan, besloten we onze rit zekerheidshalve maar snel weer te vervolgen, nadat deze lijvige surfer het plankhaventje was binnengelopen …

Korte tijd later parkeerde Nils zijn bolide kundig op het laatste vrije plekje op de parkeerstrook langs de Middenweg. Daar vandaan begonnen we aan onze wandeling naar het huis aan de Commissiepolle waar ik de eerste jaren van mijn leven heb doorgebracht. Vanaf de parkeerplaats was al te zien dat er het nodige veranderd is sinds mijn laatste bezoek in 2014 …

  • wordt vervolgd