Kleverig koraalzwammetje en meer moois

Ondanks het mooie egale fietspad was ik die dag bewust te voet op pad gegaan. Ik hoopte nog wat macrofoto’s te kunnen maken van paddenstoelen of zo. Daarom besloot ik het fietspad bij de tweede bocht te verlaten en al rond speurend over de zachte bosgrond terug te lopen richting auto …

Hier ligt een stukje bos waar de grond eigenlijk altijd vochtig is, maar dat er ondanks de aanhoudende droogte ook nu nog een paar forse plassen water lagen, verraste me toch wel even …

Ook hier waren de paddenstoelen in tegenstelling tot voorgaande jaren niet dik gezaaid dit jaar. Ik besloot maar eens te kijken of er van een stuk lege schors van een tak nog iets te maken viel …

Veel meer dan een aardig inkijkje zat er niet in …

Een stukje verderop leek op een rottende boomstam iets op te lichten. De bovenstaande foto’s van de schors kon ik met behulp van het kantelbare schermpje nog maken door me diep voorover te buigen, maar voor deze kleine zwammetjes moest ik toch echt even op de knieën …

Het is het kleverig koraalzwammetje, een schimmel die leeft op vermolmde stronken en stammen van naaldbomen. Het schimmelweefsel groeit in het hout. In de herfst worden daaruit de kleine, felgekleurde paddenstoelen gevormd …

Terwijl ik moeizaam weer opkrabbelde, hoorde ik gakkende ganzen naderen. Ze hadden geen betere richting kunnen kiezen, ik kon ze net tussen de bomen door vastleggen …

Als dat geen mooie bruggetje is naar de Skywatch Friday van morgen, weet ik het niet meer …  🙂

Een lantaarntje op ’t hout

Hoewel omgeven door water, rietkragen en weilanden waren er ook in en rond ‘onze datsja’ dit jaar schrikbarend weinig insecten te zien …

Op één van de minder warme augustusdagen streek dit lantaarntje neer op het relatief warme houten schild van een van de muren …

Nadat ik blijkbaar een verkeerde beweging had gemaakt, vloog het frêle juffertje op. Na een korte vlucht streek ze neer op één van de hoeken van de woning. Dat leverde me de mooiste foto op …

Digitalis na de regen

Veel meer dan een millimeter regen is er niet gevallen, maar het vingerhoedskruid is er heerlijk van opgefrist …

Tekstueel heb ik hier verder weinig aan toe te voegen, of ’t moet al zijn dat dit in het Fries ‘dopkeblommen’ zijn …

Het beeld van de fraaie tekening van de bloemen en die fijne druppeltjes als bonus spreekt voor zich, lijkt me …

En voor wie nog geen regen heeft gehad: jammer dat internet nog geen geuren doorgeeft … ’t ruikt hier heerlijk nu …

Een zacht deinende rozenkever

‘Het tilt nog altijd niet op van de insecten in ons tuintje’, om maar eens een goed frisisme te gebruiken. Liggend in de hangmat heeft dat zo zijn voordelen, want daar ben ik deze week nog niet één keer gestoord door een insect. En ook in huis hebben we nog geen last gehad van gezoem of ander hinderlijk gedrag van insecten. Maar dat ik in de tuin echt mijn best moet doen om wat voor de lens te krijgen, stoort me wel …

Deze Johanneskever – ook wel rozenkever genoemd – leek zich op zoek naar wat verkoeling op een warme dag te hebben vastgehaakt aan een blad, dat zacht deinend boven de rand van de vijver hing. Of dat nou zo’n handig plekje was, betwijfelde ik, want het zijn allerminst behendige insecten, die meer schuifelen dan lopen. Die twijfel bleek overbodig, want korte tijd later vloog hij weg …

Een hommel bij de lavendel

Sinds de lavendel in één van de bakken op het terras volop staat te pronken met zijn paarse kleuren, wordt er zo af en toe weer eens een hommel of een bij gelokt door de lekkere geuren…

Met de camera voor het grijpen op het tafeltje naast me en goed zicht op de bak met lavendel aan de andere kant van mijn stoel ben ik er met een bakje koffie eens lekker voor gaan zitten …

Ik hoefde niet eens zo lang te wachten, een zacht ronkend geluid kondigde al snel de komst van een snoepend insect aan, waarvan ik denk dat het een akkerhommel is …

Die kan ik in ieder geval weer afvinken. Dan is het wachten nu op een gelegenheid om weer eens een foto van een vlinder te kunnen maken in ons tuintje …

Facetogen in beeld

Vorige week was er op een zonnig moment dan toch eindelijk weer een insect bereid om even voor me te poseren. Nu heb ik eerlijk gezegd liever een ander insect voor de lens dan zo’n ordinaire huis-, tuin- en keukenvlieg, maar ook in de fotografie moet je nu eenmaal de tering naar de nering zetten …

De vlieg – hij lijkt nog het meest op een dambordvlieg – zat op de grijze afvalcontainer waar ik mijn camera mooi op kon laten rusten. Omdat hij bovendien heel gewillig bleef zitten kon ik hem mooi scherp in beeld brengen …

Wat zijn ’t van dichtbij een vreemde monstertjes, hè. Die grote oogbollen, die bestaan uit duizenden facetjes. In feite zijn het allemaal individuele zeshoekige oogjes die ieder een lensje hebben. En dan dat slordige hechtwerk waarmee de linker- en rechterhelft van het kopje bijeen lijken te worden gehouden … wonderlijk …