De wetterpinksterblom in bloei

Nog voordat ik dinsdag aan de heiderinkelbel toe was, werd ik verrast door een ander bijzonder bloemetje. Het slootje bij de parkeerplaats aan de oostkant van het Weinterper Skar stond vol met waterviolier, in het Fries de wetterpinksterblom

Deze mooie wit-roze bloemetjes, die van hele natte voeten houden, bloeiden vroeger in een slootje aan de zuidkant van It Skar. Sinds Staatsbosbeheer enkele jaren geleden in al haar wijsheid heeft besloten om alle sloten in het gebied te dempen, had ik ze niet meer gezien …

‘De soort is een indicator voor kwel en verdraagt veel schaduw. De waterviolier is de enige Nederlandse vertegenwoordiger van het geslacht Hottonia, dat wereldwijd nog één andere soort telt: Hottonia inflata uit Noord-Amerika. Het geslacht is vernoemd naar Pieter Hotton (1648-1709), Leids hoogleraar en de voorganger van Boerhaave,’ aldus Wikipedia over de waterviolier

Betrapt bij de heiderinkelbel

Na het groen en geel van gisteren is vandaag het roze aan de beurt, roze van het heidekartelblad. Heidekartelblad – heiderinkelbel in het Fries – is een bijzondere tweejarige plant met hele mooie, kleine bloemetjes …

Heidekartelblad staat op de Nederlandse Rode lijst van planten als zeer zeldzaam en zeer sterk in aantal afgenomen. In het Weinterper Skar laat het zich gelukkig vrijwel elk jaar weer zien ….

In de eerste jaren waarin ik blogde was er maar hier en daar een bloemetje te vinden. Ondanks het feit dat ze op en vlak langs een pad stonden, was de kans om er eentje over het oog te zien erg groot. Het zijn namelijk zoals ik al eerder schreef hele kleine bloemetjes. Kijk maar …

Op en langs het pad kon ik het heidekartelblad dinsdag niet vinden, maar vlak naast het pad stonden ze nu in grote roze pollen bijeen (zie foto 2). Er zat niets anders op dan even een paar stappen op verboden gebied te zetten om een paar macrofoto’s te kunnen maken …

De volgende foto laat mooi zien waarom heidekartelblad in het Fries heiderinkelbel heet. Als de vruchten rijp zijn, gaan de zaadjes in de zaaddoos zachtjes ‘rinkelen’ als de wind ze in beweging brengt. Zo wordt althans gezegd … In dit geval zijn de zaadjes al uit het zaaddoosje tevoorschijn gekomen …

Terwijl ik daar – met mijn rug naar het pad – geconcentreerd zat te fotograferen, hoorde ik op een bepaald moment zachtjes ’t nog altijd vrij kenmerkende geluid van een VW naderen. Ik wist meteen dat het mis was, maar omdat ik nu toch al gezien en dus betrapt was, besloot ik maar rustig door te gaan met fotograferen.

“Jo witte wol dat jo yn kwetsber gebiet sitte tink …!?” hoorde ik de man van Staatsbosbeheer zeggen, nadat hij de auto tot stilstand had gebracht.
“Ja, it is my bekend, mar ik koe it net litte om even een pear close-ups van de heiderinkelbel te meitsjen,” antwoordde ik.

De mensen die hier al langer meelezen, weten dat ik ervaring heb op dit gebied. Een jaar of twaalf geleden werd ik op vergelijkbare wijze pakweg 50 meter verderop eens op mijn schouders getikt door een tweetal Boa’s bij het fotograferen van de blauwe knoop. Nadat ik mijn fout had erkend, volgde toen een goed gesprek. En daar bleef het bij. Dinsdag ging het niet anders. De man van SBB kende zijn pappenheimers. Aan de manier waarop ik behoedzaam terug stapte naar het pad, had hij al gezien dat ik goed volk was. Aan het eind van het gesprek wenseten we elkaar nog een genoeglijke dag …

Kleverig koraalzwammetje en meer moois

Ondanks het mooie egale fietspad was ik die dag bewust te voet op pad gegaan. Ik hoopte nog wat macrofoto’s te kunnen maken van paddenstoelen of zo. Daarom besloot ik het fietspad bij de tweede bocht te verlaten en al rond speurend over de zachte bosgrond terug te lopen richting auto …

Hier ligt een stukje bos waar de grond eigenlijk altijd vochtig is, maar dat er ondanks de aanhoudende droogte ook nu nog een paar forse plassen water lagen, verraste me toch wel even …

Ook hier waren de paddenstoelen in tegenstelling tot voorgaande jaren niet dik gezaaid dit jaar. Ik besloot maar eens te kijken of er van een stuk lege schors van een tak nog iets te maken viel …

Veel meer dan een aardig inkijkje zat er niet in …

Een stukje verderop leek op een rottende boomstam iets op te lichten. De bovenstaande foto’s van de schors kon ik met behulp van het kantelbare schermpje nog maken door me diep voorover te buigen, maar voor deze kleine zwammetjes moest ik toch echt even op de knieën …

Het is het kleverig koraalzwammetje, een schimmel die leeft op vermolmde stronken en stammen van naaldbomen. Het schimmelweefsel groeit in het hout. In de herfst worden daaruit de kleine, felgekleurde paddenstoelen gevormd …

Terwijl ik moeizaam weer opkrabbelde, hoorde ik gakkende ganzen naderen. Ze hadden geen betere richting kunnen kiezen, ik kon ze net tussen de bomen door vastleggen …

Als dat geen mooie bruggetje is naar de Skywatch Friday van morgen, weet ik het niet meer …  🙂

Een lantaarntje op ’t hout

Hoewel omgeven door water, rietkragen en weilanden waren er ook in en rond ‘onze datsja’ dit jaar schrikbarend weinig insecten te zien …

Op één van de minder warme augustusdagen streek dit lantaarntje neer op het relatief warme houten schild van een van de muren …

Nadat ik blijkbaar een verkeerde beweging had gemaakt, vloog het frêle juffertje op. Na een korte vlucht streek ze neer op één van de hoeken van de woning. Dat leverde me de mooiste foto op …

Digitalis na de regen

Veel meer dan een millimeter regen is er niet gevallen, maar het vingerhoedskruid is er heerlijk van opgefrist …

Tekstueel heb ik hier verder weinig aan toe te voegen, of ’t moet al zijn dat dit in het Fries ‘dopkeblommen’ zijn …

Het beeld van de fraaie tekening van de bloemen en die fijne druppeltjes als bonus spreekt voor zich, lijkt me …

En voor wie nog geen regen heeft gehad: jammer dat internet nog geen geuren doorgeeft … ’t ruikt hier heerlijk nu …

Een zacht deinende rozenkever

‘Het tilt nog altijd niet op van de insecten in ons tuintje’, om maar eens een goed frisisme te gebruiken. Liggend in de hangmat heeft dat zo zijn voordelen, want daar ben ik deze week nog niet één keer gestoord door een insect. En ook in huis hebben we nog geen last gehad van gezoem of ander hinderlijk gedrag van insecten. Maar dat ik in de tuin echt mijn best moet doen om wat voor de lens te krijgen, stoort me wel …

Deze Johanneskever – ook wel rozenkever genoemd – leek zich op zoek naar wat verkoeling op een warme dag te hebben vastgehaakt aan een blad, dat zacht deinend boven de rand van de vijver hing. Of dat nou zo’n handig plekje was, betwijfelde ik, want het zijn allerminst behendige insecten, die meer schuifelen dan lopen. Die twijfel bleek overbodig, want korte tijd later vloog hij weg …