Aan een vijver

Een week of twee geleden heb ik weer eens een fotokuier in het Weinterper Skar (Google Maps) gemaakt. Nadat ik een tijdje op het intussen welbekende ‘Afanja-bankje’ had gezeten, besloot ik de uitdaging aan te gaan om nog wat verder te lopen …

Even heb ik overwogen om het nieuwe zandpad naar rechts te nemen. Misschien zou het zelfs kunnen lukken om langs de schapen lopend het tweede ‘Afanja-bankje’ te bereiken. Maar nee, hoogmoed komt voor de val. Ik was alleen, bij plotselinge dienstweigering van mijn onderdanen was er niemand om me er op de terugweg doorheen te slepen. Proberen om weer eens tot bij het oude bankje bij de vennetjes te komen leek me een beter plan …

En zo zat ik enige tijd later voor het eerst sinds toch wel vrij lange tijd weer eens op dat bankje aan het water. Bij het vennetje aan de westkant van het pad, dat onderdeel uitmaakt van de poëzieroute door het Weinterper Skar, staat een bordje met een gedicht van Rutger Kopland …

Nadat ik er wat plaatjes had geschoten en een tijdje lekker had zitten mijmeren, besloot ik de terugweg te aanvaarden. Ditmaal langs het schaap dat met haar lam op enige afstand van haar soortgenoten stond …

Ook bij het eerste bankje heb ik vervolgens weer even lekker in de zon gezeten. Terwijl ik daar zat, zag ik ineens dat het pad, waar diepe sporen doorheen liepen toen ik hier de vorige keer met Jetske was, keurig was hersteld. Ik zat er opnieuw lekker, maar het werd nu toch wel tijd om mezelf ertoe te zetten om te beginnen aan het laatste stuk(je) terug naar de auto. Iedere stap begon zwaarder te wegen, maar uiteindelijk ben ik toch weer tot bij de auto gekomen …

Weinterper Skar door andere ogen

Omrop Fryslân TV zendt tegenwoordig op maandag een 10 minuten durend natuurprogramma uit. ‘Maitiidsswalker’ (vrijvertaald: ‘voorjaarszwerver’) speelde zich gisteren af in het Weinterper Skar, terwijl de regen tijdens de opnamen af en toe met bakken naar beneden kwam …

Normaal zou ik jullie hier niet mee lastig vallen, want presentator Remco de Vries zal voor de meesten van jullie niet te verstaan zijn. In dit geval ligt dat wat makkelijker, omdat Remco op pad gaat met de volledig Nederlandstalige boswachter Manon van Wesel. En zij is degene die de interessante dingen vertelt over de bijzondere vegetatie van dit mineraalrijke gebied …

Na de intro van het programma, waarin je een deel van het Weinterper Skar vanuit de lucht ziet, beginnen Remco en Manon hun gesprek, terwijl ze lekker op het eerste Afanja-bankje zitten. Ik denk zelfs dat ze behalve het heidekartelblad ook de eerste Brede orchis van dit jaar tonen, die ik hier ook heb geplaatst …

En hier kun je ’t 10 minuten durende programma (terug)zien: ‘Maitiidsswalker.’

Pronkstukjes in ’t Skar

Lang hoefde ik niet te lopen voordat ik bij de splitsing van paden kwam. De dobbe aan het pad naar rechts zou duidelijk te ver zijn vandaag, daarom nam ik het pad naar links. Terwijl ik langs het blauwgrasland liep, keek ik uit naar een paar van de beschermde planten die het Weinterper Skar in deze tijd van het jaar kleur horen te geven …

Al snel zag ik een paar Brede orchissen staan. Ze stonden te ver van het pad om er macrofoto’s van te kunnen maken, maar met behulp van de zoomlens heb ik ze toch redelijk in beeld kunnen vangen. De Brede orchis (frouljustriennen – ‘vrouwentranen’ in het Fries) staat op de Nederlandse Rode lijst van planten als vrij zeldzaam en sterk afgenomen. Maar gek genoeg is de soort volgens Wikipedia sinds 1 januari 2017 niet meer wettelijk beschermd

Intussen was ik aangekomen bij één van de twee ‘Afanja-bankjes’, die hier eind 2016 geplaatst zijn als goedmakertje voor het verdwijnen van de Nije Heawei. De bankjes maken mijn mobiliteit niet groter, maar het zijn wel fijne plekjes om even rust in acht te nemen en te genieten van de omringende natuur. En zo lang de lucht het bij dreigen hield, besloot ik daar even gebruik van maken …

Vanaf het bankje liet ik mijn blik over het blauwgraslandje voor me glijden. Ineens ontdekte ik de tweede beschermde plant waar ik naar had uitgekeken, het Heidekartelblad (heiderinkelbel in het Fries). Nog niet zo gek lang geleden moest je de minuscule bloemetjes met zorg zoeken, omdat er slechts enkele planten op of vlak naast het pad stonden. Nu lijken er veel meer te staan dan ik er in voorgaande jaren ooit heb gezien. Ook het heidekartelblad staat als zeer zeldzaam en zeer sterk in aantal afgenomen op de Nederlandse Rode lijst van planten. In het Weinterper Skar doet het heidekarteblad het op dit moment duidelijk erg goed …

Intussen bleef de lucht dreigen. Ik had mijn fotografische buit eerst wel weer binnen, daarom begon ik aan de terugweg naar de auto. Het ziet er niet naar uit dat we in mei nog echt warmer en standvastig weer krijgen, toch hoop ik binnenkort nog eens op een zonnig dagje wat langer in het Weinterper Skar rond te kijken …

Oude liefde

‘Oude liefde roest niet’, zo luidt het gezegde. Het zal best, maar de glans gaat er na verloop van tijd wel wat af. Dat bedacht ik me, toen ik gistermorgen tussen de buien door voor het eerst dit jaar weer eens een fotokuiertje maakte in het Weinterper Skar …

In de periode 2005-2015 maakte ik – zeker in deze vaak groeizame en bloemrijke tijd het jaar – vrijwel dagelijks even een kuiertje in dit kleine natuurgebied ten zuiden van Drachten. Daar is een eind aan gekomen na het verwijderen van het landweggetje de Nije Heawei uit het gebied in 2016 …

De mooiste plekjes zijn sindsdien een stuk minder gemakkelijk bereikbaar, omdat de actieradius van mijn benenwagen beperkt is. Maar het slootje met de Waterviolier (wetterpinksterbloem in het Fries) bij de parkeerplaats kost me geen moeite. Er leken meer van die mooie roze-witte bloemetjes dan ooit in bloei te staan, alleen jammer dat er geen zon was om het even mooi uit te lichten …

Nu ik er toch was, stelde ik me niet tevreden met alleen wat foto’s van de Waterviolier. Daarom besloot ik toch maar even door te lopen naar ‘mijn‘ bankje, zou ik meteen even kunnen zien hoe het er met ’t blauwgrasland voor stond …

Onderweg daar naar toe, kon ik niet om deze half verzopen paardenbloemen heen …

  • wordt vervolgd

Heideblauwtjes aan de waterkant

Vorige week woensdag hebben Jetske en ik onze laatste gezamenlijke fotokuier voorafgaand aan het zomerreces gemaakt. Omdat het warm weer was, hadden we een plekje aan de waterkant opgezocht waar we hopelijk wat waterjuffers zouden kunnen fotograferen …

Met die juffers viel het nogal tegen. Ze waren mij veelal net te snel af of ze zaten op ongelukkige plekjes in het helmgras of de biezen. Dat werd echter royaal gecompenseerd door de aanwezigheid van veel heideblauwtjes die zich vooral graag even lieten kieken op polletjes dopheide …

Eén keer lukte het me toch om een waterjuffer te strikken. Ik geneigd om te zeggen dat het een azuurwaterjuffer is, maar als ik één ding lastig blijf vinden, dan is het wel ’t determineren van juffers …

Her en der stonden ook mooie polletjes zonnedauw. Dat kostte niet alleen veel vliegen het leven, maar ook een heideblauwtje was ten prooi gevallen aan de verleidelijk glinsterende, maar o zo kleverige tentakels van deze kleine vleesetende plant …

 

Grutte rinkelbel en de wetterpinksterblom

Nadat ik mijn collectie orchisfoto’s weer had aangevuld met voldoende verse exemplaren, besloot ik rustig terug te scharrelen naar de auto. Dat duurde toch nog weer wat langer dan ik had ingeschat. Onderweg ontdekte ik al snel een plant waar ik een week eerder tevergeefs naar had gezocht …

De Grutte rinkelbel of Grote ratelaar liet zich net als de orchis tot voor kort gemakkelijk vinden en fotograferen langs het pad waar eind 2016 een bankje is geplaatst. Ik ben blij dat ik ze weer heb gevonden, want ze zijn in de loop der jaren echt bij mijn voorjaarsbeleving gaan horen  …

Intussen was ik in de buurt van de sloot beland. Boven het wateroppervlak leken leken talloze witte sterretjes te zweven. Van enige afstand lijkt de Wetterpinksterblom of Waterviolier maar zo’n onooglijk bloemetje …

Van dichtbij bekeken zijn het echter prachtige bloemetjes met fijne kleurnuances. Daar schuilt ook meteen het probleem in, want het valt niet mee om er dicht bij te komen zonder te water te raken. Aan echte macro’s heb ik me daarom veiligheidshalve maar niet gewaagd …

Terug naar ’t Skar

Had ik al verteld, dat ik een week nadat ik er met mijn fotomaatje was, nog eens terug ben gegaan naar het Weinterper Skar? Op 20 mei konden we er maar met moeite enkele orchissen vinden. Een week later waren ze als paddenstoelen uit de grond geschoten …

Het veld waar ze van oudsher in grote aantallen stonden te pronken, zag er nog steeds dor en doods uit. In het veld naast de parkeerplaats kon je echter nauwelijks een stap tussen de boterbloemen zetten zonder een brede orchis te raken …