Terug in de wei

Vorige week heb ik er tevergeefs naar uitgekeken, maar gisteren zag ik tussen Oudega en Opeinde dan toch de eerste koeien in de wei. Die aanblik van vredig grazende herkauwers in de wei stemt me meteen weer blij …

Weerzien op de boerderij

Na de cultureel-historische tussenstops bij de ‘GreenArtSpot Driftplein’ en de voormalige joodse begraafplaats van Dalen restte me nog een kort ritje naar de boerderij van collega-blogger boerin Hendrika en haar eega. Onder het genot van een bak koffie even bijpraten met de boer en de boerin, en dan even een rondje over het erf en door de stallen om de vertrouwde geur en sfeer van de boerderij op te snuiven …

Een deel van de dames deed zich tegoed aan een pas opgediende maaltijd. Verderop in de stal lagen koeien lekker uitbuikend te herkauwen op hun ruime plekken, waar ze onlangs nieuwe, nog wat gerieflijker matten hadden gekregen met een verse laag strooisel …

Kunst achter de wringe

De ‘wringe’, het hek dat ik hier gisteren liet zien, is in het Nederlands een wringhek. In het Drents is het volgens boerin Hendrika ook een wring(e) of draaihek. Op de site van ‘De Hekkerij‘ staat over het wringhek:

“De Hekkerij ontwerpt, maakt en plaatst eikenhouten wringhekken. De hekken worden op maat gemaakt en hebben een landelijke uitstraling. Elk hek is uniek. Dit karakteristieke hek stond van oudsher op plaatsen die niet dagelijks geopend werden, zoals bij de ingang van weilanden en percelen. Het wringhek of boerenhek heeft als kenmerk dat de bovenligger bestaat uit een bezaagde en gedisselde inlands eikenhouten boomstam met een natuurlijke vorm. Deze bovenligger steekt aan beide zijden over. Aan de ene kant als contragewicht en aan de andere kant als handvat en sluiting. De zwaarste kant rust op een eiken draaipaal die aan de bovenzijde is voorzien van een rond draaipunt. Deze draaipaal bestaat uit één geheel, dus geen ingeslagen houten pen of ijzeren pen waar de paal uiteindelijk zwakker van wordt. De dunne kant rust in de gaffelpaal die een natuurlijke en karakteristieke Y-vorm heeft …”

Achter deze wringe bij het Drentse Dalen gaat een project schuil van Natuurkunst Drenthe – een kunstwerk op het platteland – GreenArtSpot Driftplein. Het betreft een aantal rechtlijnige ontwerpen van het Rotterdamse kunstenaarscollectief Observatorium

Van het intussen flink toegetakelde informatiepaneel werd ik niet veel wijzer. Wat ik wel weet, is dat het geheel tot stand is gekomen in overleg met omwonenden. Toevallig ken ik één van die omwonenden: boerin Hendrika. Zij heeft van 17 maart tot 19 juni 2014 op haar weblog uitgebreid verslag gedaan van de totstandkoming van ‘GreenArtSpot Driftplein‘, zoals het project uiteindelijk is gaan heten. In deel 1 van haar reeks over de geboorte van het kunstwerk schrijft boerin Hendrika: …

“GreenArtSpots zijn kunstprojecten die zich laten inspireren door de locatie en omgeving en/of er een dialoog mee aangaan. Dat kan een ingreep in het landschap zijn, een toevoeging of verwijdering van onderdelen. Het doet iets met de cultuurwaarden van de locatie (van het heden, de toekomst of de historie), versterkt dit of staat er juist mee in contrast. De kunstenaar is vrij om zijn of haar eigen invalshoeken te kiezen waarbij ook de sociale, culturele, economische of politieke context van de locatie mee kunnen spelen. GreenArtSpots laat je door de kunstprojecten anders naar de omgeving kijken. Je kunt het van afstand aanschouwen, maar je er ook in of bij verplaatsen. Beleving ter plekke is essentieel. Daarnaast is de fysieke houdbaarheid van het kunstproject van minimaal tien jaar een voorwaarde.”

De drie driehoeken stellen drie gebouwen uit de directe omgeving voor. Het hoogste gebouw stelt een grote amusementshal voor (Plopsaland Indoor Coevorden), de laagste een vakantiewoning op een bungalowpark (Center Parcs de Huttenheugte) en de middelste een van de boerderijen in het aangrenzende beekdal. Er zijn drie materiaalsoorten gebruikt: hout, staal en beton. Afijn, wandel maar even wat rond …

Mijn oordeel: het heeft wel wat. De robuuste materialen passen wel in de omgeving en de bouwwerken zijn voor mij wel herkenbaar. Ik vind het alleen jammer dat het geheel dicht bij de omringende bomen staat. Dat gaat ten koste van het strakke lijnenspel en vooral het stalen bouwwerk valt goeddeels weg tegen de bomen.

Gelukkig, een grutto!

16 mei 2017 was een heugelijke dag. Op die dag had ik voor het eerst sinds eind januari zin om zelf weer eens een ritje met de auto te maken en ergens even wat frisse lucht op te snuiven …

Eigenlijk had ik maar één ding in gedachten: proberen een grutto – hier ook wel bekend als ‘de kening fan’e greide’ – te fotograferen. Daarom zette ik koers naar Soarremoarre. In deze kruidenrijke weilanden voelt de grutto zich nog altijd thuis …

De afgelopen jaren is het me steeds gelukt om hier wat foto’s van de grutto te maken. Naar mate de lente dit jaar vorderde, was me de voorgaande weken echter de angst bekropen dat de koning me dit jaar wel eens zou kunnen ontgaan …

Eenmaal ter plekke werd mijn geduld niet zo lang meer op de proef gesteld. Al vrij snel nadat ik de auto bij één van de bochten in de berm had gezet, verscheen de eerste grutto. Als een volleerd model paradeerde hij enige tijd voor me heen en weer …

In algemene zin gaat het slecht met de grutto. Een van de oorzaken daarvan is een tekort aan insecten waarmee de jongen gevoed kunnen worden. Daarvan is bij Soarremoarre geen sprake, getuige de onderstaande foto …

Hallum in nevelen gehuld

Nadat we vanmiddag in Leeuwarden het toekomstige huis van de kinderen hadden bekeken, zijn we even doorgereden naar het noorden van Fryslân …

Terwijl de zon in Drachten en Leeuwarden volop scheen, waren zon en mist boven de Friese klei in een hevige strijd verwikkeld …

In de buurt van Hallum heb ik de auto even aan de kant gezet om een paar plaatjes te schieten van een boerderij en de plaatselijke kerk, die in nevelen waren gehuld …