Samen aan de wandel

Het is me nog steeds te koud om dagelijks een fotokuiertje in de natuur te maken. Zojuist kregen we hier nog weer een zware hagelbui over ons heen. Maar maandag begon het toch wat te kriebelen, zodat ik rond het middaguur een ritje naar de Jan Durkspolder heb gemaakt …

Even heb ik overwogen om naar de vogelkijkhut te lopen, maar hoewel het redelijk zonnig was, was het in de wind allerminst warm. En dan is het in zo’n hut meestal ook niet lekker. Bovendien was zo wel te zien, dat er weinig of geen vogels zaten …

De passage van een paar wandelaars en hun hond vormde eigenlijk nog de belangrijkste gebeurtenis, terwijl ik daar tussen het wuivende koolzaad neerknielde …

Een zilverreiger en 2 grauwe ganzen

Zo ongeveer diagonaal aan de andere kant van de zuidelijke plas in de Jan Durkspolder, die hier gisteren te zien was,  zag ik enige tijd geleden een grote zilverreiger lopen …

Hij leek onderweg te zijn naar zijn favoriete visstekje. Van de grauwe ganzen die zich daar luidruchtig ophielden was hij niet gediend. Vriendelijk edoch dringend verzocht hij ze op te krassen …

Nadat de ganzen mopperend aan dat verzoek hadden voldaan, betrok de grote zilverreiger zijn favoriete stekje …

Zicht over de polder

Na het korte gesprek met de vier wandelaars liep ik nog een stukje verder over de Westersânning om even uit te kijken over het water aan de zuidkant van de Jan Durkspolder …

Ginds staat de vogelkijkhut met zijn poten in het water. Het was me te koud en te grijs om er naar toe te lopen, vooral ook omdat er vrijwel geen vogels te zien waren …

Toen ik mijn camera op een windmotor aan de zuidkant van de polder richtte, kwam er ergens halverwege een blauwe reiger uit het riet tevoorschijn …

De reiger vloog op om een stukje verderop in de plas neer te strijken. Of hij daar een visje of een kikker heeft weten verschalken, heb ik niet afgewacht, want thuis wachtte de koffie intussen …

Een gammele polderbrug

Ik neem jullie weer even mee terug naar de dag, waarop ik die reeën en hazen ontmoette. Dat gebeurde terwijl ik onderweg was naar de Jan Durkspolder. Omdat de reeën en de hazen niet van plan leken om weg te gaan, heb ik dat uiteindelijk zelf maar gedaan. Een minuut of tien later zag ik bij de Jan Durkspolder een tweede ‘bekende’ sprong reeën in het land achter een rietboer lopen …

Een stukje verderop heb ik de auto even stil gezet voor de gammele brug in de Westersânning. Ik had al eens vaker het plan opgevat om daar eens wat foto’s van te maken, maar het was er tot dusver niet van gekomen. Omdat het grijze en troosteloze weer van dat moment goed bij de huidige staat van de brug paste, heb ik er nu maar eens werk van gemaakt …

Omdat de vogelkijkhutten in de Jan Durkspolder en de uitkijktoren ‘Romsicht’ alle drie aan de andere kant van deze gammele brug staan, hobbel ik er nog regelmatig overheen. Een echt betrouwbare indruk maakt hij al lang niet meer, maar zo lang de vuilniswagen van de gemeente en het zware verkeer van en naar de gaswinlocatie aan het eind van de weg erover kunnen, zal hij ons Golfje ook nog wel houden …

Terwijl ik de brug van verschillende kanten fotografeerde, ontmoetten twee paar wandelaars elkaar aan de andere kant van de brug bij een hek. Daar bleven ze staan praten. Terwijl ik hen even later passeerde, sprak één van de vier wandelaars me aan …

“Hoe liket it, sil it hast wêze …?”
“Hoe no …?”
“Ik sei: dizze man stiet sa te fotografearjen, dy sil wol fan’e gemeente wêze …”

Nou nee, ik was niet van de gemeente, maar mijn nieuwsgierigheid was wel gewekt en dus bleef ik even staan praten. De gemeente schijnt al jaren geleden toezeggingen te hebben gedaan dat de brug vervangen zal worden. Maar zoals dat wel vaker gaat met overheden, gaat het ook hier niet erg vlot. Nadat we nog even hadden staan praten, nam ik afscheid om nog even een stukje de polder in te lopen …

Klunen in de Jan Durkspolder

Vanaf de Headammen reden Jetske en ik een paar kilometers noordwaarts om te bekijken of er in de Jan Durkspolder ook iets van ijspret te zien viel. Dat viel niet tegen …

De ijsvlakte rond de grote vogelkijkhut lag er stil en verlaten bij. Normaal gesproken wordt hier door de IJsclub Lyts Begjin een baan uitgezet en worden er kluunbruggen gebouwd waar schaatsers de sloten en de weg tussen beide ijsvlakten veilig kunnen oversteken. De fundamenten van één van de kluunbruggen kun je op de meest rechtse foto hieronder zien …

Hoe ze het gedaan hebben, weet ik niet, maar nu er geen baan op de ijsvlakte was uitgezet, kwamen er schaatsers over het sneeuwijs in de sloot op de onderstaande foto deze kant op …

Daar moest bij gebrek aan tapijt op de weg op alternatieve manier gekluund worden. Terwijl Jetske en ik het groepje van beide kanten in beeld namen, zakte een schone blondine die de beschermhoezen van haar schaatsen niet bij zich had, vlak voor me door de knieën.
“Ga je me eindelijk een aanzoek doen …?” vroeg ik lachend. Dat bleek niet de bedoeling te zijn, lachend kroop ze naar de overkant van de weg, waar ze op haar vrienden wachtte …

Maar er waren meer schaatsers die van zuid naar noord wilden oversteken. De jongedame op de foto hieronder liet haar metgezellen verder schaatsen, terwijl ze zelf aanstalten maakte om over te steken …

Ze besloot eerst nog een stukje door de berm te lopen, daarna maakte ze de oversteek op een wel heel bijzondere manier. Alsof ze nooit anders had gedaan, kloste ze zo met het metaal van haar schaatsen over het ruwe asfalt.
“Wat tochtst, moarn taait it dochs …?” (“Wat dacht je, morgen dooit het toch …?”) riep ik haar na. Lachend ging ze aan de andere kant op in de drukte …

Na een laatste blik over de noordelijke ijsvlakte, stelde ik Jetske voor om nog even bij de Leijen te kijken …

– wordt vervolgd –

Winterse wens

Wat zou het mooi zijn om tijdens de lockdown een paar weken echt winterweer hebben. Dat de jeugd zich even lekker kan uitleven met schaatsen en sneeuwballen, en dat we zelf weer eens een fijne sneeuwwandeling kunnen maken …

De onderstaande foto is van 18 december 2010. Tien jaar geleden werd er in die koude decembermaand al volop geschaatst in de Jan Durkspolder. Linksonder kun je zien dat de baanveger net de oversteek heeft gemaakt van de ene waterplas ijsbaan naar de andere …

Die heerlijke zomeravonden

De verzengende hitte overdag was in augustus duidelijk niet aan mij besteed. Het enige wat ik tijdens zo’n hittegolf eigenlijk echt kan waarderen, zijn die heerlijke avonduren. Tot diep in de avond lekker bij de vijver zitten, daar kan ik echt van genieten. En dat heb ik dan ook volop gedaan tijdens de hittegolf …

Af en toe eens een blik over de schutting om te zien of er buitenaards nog wat te beleven valt, is met die hoge minimumtemperaturen ook een aangename bezigheid. Op de foto hier links onder zie je de reuzenplaneet Jupiter schitteren in een mooie samenstand met de bijna volle maan. Op de rechter foto zie je de heldere rode planeet Mars, die zich momenteel bij heldere hemel ook mooi laat zien …

Een maand voordat we gebukt gingen onder de hittegolf ben ik er nog tweemaal rond middernacht op uit getrokken om foto’s te maken van de komeet Neowise. Deze komeet was weliswaar lang zo mooi niet als komeet Hale Bopp in maart 1997, maar het was wel de helderste komeet sinds Hale Bopp. Vooral door de verrekijker vond ik het toch weer een bijzonder gezicht om zo’n brok steen en ijs door ons zonnestelsel te zien razen. Mijn Powershot leent zich helaas niet echt voor nachtfotografie, maar Neowise staat erop. En belangrijker nog, ik heb hem met eigen ogen gezien …

Zoals wel vaker, kwam er een eind aan de hitte met een aantal pittige regen- en onweersbuien. Hoewel de meeste buien ook deze zomer weer langs ons zijn getrokken, kon de riolering het hier op 20 augustus even niet aan. De onderstaande bliksem heb ik op 16 augustus in beeld kunnen vangen, toen er tegen middernacht gelijktijdig een onweerscomplex ten oosten en één ten westen van ons voorbij trok …