Klunen in de Jan Durkspolder

Vanaf de Headammen reden Jetske en ik een paar kilometers noordwaarts om te bekijken of er in de Jan Durkspolder ook iets van ijspret te zien viel. Dat viel niet tegen …

De ijsvlakte rond de grote vogelkijkhut lag er stil en verlaten bij. Normaal gesproken wordt hier door de IJsclub Lyts Begjin een baan uitgezet en worden er kluunbruggen gebouwd waar schaatsers de sloten en de weg tussen beide ijsvlakten veilig kunnen oversteken. De fundamenten van één van de kluunbruggen kun je op de meest rechtse foto hieronder zien …

Hoe ze het gedaan hebben, weet ik niet, maar nu er geen baan op de ijsvlakte was uitgezet, kwamen er schaatsers over het sneeuwijs in de sloot op de onderstaande foto deze kant op …

Daar moest bij gebrek aan tapijt op de weg op alternatieve manier gekluund worden. Terwijl Jetske en ik het groepje van beide kanten in beeld namen, zakte een schone blondine die de beschermhoezen van haar schaatsen niet bij zich had, vlak voor me door de knieën.
“Ga je me eindelijk een aanzoek doen …?” vroeg ik lachend. Dat bleek niet de bedoeling te zijn, lachend kroop ze naar de overkant van de weg, waar ze op haar vrienden wachtte …

Maar er waren meer schaatsers die van zuid naar noord wilden oversteken. De jongedame op de foto hieronder liet haar metgezellen verder schaatsen, terwijl ze zelf aanstalten maakte om over te steken …

Ze besloot eerst nog een stukje door de berm te lopen, daarna maakte ze de oversteek op een wel heel bijzondere manier. Alsof ze nooit anders had gedaan, kloste ze zo met het metaal van haar schaatsen over het ruwe asfalt.
“Wat tochtst, moarn taait it dochs …?” (“Wat dacht je, morgen dooit het toch …?”) riep ik haar na. Lachend ging ze aan de andere kant op in de drukte …

Na een laatste blik over de noordelijke ijsvlakte, stelde ik Jetske voor om nog even bij de Leijen te kijken …

– wordt vervolgd –

Winterse wens

Wat zou het mooi zijn om tijdens de lockdown een paar weken echt winterweer hebben. Dat de jeugd zich even lekker kan uitleven met schaatsen en sneeuwballen, en dat we zelf weer eens een fijne sneeuwwandeling kunnen maken …

De onderstaande foto is van 18 december 2010. Tien jaar geleden werd er in die koude decembermaand al volop geschaatst in de Jan Durkspolder. Linksonder kun je zien dat de baanveger net de oversteek heeft gemaakt van de ene waterplas ijsbaan naar de andere …

Die heerlijke zomeravonden

De verzengende hitte overdag was in augustus duidelijk niet aan mij besteed. Het enige wat ik tijdens zo’n hittegolf eigenlijk echt kan waarderen, zijn die heerlijke avonduren. Tot diep in de avond lekker bij de vijver zitten, daar kan ik echt van genieten. En dat heb ik dan ook volop gedaan tijdens de hittegolf …

Af en toe eens een blik over de schutting om te zien of er buitenaards nog wat te beleven valt, is met die hoge minimumtemperaturen ook een aangename bezigheid. Op de foto hier links onder zie je de reuzenplaneet Jupiter schitteren in een mooie samenstand met de bijna volle maan. Op de rechter foto zie je de heldere rode planeet Mars, die zich momenteel bij heldere hemel ook mooi laat zien …

Een maand voordat we gebukt gingen onder de hittegolf ben ik er nog tweemaal rond middernacht op uit getrokken om foto’s te maken van de komeet Neowise. Deze komeet was weliswaar lang zo mooi niet als komeet Hale Bopp in maart 1997, maar het was wel de helderste komeet sinds Hale Bopp. Vooral door de verrekijker vond ik het toch weer een bijzonder gezicht om zo’n brok steen en ijs door ons zonnestelsel te zien razen. Mijn Powershot leent zich helaas niet echt voor nachtfotografie, maar Neowise staat erop. En belangrijker nog, ik heb hem met eigen ogen gezien …

Zoals wel vaker, kwam er een eind aan de hitte met een aantal pittige regen- en onweersbuien. Hoewel de meeste buien ook deze zomer weer langs ons zijn getrokken, kon de riolering het hier op 20 augustus even niet aan. De onderstaande bliksem heb ik op 16 augustus in beeld kunnen vangen, toen er tegen middernacht gelijktijdig een onweerscomplex ten oosten en één ten westen van ons voorbij trok …

 

Mijn eerste waterhoen

Zo, we zijn weer een persconferentie verder. Langzaam, maar zeker worden de teugels wat gevierd. Stapje voor stapje komt er meer ruimte om ons leven binnen de anderhalvemetersamenleving op te pakken. “We mogen vertrouwen hebben, maar moeten waakzaam blijven,” aldus onze Premier in Crisistijd. Voor mij persoonlijk betekenen de versoepelingen die in juni ingaan nog geen verruimingen. Maar gelukkig kunnen we hier nog steeds rustig de natuur in, en dat probeer ik ook nog steeds een paar maal per week te doen …

Maandag heb ik weer even een ritje naar de Jan Durkspolder gemaakt. Ook ditmaal was het er weer heerlijk rustig. Er stond zelfs geen auto geparkeerd bij het paadje naar de grote vogelkijkhut. En dus besloot ik voor het eerst sinds het begin van het coronatijdperk maar weer eens in de hut te kijken …

Hoewel het echt een grote hut is, waarin je prima met een man of 4 op anderhalve meter van elkaar kunt zitten, zit ik er momenteel toch liever niet tegelijk met anderen. Het voelde goed om er voor het eerst sinds een paar maanden weer van het vertrouwde uitzicht te genieten …

Ik zat er nog maar net, toen ik links van de hut een zwarte vogel door het water zag stappen. Vermoedelijk een meerkoet, dacht ik, maar toen ik er goed naar keek, zag ik dat het een waterhoen was. En het was niet zomaar een waterhoen … Het klinkt misschien raar, maar in bijna 15 jaar bloggen, was dit het eerste waterhoen dat ik voor de lens kreeg. Een primeur dus …

Tot mijn grote verdriet bleef het beperkt tot één goede foto, want het dier stapte naar de kant en verdween daar tussen gele lissen. ’t Had zo mooi kunnen zijn …

 

Kievit verjaagt kiekendief

Zondagochtend heb ik weer eens een ritje naar de Jan Durkspolder gemaakt. Tot een week of zes geleden zat ik daar graag eens even in de grote vogelkijkhut. Tegenwoordig bekijk ik de wereld vanuit mijn mobiele kijkhut, en die stond zondag goed opgesteld. Al snel zag ik een bruine kiekendief over de oever van de plas zweven …

Het leverde blijkbaar niet direct iets op, want na enige tijd maakte hij zich op voor een tweede rondvlucht. Dat had hij beter niet kunnen doen …

Zodra de kiekendief tijdens deze tweede ronde te dicht bij het nest van een kievitenpaar kwam, kreeg hij een kievit achter zich aan. Maak nooit een kievit kwaad, want dat is een lastige tegenstander. Achterna gezeten door de kievit verdween de kiekendief dan ook al snel uit zicht …

Daarna keerde de rust terug in de Jan Durkspolder. Terwijl ik huiswaarts reed, bleven de vogelkijkhut en de op oude fundamenten van een boerderij gebouwde uitkijktoren ‘Romsicht’ in alle rust staan waar ze stonden …

Corona – hoe nu verder?

Hoewel de gevolgen van de corona-maatregelen voor mij eigenlijk maar zeer beperkt zijn, had ik het er vorige week emotioneel toch niet gemakkelijk mee. Plotseling vielen mijn dagelijkse structuur en mijn weinige ‘real life’ contacten weg, en dat is even wennen  Gisteren heb ik in de loop van de dag via de digitale weg en telefonisch een goed gesprek heb gehad met een bevriende relatie, en dat heeft geholpen om weer wat perspectief te krijgen …

Maar minstens zo belangrijk zijn de lieve en begripvolle reacties van jullie, mijn trouwe volgers. Die hebben me er de eerste dagen doorheen getrokken. Dankjewel daarvoor!

Het laatste duwtje om uit het dipje te geraken, kwam gisteravond van het kabinet. Ik ben blij met de verder aangescherpte gedragsregels, want die blijven het me mogelijk maken om er zo mogelijk dagelijks even op uit te blijven gaan. En dat is voor mij als MS-patiënt wel van belang om mijn spieren wat op kracht te houden en de geest ook wat fris te houden. Nu maar hopen dat de autoriteiten de aangescherpte regels waar nodig ook echt gaan handhaven …

Nadat ik drie dagen achtereen helemaal solistisch een uurtje in de Ecokathedraal had doorgebracht, ben ik gisteren weer eens naar de Jan Durkspolder gereden om wat meer lucht en openheid om me heen te hebben. Meestal begin ik een bezoekje aan de polder in de vogelkijkhut die op de bovenstaande foto rechts te zien is. Gisteren heb ik dat niet gedaan. Om te beginnen doe ik er alles aan om besmetting met het coronavirus te voorkomen. Je zult er maar lekker voor één van de open luikjes zitten te turen, terwijl er een hoestende of proestende vogelaar naast je op het bankje schuift. Nee, mij niet gezien …

Het zal trouwens met de oostenwind die over de watervlakte aan kwam waaien ook knap koud geweest zijn in de hut, denk ik. Daarom verkies ik mijn eigen mobiele kijkhut nu toch echt boven die andere hut. Als de huidige luchtdrukverdeling 1 of 2 maanden eerder op de weerkaarten was verschenen, dan hadden de liefhebbers hier waarschijnlijk intussen al kunnen schaatsen. De pijlers van de kluunbrug die hier in februari 2012 werd aangelegd, staan nog steeds klaar, zoals je op de foto hierboven kunt zien …

Veel was er trouwens niet te beleven in de Jan Durkspolder. Er duikelden wat kieviten, maar die lieten zich in het tegenlicht niet in beeld vangen. Meer dan wat landschappelijke foto’s kon ik niet maken, dat lukte enige tijd later elders beter …

Ik sluit af met een tegenlichtfoto. Hier werd ik getroffen door de combinatie van de mooie glinstering op de achtergrond en de schaduwen van de takken op het wegdek …

Een fijne dag verder. Pas op jezelf en blijf gezond!

Territoriumstrijd in de Alde Feanen

Kort nadat ik de lepelaars uit het vorige logje had gefotografeerd, liep ik door de corridor van knotwilgen terug in de richting van de auto. Halverwege het pad zag ik ineens op enkele meters afstand naast me een grote zilverreiger staan. Zodra hij de klik van mijn camera hoorde, maakte hij dat hij weg kwam …

Een andere grote vogel heb ik zes jaar geleden niet ver hier vandaan eens heel aardig kunnen fotograferen. Die ‘vliegende deur’, zoals de zeearend ook wel wordt genoemd, bevond zich toen een stuk verder verder bij me vandaan dan de bovenstaande zilverreiger. Met zijn spanwijdte van ruim 2 meter is met afstand de meest indrukwekkende vogel die ik ooit heb gefotografeerd …

Sinds 2017 broedt er jaarlijks een zeearendskoppel hier in Nationaal Park de Alde Feanen. De afgelopen jaren zijn er in totaal 4 jongen groot gebracht. Ook dit jaar is het zeearendspaar weer teruggekeerd. Net als voorgaande jaren gaat dat echter niet van een leien dakje. Ook dit jaar wordt er weer heftig gestreden om het enorme nest. De zeearenden moeten hun territorium namelijk delen met o.a. een paar buizerds en een havikskoppel, die ook hun zinnen op dat nest hebben gezet …

Dat is allemaal te volgen via de webcam van It Fyske Gea en Vogelbescherming NL. De afgelopen dagen heb ik ons grootste liefdeskoppel al zien paren op de grote tak aan de ander kant van het nest. Maar ook een paar buizerds zijn er al eens neergestreken. Het meest lastig en agressief zijn ook dit jaar de haviken weer. Als ik het me goed herinner, zijn die vorig jaar uiteindelijk als winnaars en heersers van het nest uit de strijd gekomen. Hoe het dit jaar zal aflopen is nog volstrekt onduidelijk. Wat wel zeker is, is dat de webcam van de zeearenden met de terugkeer van het herfstachtige weer een aangename afleiding kan bieden …

TIP: wanneer het nest leeg is of wanneer er langere tijd een rustig vogel op het nest zit, laat ik beeld en geluid op een tabblad open staan, zodat ik zelf andere dingen kan doen. Als het niet te hard waait, klinkt er dan regelmatig gezellig gekwinkelier van vogels in de omringende bomen door de kamer. Zodra het weer interessant genoeg is om te kijken, laat één van de roofvogels dat over het algemeen luidkeels horen.   🙂