Een meeuw op een paaltje

Gebruik makend van het feit dat ik dankzij de nieuwe medicatie een stuk steviger en stabieler liep, heb ik begin oktober weer eens een fotokuiertje naar de vogelkijkhut ‘de Blaustirns’ bij de Leijen gemaakt. Daar had ik me alleen een tijdje niet meer aan gewaagd, omdat je er over een smal, vaak tamelijk glibberig paadje langs het water moet lopen. Nu durfde ik het aan om er weer eens op eigen gelegenheid naar toe te gaan …


Er zaten twee echte vogelaars met grote toeters op hun camera’s geschroefd in de kijkhut. Eén van hen vertelde dat ik net te laat kwam, omdat er een paar maal een ijsvogeltje op één van de palen had gezeten. Ik kreeg niet meer te zien dan een meeuw, die het plekje op de paal had overgenomen. Maar daar was ik ook al blij mee, temeer daar ik blij was om te horen dat er recentelijk regelmatig een ijsvogeltje bij de hut te zien was. Dat biedt binnenkort hopelijk weer nieuwe kansen …

Twee juveniele bruine kiekendieven

Waar waren we gebleven? Jawel, in de grote vogelkijkhut in de Jan Durkspolder. In het voorgaande blogje hadden Jetske en ik net een grote donkere vogel zien landen in een boom op de westelijke oever van de plas. De vogel leek me groter dan een buizerd, en dan hoop ik eerlijk gezegd altijd even dat het een (jonge) zeearend is. Er zijn tenslotte onlangs op luttele kilometers afstand van de vogelkijkhut in de Alde Feanen weer twee jonge zeearenden grootgebracht en uitgevlogen …

De grote donkere vogel was neergestreken in een boom waar blijkbaar al een soortgenoot zat. Samen zaten ze nu in de top van een kalende boom. Ik had nog steeds geen idee wat voor vogels het waren …

Met de uiterste krachtsinspanning van de Powershot SX70HS heb ik ze nog een stukje dichterbij kunnen halen. Het bleken donkerbruine vogels met een gele kop te zijn en een donkere rand rond de ogen …

Een tijdlang zaten de vogels samen in de boom, de ene leek daarbij geen fijn plekje te kunnen vinden. Hij moest de nodige acrabatische toeren uithalen om in de boom te kunnen blijven. Na enige tijd zagen we dat hij opvloog en overstak naar de oostkant van de plas …

De tweede vogel bleef zitten waar hij zat. Jetske had intussen Obsidenify al ter hand genomen. Daarbij was ze stilaan tot de conclusie gekomen, dat het waarschijnlijk twee juveniele exemplaren van de bruine kiekendief waren …

De vogel die naar de andere kant van de de plas was gevlogen, was inmiddels geland in de buurt van een groepje eenden. Daar bleef hij een tijdlang lekker zitten badderen …

Nadat het kennelijk genoeg was geweest, schudde hij zijn verendek eens flink uit. Toen hij daarbij zijn vleugels uitsloeg, was goed te zien hoe groot hij was …

Daarna vloog hij terug naar de westkant, waarna we hem uit zicht verloren. Maar dat was helemaal niet erg. De beide kiekendieven hadden ons een prachtig slot van de dag bezorgd, we konden weer een mooie waarneming bijschrijven …

Grijs weer boven de Leijen

Om wat te ondernemen, moet ik het tegenwoordig van de koelere dagen hebben. Vandaag is zo’n dag, en ook vorige week vrijdag was zo’n dag. Het trof dat er op die dag een afspraak met mijn fotomaatje Jetske in de agenda stond …

Rond het middaguur reden we naar de Leijen bij Doktersheide (Google Maps). Na een korte kuier door het rietland zochten we een plekje in de vogelkijkhut ‘Blaustirns’. Lang hoefden we niet te zoeken, want er was verder niemand. Uitkijkend over het water viel meteen weer op, dat de linkerhelft van het boomeilandje vrijwel helemaal in de golven verdwenen is …

Veel was er niet te zien rond de hut. Een moederfuut die met twee jongen voorbij zwom vormde wel zo ongeveer het hoogtepunt. Terwijl het ene jong bijna kopje onder leek te gaan, zocht de ander zijn heil tussen bloemen en bladeren van de gele plomp …

Het duurde even voordat we een paar zwarte sterns te zien kregen, terwijl we daar toch vooral voor waren gekomen. Het viel zoals gebruikelijk weer niet mee om ze te fotograferen. Zo lang ze op redelijke hoogte in de lucht bleven, ging het nog wel, maar zodra ze laag over het water scheerden, vielen ze vaak vrijwel helemaal weg tegen het woelige en onrustige water …

Na nog een laatste blik over het rietland hielden we het wel voor gezien in de kijkhut. Kijkend naar lucht, leek het weer er niet mooier op te worden …

Moeder de (nijl)gans

Begin juni schreef ik hier een logje over het vaak luidruchtige en agressieve gedrag van nijlganzen. Nog geen week later kreeg ik ineens een heel ander beeld van de nijlgans voorgeschoteld, althans van Moeder de Nijlgans

Terwijl ik in de vogelkijkhut in de Jan Durkspolder naar de lepelaars zat te kijken, hoorde ik plotseling vanaf de andere kant van de hut een kreet opklinken door één van de luikjes. Toen ik daar naar toe liep en me bij het luikje voorover boog, zag ik dat er vlak buiten de hut een nijlgans stond te roepen. Al snel kwamen er ook twee kleine gansjes tevoorschijn …

Gedrieën begonnen ze aan een klein tochtje over het water. Nadat ze moeder enige tijd hadden gevolgd, mochten de jonkies samen wat ronddobberen, terwijl moeder zich weer terugtrok tot bij de hut …

Wel hield ze haar tweetal goed in de gaten. En dat lijkt me ook niet zo gek. Als je nagaat dat een nijlgans gemiddeld 6-9 eieren legt, dan is de kans groot dat ze al een flink aantal jongen is kwijt geraakt en dat ze als een heuse moederkloek waakt over de laatste twee …

Een merel en vier wandelaars

Voordat ik de hut verliet, keek ik nog even door één van de vensters in oostelijke richting naar buiten. Slechts heel vaag was de glinstering van de windmotor aan de Geau door de mist te zien…

Terwijl ik over het met wilgen omgeven paadje richting auto liep, streek er vlakbij me een merel neer. Even leek er van mist geen sprake te zijn, zonovergoten bleef de merel geduldig voor me poseren …

Terug bij de weg besloot ik nog even een stukje in de richting van de windmotor te lopen. Daar vandaan heb ik een foto gemaakt van de vogelkijkhut in de mist …

Ik was niet de enige die volop genoot van de rust in het mistige en heerlijk rustige buitengebied van de Jan Durkspolder. Uit de mist doemden vriendelijk groetende wandelaars op …

Een grijze vogeldag in de polder

Het was grijs en donker in de Jan Durkspolder. Maar een mens moet af en toe wat, daarom heb ik toch maar even een kuiertje naar de vogelkijkhut gemaakt …

Vlak nadat ik er was gaan zitten, vloog er aan de andere kant van het water een grote zilverreiger op …

Korte tijd later dobberden er twee slobberende slobeenden voorbij …

De laatste waarneming was dat er vijf grauwe ganzen in het water neerstreken …

Had ik in korte tijd toch maar weer acht vogels gekiekt, die zich in onze tuin nooit laten zien … Op naar de koffie!

Zwaluwen rond de kijkhut

Op één van de vele donkere augustusdagen ben ik nog maar eens naar de Jan Durkspolder gereden …

Rondom bepaalden dreigende wolkenformaties het beeld …

Veel vogels waren er niet te zien, maar met veel geduld en nog meer mislukkingen, kreeg ik uiteindelijk toch een aantal keren een voorbij vliegende zwaluw in beeld …

Maar lekker droog zittend, heb ik vanuit de vogelkijkhut toch vooral ook genoten van de wolkenmassa om me heen …

Toen ik terugkwam bij de auto leek de stier, waarmee ik anderhalve week geleden bij het hek had gestaan, in de luwte van de boom weer op me te wachten. Omdat de volgende bui zich in de verte alweer aandiende, heb ik hem maar mooi laten staan …