Boerenzwaluwen en een rietgors

Vandaag sluit ik de fotoserie over de fotokuier met mijn fotomaatje in het Weinterper Skar en bij de Leijen af.. Eerst nog maar even een rustgevende blik door één van de kijkluikjes in de hut over de Leijen. Het water lag er mooi bij onder een vriendelijk gebroken wolkendek …

Daarna richtte ik de blik opnieuw door de open deur naar de achterstaande wand. Daar namen de twee boerenzwaluwen alle tijd om voor me te poseren, zoals de witte kwikstaart dat eerder al had gedaan …

Zodra de zwaluwen gevlogen waren, liep ik naar buiten om te zien of er achter de schutting ook nog wat te fotograferen viel. Dat viel niet eens tegen. Helemaal niet toen Jetske zich even later weer bij me voegde. Terwijl ik doorschoof naar het noordelijke luikje in de schutting, ging Jetske voor het zuidelijk luikje staan. Vrijwel meteen verscheen er een rietgors, waar ik welgeteld één foto van kon maken. Maar de mooiste vangst aan de andere kant van de schutting was toch wel de jonge zwaluw die een stukje verderop op een tak zat …

Ik sluit af met een vrolijke foto van mijn fotomaatje. Dit beeld zegt alles over hoe de sfeer tijdens deze zonnige gezamenlijke fotokuier was …

Een leeg zwaluwnest

De Leijen (Google Maps) is één van de kleinste meren van Fryslân. Zoals veel wateren hier in de buurt is het ontstaan door de turfwinning. Het is een ondiep meertje met een aantal kleine eilandjes, sommige daarvan zijn waarschijnlijk restanten van de legakkers, waarop de turf werd gedroogd …

Nadat ik me enige tijd had gelaafd aan de aanblik van het meer, besloot ik eens rond te kijken in de hut. Jetske stond – nog steeds zwaar bepakt – rechts van me foto’s en een filmpje te maken van een bosrietzanger. Zodra ze merkte dat ik naar haar keek, zei ik: “We zijn er hoor .., je mag je rugzak wel even afdoen en neerzetten …”
“Je hebt gelijk,” zei ze even later, “dit voelt toch wel beter …”    😉

Mijn goede daad weer gedaan hebbend, richtte ik mijn blik naar links omdat ik daar vanuit een ooghoek beweging meende te zien. En dat bleek ook wel te kloppen. Net als vorig jaar zaten er weer een paar zwaluwen op de wand langs het vlonderpad …

Meteen vroeg ik me af of we mogelijk de route naar een nest met jongen blokkeerden. Een rondblik door de hut leerde al snel dat er hoog in een van de hoeken van de hut een nest zal. Er klonk geen geluid uit, maar zekerheidshalve maakte ik even bovenhands een foto om te zien of er mogelijk jongen in zaten. Dat bleek niet het geval …

– morgen meer zwaluwen –

Een kwikstaart bij de Blaustirns

Zodra we het bosje achter ons hadden gelaten zagen we de vogelkijkhut, en tot mijn grote vreugde zag ik even later dat de hut gewoon open was. Er zat geen gesloten deur voor en er waren ook geen planken voor de ingang gespijkerd, zoals dat eind 2017 op deze plek het geval was bij de voorganger van de huidige kijkhut. Sterker nog, naast de ingang hing een mooi kleurrijk koord met onderaan een vriendelijk label ‘HOI’. We voelden ons meteen welkom …

Voor twee personen was het geen probleem om de 1,5 m afstand aan te houden. Al snel zaten Jetske en ik allebei voor een van de kijkgaten op de uiteinden. Jetske zat voor het luik aan de westkant, ik zat aan de oostkant. Het luik in het midden lieten we vrij. En zo zaten we zeker op 1,5 m van elkaar. Perfect dus …

Het dreigde alleen wel erg vol te worden, toen er na enige tijd nog iemand binnen stapte. Het bleek te gaan om een toevallige passant die nieuwsgierig was naar wat er aan het eind van het pad te zien was. Hij had duidelijk geen kwaad in de zin, maar we waren wel blij dat we hem vriendelijk, maar snel weer naar buiten hadden gewerkt. In dit geval was vol echt vol …

Na bijna een jaar was het een prettig weerzien met de Leijen, want zo heet dit meertje. Voor de hut dreven zoals gebruikelijk weer veel bladeren van waterlelies op het wateroppervlak en verderop had het bomeneilandje nog altijd houvast weten te houden. Op één van de paaltjes die voor de hut in het water staan, stond een witte kwikstaart met een snavel vol lekkers voor zijn kroost. Ik had er een perfect model aan, pas nadat ik een mooie serie van hem had gemaakt, verdween hij …

– wordt vervolgd –

Terug naar de Blaustirns

In de zon en uit de wind werd het rond het middaguur flink warm op en rond het bankje aan de oostkant van het Weinterper Skar. Daarom stelde ik na verloop van tijd voor om voor het tweede deel van onze dag een wat frisser plekje op te zoeken. Na kort overleg besloten we weer eens een kijkje te nemen bij de vogelkijkhut de ‘Blaustirns’ op de oever van de Leijen bij Doktersheide …

Onderweg sprak ik het vermoeden uit dat de kijkhut best eens gesloten zou kunnen zijn i.v.m. het coronavirus. Eenmaal ter plekke bleek dat inderdaad het geval te zijn. Maar het hek naar het toegangspad stond open en dus besloten we in elk geval die kant even op te lopen. Ook al zouden we aan het eind van het vlonderpad alleen maar even van het uitzicht kunnen genieten …

Langs het pad konden we onze camera’s meteen weer laten klikken. Een uurtje eerder hadden we de echte koekoeksbloem voor de lens gehad, hier zorgde de dagkoekoeksbloem voor roze tinten tussen het riet. Slechts enkele meters verderop stond de gele lis. Hij zat ruim onder allerlei klein grut, zoals diverse vliegen en kevers. Wat daar op die rechter knop zit, kan ik niet goed thuis brengen. ’t Lijkt op een pas uitgeslopen libel, maar daarvoor is het volgens mij te klein. Kortom: wie het weet, mag ’t zeggen …

We vervolgden onze weg langs het rietveld waar het eerder dit jaar gemaaide riet weer frisgroen omhoog reikte. Langs de oever van de Leijen en rond de tweedelige boom waar de koekoek kort zat te roepen, was een mooi oud rietkraagje blijven staan …

Uiteindelijk bereikten we het vlonderpad, we naderden ons doel. Nog een paar meter …, zodra we het bosje voorbij waren, zouden de hut in beeld krijgen …

– wordt vervolgd –

Hoe en wat 2019 – 6

Juni begon letterlijk en figuurlijk met een paar klappers. Op 4 juni lukte het me tijdens een onweersbui, die ten zuiden van ons langs trok, eindelijk weer eens om de bliksem een paar maal in beeld te vangen. Toen ik de volgende dag met Jetske een rit door de Kop van Overijssel maakte, zagen we de andere kant van het stormachtige weer. Her en der lagen afgebroken takken en gevelde bomen.

De voorgaande avond waren er meerdere tornado’s over ons land getrokken, zo bleek uit analyse van de buien en de achtergebleven schadesporen. Het is duidelijk dat ook deze boom door een sterk windveld is verwrongen tot hij in het midden brak. Bij een normale storm wordt een boom eerder ontworteld dan dat hij halverwege wordt gebroken. Zo lagen veel bomen er bij …

Behalve stormschade kregen Jetske en ik tijdens datzelfde ritje in De Weerribben de kans om een purperreiger te fotograferen in zijn natuurlijke habitat. Wat een schitterende vogel is dat, zijn kleurenpracht is echt heel mooi, kijk maar eens naar de foto linksonder.

Alsof dat alles nog niet genoeg was kreeg ik in juni nog een tweede vogelprimeur. Vanuit de nieuwe vogelkijkhut ‘de Blaustirns’ bij de Leijen kreeg ik op 21 juni heel toepasselijk mijn eerste blaustirns (dat is Fries voor ‘zwarte stern’) voor de lens …

En dan heb ik het over het weerbeeld in juni nog niet eens gehad. Kort gezegd komt het erop neer dat het een veelal wisselend bewolkte maand was. In ons tuintje viel ca. 51 mm neerslag, tegen normaal over de periode 1971-2000 ca. 71 mm. Ondanks die bewolking was het wel een erg warme maand met acht zomerse en drie tropische dagen. Vooral in de laatste week was het met een gemiddelde maximumtemperatuur van ruim 27 graden erg warm . De gemiddelde temperatuur kwam in ons tuintje aan het eind van de maand uit op 18,1 ºC tegen normaal 14,4 ºC.

Op de avond van 21 juni kreeg ik als liefhebber van lichtende nachtwolken tegen middernacht nog een prachtig cadeau voorgeschoteld: de mooiste show van lichtende nachtwolken sinds jaren …

21 juni 2019 – de mooiste lichtende nachtwolken sinds jaren

Alle eendjes …

Volgens Vogelbescherming.nl nemen de aantallen wilde eenden sinds ongeveer 1990 om onduidelijke redenen af, sinds 2000 zelfs met zo’n 20%. Ook het aantal vogels dat ’s winters wordt geteld in Nederland neemt af sinds ongeveer 2000. De oorzaak kan liggen in gemiddeld zachtere winters, waardoor Noord-Europese broedvogels vermoedelijk minder neiging hebben om in Nederland te overwinteren …

Rond de vogelkijkhut ‘de Blaustirns’ aan De Leijen bij  De Tike is van die achteruitgang weinig of niets te merken. Daar heb ik de afgelopen weken vele tientallen jonge eendjes gezien. Ook een kuifeend kwam haar kroost even showen …

Tot slot nog even een serie van dat toch altijd weer leuke jonge spul op het spiegelende oppervlak van De Leijen…

Zwarte sterns bij de ‘Blaustirns’

Zodra ik me vrijdagochtend in de vogelkijkhut “Blaustirns’ voor één van de kijkgaten had genesteld, hoorde ik het gekwetter van de boerenzwaluwen alweer …

Er trokken nog wat buien over de provincie, maar volgens de buienradar zouden ze voorlopig de westelijke oever van de Leijen met rust laten. Voor het uitzicht vormden de buien alleen maar een verrijking …

Terwijl de zwaluwen tijdens de volgende aflossing van de broedplicht even naast elkaar op de schutting zaten, kreeg ik een kans om snel even te zien dat er vijf eitjes in het nest liggen. Hoe mooi ook, daar kwam ik niet voor …

Ik was hier vrijdag voor de zwarte stern, een vogel die als bedreigd op de Rode Lijst staat.. De enige zwarte sterns die ik tot nu toe had gezien, broedden op vlotjes in de Kleine Beulakkerwiede bij Sint Jansklooster

Hoewel ik in het verleden hier rond het oude prieeltje in de Leijen bij mijn weten niet eerder zwarte sterns had gezien, was intussen duidelijk geworden dat ze er tegenwoordig wel degelijk zitten. Daar kon Ed Mather zijn reactie op 11 juni niets aan af doen: “Zonder nestvlotjes geen zwarte stern …”

Op het moment dat ik geconcentreerd bezig was met het filmen van het futendansje, lukte het Jetske woensdag al om een aantal mooie opnamen te maken van passerende en vissende zwarte sterns vlak voor de ‘Blaustirns’

Vrijdagochtend ben ik er eens goed voor gaan zitten. Aan het eind van de sessie leek ik toch zeker een tiental voor mij heel acceptabele foto’s van zwarte sterns had gemaakt. Ze waren zo scherp niet als die van Jetske natuurlijk, daar kan ik met mijn eenvoudige Powershot ook niet tegenop. Ik ben er echter weer blij mee …