Sweltsjes bij de ‘Blaustirns’

Dinsdag ben ik weer eens naar de vogelkijkhut ‘Blaustirns’ op de oever van het meertje de Leijen gewandeld. De laatste keer was half februari, toen er nog een laagje ijs en sneeuw op de Leijen lag …

Het was er nu weer een stuk aangenamer en groener dan in februari. Terwijl het in de winter gemaaide riet alweer mooi groen kleurde, lag er naast het pad een vergeten bosje riet weg te kwijnen …

Vanuit de vogelkijkhut viel niet veel te zien. Bij het boomeilandje lang een vissersbootje afgemeerd en er vloog een paar maal een zwarte stern (blaustirns in het Fries) voorbij, dat had ik al snel bekeken …

Vanaf de andere kant van de hut hoorde ik op dat moment ergens vanuit het riet verschillende keren de ‘misthoorn’ van de roerdomp klinken. En dus heb ik aan de andere kant een luikje geopend, maar hoezeer ik ook in het rond spiedde wanneer hij zich liet horen, hij liet zich niet zien …

Dat deden een paar teruggekeerde boerenzwaluwen wel. Terwijl ik de roerdomp zocht, hoorde ik achter me plotseling het geruis van vleugeltjes en het kenmerkende gepiep van de zwaluwen (sweltjes in het Fries). Het was duidelijk dat ze graag de hut in wilden, om op de gebruikelijke plek een nestje te bouwen, maar dat ze problemen hadden met die grote gedaante van ondergetekende …

Omdat de roerdomp zich niet liet spotten en omdat er verder ook niet veel te beleven viel, besloot ik me terug te trekken uit de hut, zodat de zwaluwen rust en ruimte hadden om hun werkzaamheden uit te voeren …

Onderweg naar de auto heb ik nog een poging gedaan om een rietzanger aan de andere kant van de vaart te kieken, maar ik was veel te traag. Zodra ik hem in de kieker had, schoof de rakker steeds weer een stukje op. Maakt niet uit, de aanblik van de zwaluwen en het geluid van de roerdomp hadden mijn dag voldoende kleur gegeven …

De visser en zijn tuig

– Virtueel naar Frankrijk 20 –

Terwijl aan de andere kant van de Atlantische Oceaan het tellen van de stemmen nog steeds doorgaat, pak ik de draad van mijn virtuele vakantie maar weer op. Dat kost maar weinig moeite, even naar de onderstaande foto kijken en het ruisen van de zee erbij denken, brengt me al snel weer terug in de sfeer …

Een stukje verderop was een visser bezig om zijn tuig op te ruimen. Ik heb die vissers daar in die week vanuit de verte diverse keren gadegeslagen, volgens mij is het loodzwaar werk om dat grote net over de bodem te schuiven, want dat is wat ze ermee doen …

Talloze sierlijk opgerolde sliertjes zand op het pas drooggevallen strand verraden de aanwezigheid van zeepieren …

En dan richt ik de blik weer op de krijtsteen aan de zuidkant van het dorp …

Een visserman op het strand

– Virtueel naar Frankrijk 16 –

Op dag drie heb ik eerst eens een kijkje genomen in het atelier van de heer des huizes op de hoogste etage …

Het moet gezegd, hij had een fantastisch plekje uitgezocht met een majestueus uitzicht …

Maar ook het uitzicht vanaf het balkon mocht er even later weer zijn. Bij laag water verscheen er een visserman op het strand. In de diepte vlak voor het huis ging hij aan de slag met een emmer, een netje en een schep …

Gedurende de week werd het rond koffietijd een dagelijks terugkerende bezienswaardigheid. Wat hij precies deed, kon ik niet goed zien, daarvoor was de 3x zoom van mijn toenmalige Powershot G1 niet toereikend …

Pootjebader in de polder

Zo half februari zie ik het liefst schaatsers hun krassende slagen maken op het ijs in de Jan Durkspolder. Dat zit er dit jaar duidelijk niet in …

In plaats daarvan heb ik er vorige week vanuit de grote vogelkijkhut een half uur lang een pootjebadende grote zilverreiger kunnen observeren …

Een visje heeft hij al die tijd niet kunnen verschalken. Ik had met de mooie foto’s die ik eraan heb overgehouden een stuk meer geluk dan hij …

Jûkelburd is in ’t land

Koud, hé …!? Jawel, jûkelburd is weer even in het land. Zo noemen we de winter wel hier in Fryslân: jûkelburd (spreek uit als: joekelburd). En dan lijkt het ineens alsof er ècht een marathon op natuurijs wordt gereden bij Earnewâld, maar het zijn nog steeds de marathonschaatsers van Hans Jouta, die ik hier twee weken geleden ook al liet zien …

170117-1229x

Het is vandaag dan wel koud, maar twee nachten met lichte tot matige vorst zijn nog lang niet genoeg om een marathon te kunnen schaatsen. Net zo min als het warm genoeg is voor de visser, die bij de haven van Earnewâld naar de schaatsers staat te kijken, om zijn fuiken te kunnen zetten trouwens …

170117-1240x

Die visser laat overigens wel mooi zien waar de naam jûkelburd voor de winter vandaan komt. Vrij vertaald betekent jûkelburd zoiets als ruigbaard. En zo’n ruige baard krijg je met de combinatie van kou en mist vandaag vanzelf … zelfs als je geen baard hebt …  😉

170117-1245x

Een vissende zilverreiger

Nadat de grote zilverreiger (Ardea alba) aan de slootkant een visstekje leek te hebben gevonden, startte ik de auto om hem heel voorzichtig voort te laten rollen tot ik net voorbij het midden van de haaks op de weg liggende sloot was …

161023-1428x

Tot mijn grote blijdschap liet die mooie, sneeuwwitte vogel zich ook nu niet door mij storen. Tot het uiterste geconcentreerd stond hij lange tijd aan de zacht rimpelende waterkant, om dan ineens …

161023-1430x

“Shit … weer mis …!”

161023-1429x