Er is een tijd geweest dat ik er bewust werk van maakte om (macro)foto’s te maken van juffers, libellen, vlinders en diverse andere insecten. Dat kost me zeker in deze warme zomer veel teveel kracht. Tegenwoordig moet ik het vooral hebben van situaties waarin mogelijke modellen het me niet te moeilijk maken. De steenrode heidelibel en de gewone oeverlibel werkten daar onlangs aardig aan mee door op korte afstand voor me in zand zand en op beton neer te strijken. Het levert niet de mooiste foto’s op, maar ik ben wel weer twee libellenfoto’s rijker …
Met de iLark was ik de afgelopen jaren al meerdere keren over de vlonder gereden. Nu was het de beurt aan de Joiny om me veilig langs de mooiste ijsbaan van Fryslân te brengen …
Tot aan de bocht in de vlonder waren er geen juffers of libellen te zien, maar eenmaal halverwege het meertje kreeg ik in korte tijd toch verschillende soorten voor de lens …
een grote roodoogjuffereen gewone oeverlibeleen watersnuffeleen vuurlibeleen gewone pantserjuffer
Ik herinnerde me dat er aan de andere kant een smal poortje zit waar je doorheen moet. Of de Joiny daar doorheen past, wist ik niet. Gelukkig kan de Joiny zo ongeveer om zijn eigen as draaien. Daarom heb ik bijna aan het eind van de vlonder maar rechtsomkeert gemaakt …
Nadat er een kleine communicatiestoornis was opgetreden bij het maken van onze afspraak, pasten fotomaatje Jetske en ik de invulling van de dag gistermorgen probleemloos aan …
We reden naar de Leijen om het water te delen met een visser en diverse vissende vogels. Een passerende vrouw die in hoog tempo het meertje overstak op haar supplank, zorgde voor de sportieve toets …
Een gewone oeverlibel deelde dit uitzicht met ons, terwijl hij aan de wand van de vogelkijkhut ‘Blaustirns’ hing …
Terwijl ik me nog bezig hield met de Maasvlaktecentrale, stond mijn fotomaatje Jetske een stukje verderop te fotograferen op een bruggetje. Tijd om me weer eens bij haar te voegen …
Er zweefden meerdere gewone oeverlibellen boven het water dat onder het bruggetje door liep. Een paar maal lukte het om er eentje in de vlucht in beeld te vangen. Maar het mooist kun je ze toch wel bekijken als ze even ergens stil blijven zitten …
De echte verrassing bestond uit een paar weidebeekjuffers, die er rond vlogen. De weidebeekjuffer is een soort die houdt van kleinere wateren met stroming, zoals beken, sommige kanalen en kleinere rivieren. Het hele jaar door moet er zuurstofrijk water van goede kwaliteit voorhanden zijn. …
De weidebeekjuffer komt in mijn eigen omgeving maar nauwelijks voor. Daarom was dit wel een hoogtepuntje van de dag. Er was trouwens meer moois te zien. Vanaf dit bruggetje zagen we ook meerdere keren een klein, lichtbruin vogeltje vliegen. Hij landde vervolgens steevast op de rechteroever. Waarschijnlijk had hij daar een nestje. Voor mij was het beestje steeds te snel, maar Jetske heeft er wel een paar foto’s van kunnen maken. De ijsvogel – ook een soort die van stromend water houdt – die we elders tijdens onze tocht als een flits voorbij zagen komen, was ook voor Jetske te snel …
Met een foto van een gewone oeverlibel die op het pad neerstreek, rondde ik het fotokuiertje in de Jan Durkspolder af. Hij had bepaald geen fotogeniek decor uitgezocht, maar ik deed het er maar mee. Mijn missie om verschillende insecten te fotograferen was hiermee wel volbracht voor die dag …
Eenmaal in de auto besloot ik langs de Eastersânning even te stoppen op de laatste dam voor het bruggetje. Dat is een mooi plekje om even uit te kijken over het rietland en tegelijk mijn medicijnen in te nemen en een stukje koek te eten. Dat bleek een goeie keuze te zijn. Ik had het raampje nog maar nauwelijks naar beneden laten glijden, of er kwam een boerenzwaluw op het hek met het logo van It Fryske Gea naast de auto zitten …
Nadat het vogeltje zich met een bevallig hupje had omgedraaid, begon hij omstandig zijn veren te poetsen. Even dacht ik dat hij het voor de foto’s deed, maar dat bleek al snel een misvatting te zijn. Hij deed het voor de visite die even later naast hem neerstreek. Kort daarna vlogen ze samen weg …
De manlijke oeverlibel die ik hier gisteren liet zien, zat aan de rechterkant van de brug die toegang geeft tot de Blessebrugschans. Aan de andere kant van de brug zat op datzelfde moment een vrouwelijk oeverlibel …
Haar goudgele pracht komt prachtig uit tegen de zachte achtergrond, die hier wordt gevormd door het wateroppervlak. Onder invloed van de wind ontstaan af en toe zachte schitteringen en ontpopt de oeverlibel zich als een balletdanseres …
Er vlogen vorige week nogal wat libellen rond bij de Blessebrugschans. Met de nadruk op ‘vlogen’, want even rustig stil zitten was er ook hier voor de meeste libellen niet bij. Slechts een enkeling wilde wel even gaan zitten voor de foto …
Deze mooie blauwe libel – een manlijke gewone oeverlibel – zocht helaas een plekje met een nogal drukke en rommelige achtergrond uit. Maar onder het motto “elke libel is er één”, heb ik toch maar getracht er het beste van te maken …