Al grote jonge ooievaars

Omdat ik in de Jan Durkspolder al snel was uitgekeken, ben ik even doorgereden naar Earnewâld om te kijken hoe het er met de ooievaars gesteld was. Terwijl het voor veel weidevogels een heel goed voorjaar was, zijn op diverse plaatsen in het land jonge ooievaars dit voorjaar slachtoffer geworden van regen en kou. Bij een paar van de nesten die vanaf de weg goed te zien zijn, lijkt dat hier bij Earnewâld gelukkig wat mee te vallen …

Op het paalnest tegenover de gaswinlocatie aan de Dominee Bollema van der Veenweg stond één de ouders met twee al grote jongen, die speciaal voor de fotograaf wel even een grappige pose wilden aannemen …

Ongeveer driehonderd meter verder naar het noorden stonden drie jongen op een paalnest …

Bij afwezigheid van de ouders leek het erop dat de al flink uit de kluiten gewassen jongen elkaar aan het voeren waren …

Aanvoer van nestmateriaal

Op een steenworp afstand van de ooievaarsnesten die ik hier gisteren liet zien, ligt een petgat. Op de oever scharrelde een ooievaar rond …

Die was duidelijk bezig om materiaal te verzamelen, waarmee de binnenkant van het nest bekleed kan worden. Met een snavel vol gras of stro nam hij een aanloopje om tegen de wind op te stijgen …

Eenmaal in de lucht maakte hij een ruime bocht, waarna hij vlak voor me langs vloog in de richting van één van de boomnesten …

Ooievaars op het nest

De reeën die ik hier zaterdag liet zien, waren bijvangst tijdens een ritje naar de ooievaarsnesten bij Earnewâld. Een kwartiertje later stond ik op de parkeerplaats bij de grote gaswinlocatie …

Vanaf de parkeerplaats heb ik een kuiertje gemaakt langs de Dominee Bolleman van de Veenweg in de hoop wat ooievaars te kunnen fotograferen. Bij mijn nadering en passage van het eerste ooievaarsnest werd ik nauwlettend gevolgd …

Het tweede nest staat een stukje verderop langs een niet vrij toegankelijk pad naar het rietland. Duidelijk te zien dat de rietsnijders ook hier weer aan het werk zijn geweest. Het valt vanaf deze afstand niet goed te zien, maar het riet lijkt me ook hier niet erg lang …

Ook dit paalnest was overigens weer bezet. Mevrouw ooievaar stond op het nest en haar eega stond op één poot aan de overkant van de sloot …

Ook het paalnest meteen ten noorden van de gaswinlocatie was bezet, hier stond het koppel samen op het nest. Aan het boomnest iets verderop werd nog gewerkt. Even later mocht ik getuige zijn van het transport van een deel van de interieurbekleding voor dat nest …

  • wordt vervolgd

De earrebarre is der wer

Hoewel het zicht bepaald niet optimaal was, kon ik al van ver te zien dat er een ooievaar op het paalnest langs de Bolderen ten noordoosten van Earnewâld stond. Die was knap vroeg terug, bedacht ik me, toen ik daar donderdag langs reed … Ik vervolgde mijn rondje om eens te zien of er in de buurt van de grote gaswinningslocatie dichter bij Earnewâld ook al ooievaars terug waren. Het was onvoorstelbaar, maar vrijwel alle paalnesten – en dat zijn er zeker een stuk of 10 – waren al bezet. Verder zwierven er in de omgeving enige ooievaars rond, die vooral in hooi- en rietlanden hun kostje bijeen probeerden te scharrelen. Kortom: de ooievaar is terug, oftewel in goed Fries: de earrebarre is der wer

 

Eén zwaluw maakt nog geen zomer, zo luidt het gezegde. Dat geldt naar alle waarschijnlijkheid ook voor de ooievaar, zo valt in de volgende alinea te lezen. Maar nu er al zoveel ooievaars terug zijn op hun thuisbasis, zou je zeggen dat het voorjaar nooit ver meer kan zijn. Dit temeer omdat een krachtige westelijke stroming alles wat maar even op winter lijkt in zo ongeveer heel Europa van de kaart veegt. In tegenstelling tot 2012 wijst tot dusver niets op serieus winterweer …

In 2012 heb ik de eerste ooievaar in deze omgeving al op 14 januari gesignaleerd, maar dat bleek bij nader inzien niet zo’n handige keuze van die eigenwijze eenling. Er was op dat moment voor de lange termijn mogelijk winterweer in het vooruitzicht gesteld. En dat bleek in dat geval ook echt uit te komen. Na twee maanden uitermate zacht winterweer kwam er eind januari een omslag. Van 30 januari t/m 8 februari was er sprake van de 33e officiële koudegolf in ons land sinds 1901. Een mogelijke Elfstedentocht op de schaats deed vele harten zelfs even sneller kloppen. Mijn volledige verslag met foto’s en grafieken over de betreffende winterperiode valt te zien en te lezen op: Weerbeeld februari 2012

 

’t Grijze weer beu

Om toch af en toe wat anders te zien dan de tuin, heb ik gisteren weer eens een ritje gemaakt in de buurt van Oudega en Earnewâld. In fotografisch opzicht mocht ik niet mopperen, maar desondanks ben ik zo langzamerhand wel een beetje klaar met het grijze weer. En volgens mij dacht een fazant in stuk hooiland er ook zo over. Nadat ik de auto in de berm had laten uitrollen om een paar foto’s van hem te kunnen maken, bleef hij chagrijnig zitten waar hij zat. Uiteindelijk was ik degene die het eerst weer vertrok, en dat komt niet zo gek vaak voor bij fazanten …

Slechts bijzaak

Meestal zoom ik langzaam in op een onderwerp, in dit geval heb ik het eens andersom gedaan …

De laatste keer dat ik bij Earnewâld langs de rietlanden reed, was ik meteen in de ban van deze weerspiegeling …

De grote zilverreiger zelf was op dat moment in feite slechts bijzaak …

Op pad met Tijmen

Onze kleinkinderen raakten al van jongs af aan vertrouwd met mijn camera. Het duurde dan ook niet lang voordat Tijmen –  de oudste van de twee – zelf ook foto’s wilde maken. Op zijn vijfde kreeg hij de beschikking over het eerste oude digitale cameraatje van zijn ouders. Vanaf dat moment maakten Tijmen en ik regelmatig samen een fotokuiertje wanneer hij bij ons logeerde …

augustus 2014 – met Tijmen in het Weinterper Skar

Ons eerste fotokuiertje bracht ons in augustus 2011 naar de dobbe in het Weinterper Skar. Daar maakten we aan de waterkant allebei foto’s met fraaie weerspiegelingen. En wat is er mooier om na gedane arbeid samen met je kleinzoon op een bankje in de natuur te zitten. Gezellig samen kletsen over ditjes en datjes en tot verrassing van Tijmen een selfie te maken m. b.v. de afstandsbediening …

In maart 2012 maakten we samen een fotokuiertje in de Jan Durkspolder. Samen wandelden we door het rietland. Tijmen maakte op die dag voor het eerst kennis met het begrip ‘vogelkijkhut’ …

Een halfjaar later wandelden we samen over smalle paadjes en wiebelende bruggetjes langs en over de petgaten in de Deelen. Op één van die bruggetjes nam Tijmen alle tijd om het onderwaterleven in een ondiep petgat te bestuderen …

In mei 2014 maakten we op één dag twee wat kortere kuiertjes. We begonnen in het rietland bij Earnewâld. Daar zag Tijmen voor het een rietsnijder aan het werk. Vooral het verbranden van de ruigte vond Tijmen een spannende aangelegenheid. Onze tweede bestemming was het prieeltje aan de rand van de Leijen bij De Tike …

Mei 2015 waren we voor het eerst samen in de Ecokathedraal bij Mildam. Dat was me toch een vreemde, spannende wereld, vond Tijmen. Maar of het nu ging om stenen of om vlinders, bij alles wat hij wilde fotograferen, ging hij voorzichtig en geconcentreerd te werk

Juli 2015 trokken we opnieuw samen door De Deelen. Dit werd een dag waarop we ons vooral richtten op vlinders, juffers en libellen. Ook daar wist Tijmen knappe plaatjes van te maken …

Omdat ik vanaf 2016 steeds meer geplaagd werd door buikklachten, maakte ik steeds minder en kortere kuiertjes. Daardoor kwam de klad in onze gezamenlijke fotokuiertjes. Wetend hoe snel de belangstelling van tieners zich kan verleggen, was ik er al min of meer vanuit gegaan dat onze gezamenlijke kuiertjes wel voorbij zouden zijn. Niets bleek echter minder waar te zijn …

oktober 2019 – samen op een bankje …

– wordt vervolgd –