Dag Nico

Ik had november willen afsluiten met een paar kleurrijke foto’s uit het archief. De actualiteit besliste helaas anders …

Gisteren hebben we op afstand afscheid moeten nemen van een oude vakantievriend. Nico is op 79-jarige leeftijd overleden aan de gevolgen van Corona. Zoals het monument op de plek waar we elkaar leerden kennen ooit is gevallen ten tijde van een storm …

Het was een feest om je te leren kennen, Nico. Voor mij was je een voorbeeld van doorzettingsvermogen en levensvreugd. Je zult gemist worden, vooral door Janske en de (klein)kinderen, maar ook door vele anderen.

Dag Nico …

Terug bij Westhoek

Op ons tripje door de westelijke Waddenstreek zijn we heel toepasselijk aangekomen bij Westhoek. Ik begin met een paar foto’s van een strak, deels overdekt zithoekje naast de parkeerplaats bij de kwelder (Google Maps). Het is ontworpen door Henk Rusman en geplaatst ter herinnering aan het opheffen van de gemeente Het Bildt. De naam van het kunstwerk is ‘Súdwester’. Ik vind het alleen op mijn minst raar dat Westhoek zonder W is geschreven en Het Bildt zonder t

Het Bildt maakte ooit deel uit van de Middelzee en is een van de oudste Nederlandse polders. Hertog George van Saksen liet het gebied in 1505 inpolderen door Hollanders. De bewoners van dit gebied worden Bilkerts genoemd, ze zijn deels van Friese en Hollandse oorsprong en spreken een eigen karakteristieke taal, het Bildts. Op 1 januari 2018 is de gemeente Het Bildt samen met drie andere gemeenten opgegaan in de nieuwe gemeente Waadhoeke

Tijd om de dijk te beklimmen, we waren tenslotte gekomen om aan de andere kant van de dijk vogels te fotograferen. Maar eerst kwamen we langs het monument ter herinnering aan de ‘Poerdersramp’ in september 1935 …

Over het monument en de ramp heb ik op 14 oktober al het een en ander verteld. Maar ook op de website van The Friezinn is er aandacht voor in het hoofdstuk ‘Sterke verhalen’

Nadat de plaatjes op de dijk waren gemaakt, daalden we de dijk af en liepen we de kwelder op. Daar wachtte ons een teleurstelling …

Schaapachtige boa heeft ’t nakijken

De volgende stop was bij de buurtschap Koehool (Google Maps), het kleine vissersdorpje waar na de dijkverhoging van de jaren ’70 nog maar een paar van de originele huisjes zijn overgebleven …

Jetske had het verhaal van ‘de Waadfisker’ natuurlijk al gelezen op mijn blog, maar foto’s van het monument had ze er nog niet gemaakt. Dat heeft ze bij deze gelegenheid wel goedgemaakt …

Omdat ik het beeld en het verhaal al kende, ging mijn aandacht op dat moment vooral uit naar de andere kant van de weg. Daar speelde zich wel een aardig tafereeltje af …

Een vriendelijk groetende wandelaar liep samen met zijn niet aangelijnde hond de dijk op. Daarbij negeerde hij twee borden waarop te lezen was dat honden alleen aangelijnd de dijk op mogen. Dat is op zich tot daar aan toe, maar ik vond het vooral lullig dat hij ook de schaapachtige boa bij ’t hek het nakijken gaf …

Nadat Jetske in fotografische zin rond ‘de Waadfisker’ aan haar trekken was gekomen, besloten we een stukje verderop nog even een kijkje te nemen bij het witte gebouwtje, dat in de verte tegen de dijk lijkt te zijn aangeplakt …

De ‘Poerdersramp’ bij Westhoek

De derde etappe voerde ons van Koehool naar het 3 kilometer verder gelegen Westhoek (Google Maps). Dat was eigenlijk mijn doel voor die dag. Tijdens het vergaren van informatie over de omgeving had ik onlangs ergens gelezen, dat de kwelder bij Westhoek een fijne plek was om vogels te fotograferen …

Voordat we aan die kwelder toe kwamen, werden we hier boven op de zeedijk nog eens geconfronteerd met een monument. In het laatste blogje over Paesens vertelde ik al dat zo ongeveer elk dorp in deze streek wel een monument heeft voor een vissersramp op de Waddenzee. Dit monument is een herinnering aan de zogenaamde ‘Poerdersramp’ die zich hier op 25 september 1935 heeft voltrokken …

Op die dag gingen 14 mannen uit Leeuwarden gezellig een dagje vissen op de Waddenzee. Toen ze van wal staken in hun twee gehuurde roeiboten was het prachtig weer. De leuke dag veranderde echter in een drama, toen er plotseling een zware storm opstak terwijl ze op het Wad aan het poeren waren. Poeren is een bijzondere manier van vissen met lange lijnen, veel meer weet ik daar niet van …

De mannen, die in roeiboten het water op waren gegaan, waren stuurloos. Er werd wel geprobeerd om de mannen te redden, maar zelfs de Harlinger reddingboot kon het water niet op. Omwonenden van de Ouwedyk en Koehool konden de situatie al snel niet langer aanzien en zij gingen zelf het water op om de mannen te redden. Ondanks verwoede reddingspogingen verloren 4 van de Leeuwarder vissers het leven …

Voor de moedige mannen die het water op gingen om de wanhopige mannen op het Wad te redden, werd door Streekbelang Oost- en Westhoek een gedenkteken opgericht. Het monument werd op 25 september 2010 – precies 75 jaar na de ramp – onthuld in het bijzijn van een aantal nabestaanden. Het is een kunstwerk van Marco Goldenbeld uit Sint Jacobiparochi. Het is een stuk golvend staal waarin de HD 6 (het reddingsschip waarmee de mannen het water op gingen) is te zien …

Genoeg geschiedenis, morgen dalen we af naar de kwelder.

Paesens, uitzicht vanaf de dijk

Vandaag het laatste logje van deze 24-delige serie over de rit die ik begin september samen met mijn fotomaatje langs het Wad heb gemaakt. We begonnen die dag bij Firdgum en we eindigden in de omgeving van Paesens-Moddergat. Ik had jullie nog wat foto’s beloofd, die ik had gemaakt terwijl we over de brug van de opera terugliepen naar het dorp. Die was ik na de koffie met gebak op het terras helemaal vergeten, bij deze alsnog …

Over de brug lopend, zag ik dat er in de verte iemand stond te vliegeren. Nou ja, er werd een poging gedaan om een vlieger op te laten. Maar als je hem hier op de dijk niet omhoog krijgt, vergeet het dan maar …

Nee, veel wind was er niet, het was prima weer voor een wandeling over de dijk langs het monument van de Vissersramp van 1883. In de nacht van 5 op 6 maart van dat jaar voltrok zich tijdens een zware storm een vreselijk ramp voor de vissersgemeenschap Paesen-Moddergat. De complete vloot van 22 aken en blazers was uitgevaren. 17 van de schepen zijn vergaan, 83 bemanningsleden bleven achter op zee …

Een stukje verderop staat het beeld ‘de Fiskersfrou’ van beeldhouwer Hans Jouta. ‘De Fiskersfrou’ is een eerbetoon aan de vrouwen van Paesens-Moddergat, die na de ramp van 1883 voor een zware taak stonden: de zorg voor de kinderen en rond zien te komen van een karig inkomen. In februari 2013 heb ik eens een fotoserie van ‘de Fiskersfrou’ in de sneeuw gemaakt …

Het zal zeker niet mijn laatste bezoek aan Paesens-Moddergat geweest zijn, want dat is en blijft een fijne plek om zo nu en dan eens even naar toe te gaan. En eerlijk is eerlijk, ik vind de Peazemerlânnen leeg en ongerept (zoals op de onderstaande foto uit augustus 2012) een stuk mooier dan met het openluchttheater dat er in september stond …

Tot slot: zouden jullie het erg vinden als ik nog ‘ns een serie van een tripje langs het Wad voorbij laat komen?

Anita’s favoriete uitwaaiplekje

Bij Zwarte Haan staan twee lange roestvrijstalen zitbanken van 7,5 meter op de Waddendijk, die zijn ontworpen door de architect Gunnar Daan. Met mijn rug naar het vasteland zittend, heb je vanaf de ene bank zicht op de andere, met daarachter de uitgestrektheid van het Wad. Samen vormen de twee scheef tegenover elkaar staande banken een ontmoetingsplek en een monument ter nagedachtenis aan de Friese PvdA-politica Anita Andriesen

Anita Andriesen was een politica naar mijn hart, zo rood als een kreeft en altijd recht door zee. Ze was gedeputeerde voor de PvdA in de provincie Fryslân en heeft veel voor de provincie betekend. De bank waar ik op ben gaan zitten draagt de tekst “Om de kwaliteit fan de romte”. Deze titel is ontleend aan het provinciale streekplan ‘Om de kwaliteit fan de romte’ uit 2007, dat voor een belangrijk deel Anita’s werk was …

Anita Andriesen overleed op 3 december 2008 op 51-jarige leeftijd op een steenworp afstand hier vandaan, in haar woonplaats Oudebildtzijl, aan de gevolgen van kanker. Voor Anita en haar gezin was dit een favoriet ‘uitwaaiplekje’

Voor Aafje en mij had deze plek al sinds 2001 een bijzondere betekenis, omdat hier de as is uitgestrooid van een lieve vriendin, die net als Anita Andriesen op veel te jonge leeftijd aan kanker is overleden. Sinds deze prachtige banken er staan, vind ik het helemaal een fijn plekje eens even wat te mijmeren en te genieten van het weidse uitzicht …

Morgen hebben we hier een ontmoeting met een paar pelgrims.

Industrieel erfgoed in De Deelen

De eerste baggelmachines werden rond 1900 in gebruik genomen. De machine die hier in De Deelen staat is hier naartoe gehaald door de in deze serie al eerder genoemde firma De Leeuw. Voordat het apparaat naar De Deelen kwam, werd het nog tot 1933 gebruikt in de Rottige Meenthe. Dat laatste was een leuke twist in het verhaal voor mijn fotomaatje, want de Rottige Meenthe behoort meer tot haar rayon. 🙂

In totaal stonden er drie van dergelijke machines in De Deelen. Tegenwoordig is daar nog één exemplaar van over. ,,De familie De Leeuw wilde de laatst overgebleven baggelmachine als oud ijzer verkopen. Ze konden het alleen met de opkoper niet eens worden over de prijs”, vertelde boswachter Roel Vriesema in mei 2019 in de Heerenveense Courant. Nadat deze baggelmachine in 1968 de laatste vracht veen naar boven gehaald om er turf van te maken, bleef de machine hier liggen en zakte hij steeds schever in het petgat …

Toen Staatsbosbeheer in de jaren zeventig eigenaar werd van De Deelen, kreeg ze er ook deze oude machine bij. Sindsdien is er veel gedacht, gepiekerd en gebrainstormd over de vraag wat er met het gevaarte moest gebeuren, zoals het weer rechtop zetten en/of er een kunstwerk van maken. Omdat het apparaat inmiddels in te slechte staat verkeerde, kon het niet meer gerestaureerd worden. Daarom is in 2019 besloten om de baggelmachine op te takelen en hem dan weer rechtop te zetten en te verankeren in een ijzeren corset …

En nu rust dat machtige stuk industrieel erfgoed hier als een grote bonk roest in een verborgen petgat in De Deelen. Roemloos en statusloos, want het ding is praktisch onvindbaar en heeft geen enkele monumentale status. Eigenlijk is dat natuurlijk heel raar. Hier in Fryslân en in de Kop van Overijssel zijn naar schatting tientallen baggelmachines in bedrijf geweest. Samen zijn ze gezichtsbepalend geweest voor het landschap dat we er tegenwoordig aan overgehouden hebben. Treurig dat SBB zelfs nog geen eenvoudige, goed zichtbaar bordje langs het fietspad heeft geplaatst. Je zou bijna denken, dat ze niet willen dat het gezien wordt …

Ik heb altijd gedacht dat dit de laatste baggelmachine van ons land was, maar er schijnt nog een (in werkende staat verkerende) baggelmachine in museum De Ronde Venen in het Utrechtse Vinkeveen te staan. Daar heb ik op internet echter geen enkel bewijs voor gevonden. De laatste mij bekende baggelmachine is daarom de ruïne van dit exemplaar in De Deelen. Hij heeft zijn werk gedaan en mag verder in alle rust wegroesten …