102.000 stenen

In het kader van de Nationale Dodenherdenking neem ik jullie vandaag net als vorig jaar op 4 mei weer even mee terug naar Kamp Westerbork bij het Drentse Hooghalen. Op de appèlplaats van het voormalige Kamp Westerbork is een monument ter herinnering aan de 102.000 Joden en Roma die tijdens de Tweede Wereldoorlog vanuit Nederland werden gedeporteerd en niet meer levend teruggekeerd zijn …

De rechthoekige stenen zijn allemaal voorzien van een symbool. De stenen met een roestvrijstalen davidsster gedenken de Joden die naar Midden- en Oost-Europa werden gedeporteerd en daar vermoord werden. 213 stenen dragen een vlam en verwijzen naar de omgebrachte Roma. Enkele tientallen stenen hebben geen symbool en verwijzen naar omgekomen verzetsstrijders …

Het hoogteverschil tussen de stenen moet benadrukken dat er voor ieder slachtoffer een eigen steen is neergezet. Daarnaast maakt het hoogteverschil tussen de stenen de omvang van het getal 102.000 zichtbaar. De stenen zijn geplaatst in de vorm van de kaart van Nederland, om te onderstrepen dat de Joodse gevangenen van kamp Westerbork uit alle delen van Nederland afkomstig waren …

Vanavond om 20:00 uur is het twee minuten stil en herdenken wij allen – burgers en militairen – die in het Koninkrijk der Nederlanden of waar ook ter wereld zijn omgekomen of vermoord sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, in oorlogssituaties en bij vredesoperaties …

RTV Drenthe zendt vanavond om 19.20 uur in het kader van de Dodenherdenking een speciaal herdenkingsprogramma uit, dat is opgenomen in kamp Westerbork.

Bronnen: www.kampwesterbork.nl en wikipedia.

Tabaksfabriek Erven Fokke v/d Meulen

Op de laatste foto van gisteren was op de achtergrond nog net een stuk van de gerestaureerde tabaksfabriek van de  firma Erven Fokke v/d Meulen te zien. Dit was lang het vlaggenschip van de Drachtster tabaksindustrie. In Drachten waren vroeger tientallen bedrijfjes waar pijp- en pruimtabak werd gefabriceerd, daarnaast werden er ook veel sigaren gemaakt …

De tabaksfabriek annex pakhuis is rond 1902 gebouwd in opdracht van de fa. Fokke van der Meulen. In de fabriek werd de beroemde pruimtabak “Drachtster Kei” vervaardigd. Tot in de jaren 60 van de vorige eeuw was ‘Drachtster Kei’ een begrip. Maandelijks werd er voor de liefhebbers zo’n 1000 kilo pruimtabak gefabriceerd …

Later nam de vraag naar pruimtabak geleidelijk af. In 1990 werd de productie gestaakt en de merknaam ‘Drachtster Kei’ werd verkocht aan Douwe Egberts. Daar bleef van het ooit vermaarde merk al snel niets meer over. Vanwege de geringe belangstelling werd de ‘Drachtster Kei’ uiteindelijk uit de handel genomen …

In de ca. 20 jaar die volgden, vielen de restanten van de oude tabaksfabriek regelmatig ten prooi aan brandstichting en vernieling. Omdat de oude fabriek één van de weinige monumentale gebouwen in Drachten is en vanwege de herinnering die het gebouw vormt aan de verloren gegane Drachtster tabaksindustrie, is het rond 1990 op de lijst van rijksmonumenten in Drachten gezet door de gemeente …

Er volgde een jarenlange soap rond het pand, dat gestaag verder in verval raakte en verloederde. Lang dreigde sloop van het karakteristieke pand. Diverse miljoenen kostende plannen gingen over tafel om vervolgens weer een stille dood te sterven. Uiteindelijk is het oudste en meest kenmerkende deel van de fabriek behouden gebleven en gerestaureerd …

Het gebouw is behouden, maar daar is het ook wel mee gezegd. Als onderdeel van één of ander packagedeal werd het gebouw aan de voor- en achterkant ingeklemd tussen nieuwbouw. De voorkant van het pand is vanaf de Zuidkade maar nauwelijks meer te zien …

Het eindresultaat van het behoud van de tabaksfabriek is niet honderd procent, maar het proces er omheen heeft wel de drastische sloop van waardevolle historische panden in Drachten een halt toegeroepen. De dreigende sloop van het gebouw was rond 1990 namelijk de directe aanleiding voor de oprichting van de cultuurhistorische stichting ‘Smelne’s Erfskip’. Het enige wat nog echt van de oude fabriek is overgebleven, is het originele bord op de gevel. …

De achttien dooden

Vandaag, 4 mei, is de Nationale Dodenherdenking in Nederland. Alle burgers en militairen die sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog (10 mei 1940) in oorlogssituaties of bij vredesoperaties in Nederland of waar ook ter wereld zijn omgekomen worden vandaag herdacht. De herdenking zal er als gevolg van de Coronamaatregelen anders en vooral leeg uitzien. Maar ook in deze Coronatijd nemen we om 20:00 uur twee minuten stilte in acht.

Het lied ‘De achttien dooden’ is een gedicht dat Jan Campert (1902-1943) schreef naar aanleiding van de executie van achttien verzetsstrijders die op 13 maart 1941 plaatsvond op de Waalsdorpervlakte. Het is een bekend gedicht geworden over het Nederlands verzet in de Tweede Wereldoorlog …

Bij het voormalig kamp Westerbork staat een monument ter nagedachtenis aan de journalist, dichter, schrijver en verzetsman Jan Campert. Campert heeft rond de twintig joden naar België helpen ontsnappen. Op 21 juli 1942 werd hij samen met zijn helper, de Bredase journalist Martien Nijkamp, vlak over de grens bij Baarle-Nassau gearresteerd, toen ze de 21-jarige jood Frans van Raalte naar België probeerden te smokkelen. Van Raalte pleegde nog dezelfde dag in gevangenschap zelfmoord …

Campert zat enige tijd gevangen in Breda, in kamp Haaren en in kamp Amersfoort. Uiteindelijk kwam hij via concentratiekamp Buchenwald in november 1942 in het Duitse concentratiekamp Neuengamme terecht. Volgens de officiële verklaring in zijn medische dossier is hij daar op 12 januari van dat jaar op veertigjarige leeftijd overleden aan borstvliesontsteking …

‘De achttien dooden’ werd in maart of april 1943 door de Utrechtse student scheikunde Geert Lubberhuizen uitgebracht als rijmprent met een tekening van Fedde Weidema. Het pamflet werd in ruime kring verspreid en verkocht, en kreeg tijdens kort na de Tweede Wereldoorlog grote bekendheid. Weidema tekende onder het pseudoniem Coen van Hart een compositie van een dode te midden van de symbolen van Nederland. Een vlinder, bloemen, de zon en het silhouet van een stad; met de ruïnes van de oorlog en het prikkeldraad van de onderdrukking …

De bovenstaande prent heeft in mijn tienerjaren lang op mijn slaapkamer op zolder gehangen.

De laatste blaadjes

Het ziet er niet naar uit dat we de zon vandaag te zien krijgen. Daarom gooi ik er op deze zondag maar een paar zonnige plaatjes uit eigen tuin tegenaan …

De foto’s dateren van begin december. Sindsdien is de situatie ter plekke enigszins gewijzigd. De laatste blaadjes zijn verdwenen, er hangen nu alleen nog wat besjes …

Voor de mensen die meer van rechtlijnigheid houden, heb ik de volledige versie van “‘Deltawerk 1:1’ – De Deltagoot in het Waterloopbos” online gezet. Veel kijkplezier en een fijne zondag verder!

Deltawerk 1:1 – deel 4

Laatste deel van een 4-delige serie over het kunstwerk ‘Deltawerk 1:1’ in het Waterloopbos in de Noordoostpolder.

De ontwerpers van ‘Deltawerk 1:1’ hopen dat de (hellende) betonplaten na verloop van tijd onder invloed van weer en wind begroeid zullen raken door algen en mossen. De gestage verkleuring die daardoor ontstaat, moet ‘Deltawerk 1:1’ langzaam op laten gaan de omringende natuur. Zo wordt een relatie gelegd met de wat verderop in het Waterloopbos liggende schaalmodellen van het Waterloopkundig Laboratorium die ook langzaam worden opgenomen door de natuur …

Doorkijkjes naar de andere zijde als je langs het monument loopt, zullen dat effect alleen maar versterken.
“De ruimte verandert gedurende de dag, de seizoenen en over de jaren”, zeggen de ontwerpstudio’s. Hoe subtiel het spel van licht en schaduw af en toe is, kun je mooi op de bovenstaande foto zien. Daar zitten niet alleen fraaie weerspiegelingen in, maar er liggen ook een paar mooie banen zonlicht over de waterspiegel.

Afijn, geniet nog maar even van het laatste deel van deze 4-delige serie over het kunstwerk dat is ontstaan uit de oude Deltagoot in het Waterloopbos …

– Bij voldoende animo zet ik de volledige 16 minuten durende serie met muziek dit weekend ook nog online –

Deltawerk 1:1 – deel 3

Deel 3 van een 4-delige serie over het kunstwerk ‘Deltawerk 1:1’ in het Waterloopbos in de Noordoostpolder.

Twee betonnen loopbruggen maken ‘Deltawerk 1:1’ ook aan de binnenkant toegankelijk. Op het moment dat je tussen en onder rechtopstaande en gekantelde betonplaten van 80 centimeter dik doorloopt, ervaar je de grootsheid ervan eigenlijk pas echt goed. Je lijkt het massieve, koude beton rondom bijna te kunnen voelen …

In fotografisch opzicht is de binnenkant van het monument zeker niet minder mooi dan aan de buitenzijde. Zeker op zo’n dag met weinig wind en een helder blauwe lucht waarop Jetske en ik er waren, ontstaat een mooi spel van lijnen, licht en schaduw. De zacht rimpelende weerspiegelingen doen de rest (zie foto linksboven). Een prettige verrassing vond ik dat verre eind van ‘Deltawerk 1:1’ in tegenstelling tot de andere kant gesloten is (zie foto rechtsboven) …

– wordt vervolgd –

De ene ramp is de andere niet

Als je bij de kerk van Wierum staat, dan kan het monument dat daar op de zeedijk staat je niet ontgaan. Het monument is in 1968 tot stand gekomen op initiatief van de vereniging Dorpsbelang Wierum en is gemaakt door G.J. de Weert …

“Hé, nog een monument voor die vissersramp zeker,” liet Jetske zich ontvallen toen we de trap beklommen. Boven aangekomen ontdekte ze echter dat de ene ramp de andere niet is. De grote ramp bij Paesens-Moddergat voltrok zich in de nacht van 5 op 6 maart 1883. Een vergelijkbare ramp deed zich hier ruim 10 jaar later voor met de vissersvloot van Wierum. Op 1 december 1893 voeren 17 vissersschepen uit, slechts 4 daarvan keerden teug. 22 Vissers, variërend van 19 tot 80 jaar, bleven die nacht op zee achter …

En de vrouwen dan …?