Alle zwanen verzamelen!

Toen ik na het maken van de laatste rijpmacro’s weer overeind was gekrabbeld, was het tijd om langzamerhand huiswaarts te keren. Ik besloot binnendoor via Tijnje en Nij Beets terug te rijden …

Ter hoogte van het stroompje It Mûdjip zag ik vanaf de Riperwâlden een paar zwanen in een berijpt weiland rondscharrelen. In eerste instantie zag ik alleen een volwassen zwaan en een wat jonger exemplaar zitten. Op de eerste foto is een stuk verderop nog een tweede witte stip te zien …

Ik had de auto nog maar net stil gezet, of het hele spul kwam in beweging. Vanuit de verte kwamen over It Mûdjip twee zwanen aangevlogen en ook de beide zwanen die het dichtst bij me in het weiland zaten, maakten een korte vlucht. Op de foto hier rechtsonder is nog net te zien dat er ijslandingen gemaakt moesten worden …

Die kunst leken ze prima te beheersen, want ze kwamen allemaal veilig aan de rand van het open water terecht …

Eén van de knobbelzwanen ging niet te water, hij leek het ijsoppervlak eens even goed te bekijken. Of zou hij even onderzoeken wie de vogelpoep daar op het ijs heeft gedumpt …

Het werd blijkbaar goed bevonden, want hij ging nog even mooi zitten voor de laatste foto …

Over turf en meer

Op de terugweg hebben we nog twee tussenstops gemaakt. Om te beginnen trakteerde Nils op een terras bij Vierhuis op koffie met appelgebak. Daarna reden we door naar Rotsterhaule, waar we even een zijsprongetje namen naar het natuurgebied het Easterskar. Net als veel andere natuurgebieden heeft het Easterskar zijn ontstaan te danken aan de turfwinning …

Het had niet veel gescheeld of natuurgebied het Easterskar had niet bestaan. In het kader van werkloosheidsbestrijding werd begin vorige eeuw namelijk veel ‘natuur’ ontgonnen voor de landbouw. Omstreeks 1960 stond het Easterskar op de planning om op de schop te gaan. De groeiende industrialisatie hield het project echter tegen. Het naastgelegen Westerskar was wel al ontgonnen, maar het Easterskar en haar domein van bijzondere planten, vogels, vlinders, reptielen en amfibieën bleef gespaard en werd eigendom van de provinciale vereniging voor natuurbescherming ‘It Fryske Gea’

Ik besloot dit zijsprongetje te maken, omdat we onderweg langs de geboorteplek van mijn moeder kwamen. Pake verdiende zijn brood als landarbeider in en rond het Easterskar. Mem kwam als zevende kind op de wereld in het kleine huisje op de foto hieronder. Zo’n groot gezin in zo’n klein huisje, daar kunnen we ons vandaag niets meer bij voorstellen. Op de rechter foto zie je het gezin nog voordat mijn moeder werd geboren.

Wij waren intussen aangekomen in de vogelkijkhut ‘Skiere Goes’ (‘grauwe gans’ voor niet-Friestaligen) in het natuurgebied. Rondom de hut was het rustig, in de verte dreef een aantal zwanen op het water en vloog een grote zilverreiger op …

Op het moment dat wij de hut betraden waren twee vogelaars met luide stem bezig om een derde vogelaar uit te leggen welke instellingen hij met zijn camera, met daarop een joekel van een zoomlens, het best kon gebruiken. De man bleef echter hardnekkig tegenstribbelen. Nils en Tijmen zagen de humor er wel van in. Pepijn begreep er niets van, vooral omdat ik net voordien had verteld dat je in een vogelkijkhut wat stil hoort te zijn om de vogels niet te verjagen. Toen hij erbij ging liggen, leek het mij de hoogste tijd om huiswaarts te keren …

De hectiek van het zwanenleven

Toen ik zwaan PP91 hier een paar dagen geleden introduceerde schreef ik al, dat we deze af en toe zo fier voorwaarts stappende zwaan nog terug zouden zien. Wel, vandaag is het zo ver …

Veel gelegenheid om zo fraai en rustig rond te stappen, kreeg PP91 niet. Al vanaf het moment dat de twee zwanen in de sloot landden, werd PP91 op de huid gezeten door de andere zwaan. Ik kreeg dan ook al snel het idee dat het levenspartners waren. Half vliegend, half rennend stoven ze verschillende keren over land en water achter elkaar aan. Tussendoor werd af en toe een korte pauze ingelast om op adem te komen …

Tot een amoureus samenzijn van de twee kwam het niet, daarvoor moest ik me na verloop van tijd op een ander koppel richten. Maar dat is voor overmorgen …

Bij de sluis van Le Tréport

– Virtueel naar Frankrijk 26 –

Waar een buitenhaven is, daar moet ook een binnenhaven zijn. En dat is bij Le Tréport dan ook het geval. Om te voorkomen dat die binnenhaven net als de buitenhaven droog valt bij laag water, is er een sluis aangelegd …

Op het moment dat wij er passeerden was er net een zwanenpaar aan het ravotten. Zoals wel vaker het geval is, leek hij er meer zin in te hebben dan zij …

Ik sluit af met de opvallend vrolijk gekleurde palen die de vaarroute aan de zeezijde van ’t sluiscomplex markeren …

– wordt vervolgd –

Met Jetske naar de grutto’s

Het is weer woensdag en dat betekent, dat ik de dag toch weer begin met de stand van zaken in coronatijd. De social distancing maatregelen lijken hun vruchten af te werpen. Voor zover ik heb gezien en uit de media heb vernomen, is het hier Fryslân de afgelopen weken op straat, in plantsoenen en in de natuur erg rustig geweest. Als gevolg van de maatregelen lijkt er heel voorzichtig een zekere stabilisering in zicht te komen van het aantal mensen dat met corona op de IC moet worden opgenomen. Ook m.b.t. de beschermingsmiddelen schijnt het er nu ook beter voor te staan. In de Friese ziekenhuizen lijkt alles langzaam maar zeker in de juiste plooien te zijn gevallen …

Dat merkt ook mijn fotomaatje in ziekenhuis Tjongerschans. Het was dan ook een prettige verrassing, toen ze me vorige week voor het eerst sinds het ingaan van de intelligente lockdown uitnodigde om maar weer eens samen op pad te gaan. Jetske wilde namelijk graag de grutto fotograferen, en ik mocht haar daarbij naar de juiste locatie gidsen. Maar dan wel met inachtneming van de coronamaatregelen natuurlijk. ‘Samen apart’ noemde Jetske het. Ieder in de eigen auto reden we naar de Mieden onder de rook van de zuivelfabriek in Gerkesklooster-Stroobos …

Op de bovenstaande foto’s zie rechts in de verte onze auto’s. Daar klapten we recht voor het plas-drasgebied onze stoelen uit op zeker 3 meter afstand van elkaar. Omdat ik de laatste weken altijd alleen op pad ben eigenlijk niemand tegenkom, moet ik daar nog steeds aan wennen, maar Jetske is daarin terecht heel stringent en consequent. Ik hoefde maar op te staan om een dropje presenteren, dan nam ze de benen om 50 meter verderop in de berm te gaan zitten …  😉

In de inleiding bij het filmpje schreef ik eergisteren al, dat het een feest was om al die (weide)vogels daar te zien en te horen. Maar nog mooier vond ik het eerlijk gezegd om daar weer met mijn fotomaatje te zitten. Het is in de loop van de afgelopen 13 jaar zo vertrouwd geworden om een paar maal per maand samen op pad te zijn, dat ik het de afgelopen weken echt als een gemis heb ervaren …

Terwijl we als vanouds samen zaten te fotograferen, was het ook goed om tussen de bedrijven door weer echt wat bij te praten. Jetske heeft gisteren een aantal fraaie close-ups en een prachtig filmpje van de zo gewenste grutto op haar weblog gezet: ‘Grutto’s in De Mieden’

Het staartje van de winter van 2005 (4)

Ook op de derde dag na de zware sneeuwval van 2 maart 2005 heb ik weer een ritje door de provincie gemaakt. Het was weliswaar mooi zonnig weer, maar het was wel de tweede ijsdag op rij, want de temperatuur kwam overdag niet boven het vriespunt. Dat dikke pak sneeuw zorgde samen met een hogedrukgebied voor een winterse situatie waarin het die week enkele nachten streng vroor …

Hieronder nog een deel van de foto’s van die rit door de besneeuwde Friese vlakten. Het was ook de laatste dag waarop ik nog foto’s van de sneeuw heb gemaakt. In het weekend volgde een periode met guur, herfstachtig weer. Daarna viel geleidelijk de dooi in …