Reebok aan de bosrand

Vorige week woensdag liet ik me bij een temperatuur van ruim 15 ºC in heuse voorjaarsomstandigheden door mijn fotomaatje rondrijden in de Kop van Overijssel. Toen we over een onverhard pad rustig voorthobbelden in de richting van het rietland van Jetske’s zwager, zag ik aan de bosrand ineens een reebok staan …





Op mijn verzoek was Jetske wel bereid om even te stoppen, zodat ik -nadat ik het raam zachtjes naar beneden had laten zoeven- een paar plaatjes kon schieten van het sierlijke dier. Even keek het schrandere dier op om te bekijken wat voor snode plannen wij hadden, daarna boog hij zich voorover om doodgemoedereerd verder te gaan met grazen …





Na enige tijd draaide het dier zich om, waarna hij rustig in de richting van de bosrand liep. Onderweg hief hij zijn kop nog eens op om ons nog eens in ogenschouw te nemen. Die dieren zijn veel te goed van vertrouwen, deze ree had geluk dat ik alleen plaatjes schiet, maar dat loopt nog eens verkeerd af als hij eens een andere schutter tegen het lijf loopt …





Hoe dan ook, hier en daar nog een plukje gras meenemend, verdween hij even later in het bos. Voor ons was dat het sein om onze weg weer te vervolgen in de richting van het rietland, waar we even later in het zonnetje en uit de wind heerlijk hebben zitten lunchen …





De voorjaarsomstandigheden van die recordwarme maartdag (in het zuiden werd het afgerond 19 ºC)  liggen intussen al weer een week achter ons. Sindsdien zitten we weer midden in de winter en heb ik in ons tuintje zelfs twee ijsdagen kunnen noteren. Het zuidoosten van ons land kreeg gisteren een dik pak sneeuw te verwerken en afgelopen nacht was het vooral in het zuiden weer berekoud. In het Limburgse Ell werd met -13 ºC kouder dan het sinds 1901 ooit eerder zo laat in maart was in Zuid-Nederland. Vanaf komend weekend lijken de scherpste kantjes eerst weer van de kou af te gaan, maar van de nachtvorsten lijken we voorlopig nog niet af te zijn …