Een paar zweefvliegen

Zweefvliegen zijn er in allerlei soorten en maten. In ons land komen ruim 300 zweefvliegsoorten voor. Het zijn mooie en onschuldige insecten. De snorzweefvlieg is daar een mooi en veel voorkomend voorbeeld van …

Veel zweefvliegen hebben de pech dat ze vaak worden aangezien voor wespen. Sommige mensen beginnen al heftig te molenwieken, wanneer ze op een meter afstand een vermeende wesp spotten. Dat zou best ook wel eens het geval kunnen zijn bij de onderstaande gewone pendelzweefvlieg, die ik half augustus op de klimop fotografeerde. Hij ziet er misschien gevaarlijk uit, maar hij doet geen vlieg kwaad. Een angel om eens flink mee te steken heeft hij niet en bijten doen ze ook niet …

Zweefvliegen danken hun naam aan de manier waarop ze zich door de lucht bewegen. Ze vliegen korte stukjes om dan plotseling te stoppen en ter plaatse in de lucht te blijven zweven. Als je dan een plotselinge beweging maakt, schieten ze ineens weg. In tegenstelling tot wespen hebben zweefvliegen korte en onbeweeglijke antennes. Zweefvliegen leven vooral van nectar en stuifmeel. Ze zijn dan ook vaak op bloemen terug te vinden en zijn niet geïnteresseerd in limonade.

    Voor de laatste foto van vandaag keren we terug naar de vijver. Daar zat een andere snorzweefvlieg op één van de bloeiende waterlelies …

    Meer juffers dan vlinders

    We hebben maar een kleine vijver in de tuin, maar zoals bekend zou ik hem voor geen goud willen missen. Behalve vissen, kikkers en watersalamanders worden ook diverse insecten aangetrokken door de waterpartij. Waar ik altijd van kan genieten zijn de waterjuffertjes, die zich ook in deze tijd van insectenschaarste nog regelmatig in onze tuin laten zien. Ik heb hier dit jaar tot nu toe meer waterjuffers dan vlinders gezien. Twee soorten voeren de boventoon: vuurjuffers en de pantserjuffers. De vuurjuffers op de onderstaande foto’s waren de eersten die ik dit jaar begin juni in de buurt van de vijver kon vastleggen …

    Zo traag als een slak …

    … maar een stuk minder soepel. Dat typeert mijn situatie sinds enkele dagen nog het best.

    Een paar weken geleden kroop deze naaktslak door de tuin. Het schijnt een rode wegslak te zijn. Ik las dat hij wel 20 cm lang kan worden, dit exemplaar schat ik op zo’n 8 cm. Soepel schoof hij langzaam vooruit, hier eens een kleine verhoging overwinnend, daar een hinderlijk grasspriet opzij duwend …

    Ik beweeg me sinds eind vorige week een stuk minder soepel. Erger nog, ik kan vrijwel geen stap zetten zonder dat er ernstige pijnscheuten door mijn linkerbeen, -heup en rug schieten. Ik kan enkel met mijn wandelstok de hoogst nodige stappen binnenshuis en op het terras maken. We zijn bang voor iets van acute ischias, maar een diagnose moet nog gesteld worden. De huisarts was gisteren afwezig i.v.m. familieomstandigheden en de vervangende huisarts zat met een gebroken heup thuis. Dat heb ik dan weer!

    Nog een geluk dat ik onlangs was begonnen om de mooiste macrofoto’s van de afgelopen zomer te verzamelen. Daar vermaak ik me voorlopig nog wel mee, want de enige plek waar ik momenteel bijna pijnvrij kan zitten, is mijn bureaustoel. Het moet wel gek gaan, wil mijn weblog stilvallen …

    De oogjes van ’n schildwants

    Hoewel het karig gesteld is met veel insecten, weten groene schildwantsen onze tuin dit jaar goed te vinden. Het is ’t enige insect dat ik met een zekere regelmaat ergens in de tuin aantref …

    Vorige week kroop er eentje over de rand van een van de terrastafeltjes. Het beestje leek net zo nieuwsgierig naar mij als ik naar hem. Dat gaf mij de kans om een aantal fijne detailfoto’s van hem te maken …

    Zelfs de facetjes van zijn toch bepaald niet grote ogen zijn haarscherp te zien. Toen hij nog een klein beetje naar me toe draaide, stond ik plotseling oog in oog met een zee aan oogjes …

    Bloemetjes en bijtjes

    Het is al veel vaker gezegd, maar ik blijf het toch zeggen: het gaat ook dit jaar weer bar slecht met de insecten in onze tuin. Regelmatig loop ik speurend en spiedend gewapend met de camera een rondje door de tuin. De buit is vaak maar klein en meestal zelfs nihil. Maar omdat de aanhouder zo af en toe toch wel eens wint, blijf ik mijn rondjes met de camera door de tuin maken …

    Aafje heeft het me onlangs (bewust of onbewust) wat makkelijker gemaakt door een potje met kattenkruid op een van de terrastafeltjes te zetten. Zondagmiddag was het daar een komen en gaan van bijen, daarom ben ik er maar eens een kwartiertje lekker met de camera bij gaan zitten …

    Verrassing op de achterdeur

    Nadat ik een rondje door de tuin had gemaakt, trof ik op het raam van de achterdeur een kleine verrassing aan in de vorm van een muntvlindertje