Terug bij de pijnpoli

Ruim twee maanden na mijn vorige qutenza-behandeling tegen de almaar aanhoudende buikpijn ten gevolge van de Acnes waarmee ik sinds een kleine 3 jaar ben behept, hadden we gistermorgen weer een afspraak op de pijnpoli …

Die afspraak kwam ook niets te vroeg trouwens, want de qutenza-pleister had zijn werking alweer een paar weken verloren. Voor mijn gevoel was de werking ditmaal wat minder diepgaand en minder effectief geweest. Mijn theorie dat de MS mogelijk een nadelige invloed heeft op de werking van de qutenza, werd wel gedeeld door de anesthesioloog …

Daarnaast verandert pijnbeleving naar mate de pijn zich meer chronisch in het lichaam nestelt, aldus de anesthesioloog. Afijn, tweemaal chronische klachten, dat gaat dus weer lekker dubbel op. Zo groen van pijn en ellende als de giraf in de wachtkamer bij de pijnpoli ben ik gelukkig nog niet. Dat gevoel heb ik dankzij de qutenza-behandeling al een klein half jaar niet meer gehad. Het blijft behelpen, maar dat zie ik dan toch maar als winst …

Op dit moment pas ik mijn activiteiten en levenswijze weer even wat extra aan, en dat is geen enkel probleem sinds de weeromslag. Volgende week maandag mag ik me weer een uurtje uitstrekken op de pijnpoli om weer een pijnlijke, maar toch bevrijdende pleisterbehandeling te ondergaan. Als het meezit, ben ik ongeveer een week daarna weer van de ergste pijn verlost. Met behulp van mijn foto-archief van februari lukt het tot die tijd nog wel om het weblog rustig voort te laten kabbelen. Daar zal ook de stoere jongen in de wachtkamer op de onderstaande foto me niet van weerhouden …

Ze zijn overigens goed bezig bij ziekenhuis Nij Smellinghe. Een groot deel van het parkeerterrein is intussen overdekt met zonnepanelen. Dat zouden ze op meer plaatsen moeten doen …

Naar de uitgang

Moe, maar absoluut voldaan over alle moois dat we hadden gezien in Park Vijversburg, besloten we op die mooie dag in mei tegen vier uur ’s middags op zoek te gaan naar de uitgang. En dat viel nog niet eens mee …

In een eerder logje schreef ik al: “Groot Vijversburg was dus eigenlijk een bos om de hoek. In het park waren vernuftige slingerpaden en kronkelende vijverpartijen aangelegd, zodat er lange wandelingen gemaakt konden worden zonder dat de wandelaars in de gaten hadden dat ze verschillende keren (bijna) langs dezelfde plek liepen …”

Uit eigen ondervinding kan ik zeggen dat de landschapsarchitect indertijd goed werk heeft gedaan, want wij kwamen helaas ook een paar maal op hetzelfde punt uit zonder dat we een stap dichter bij de auto waren gekomen. En dat terwijl ik intussen al knap moe was en ook flink dorstig. Het was aanlokkelijk om maar even op één van de bankjes te gaan zitten, die daar heel verleidelijk in de zon stonden. Maar behalve aanlokkelijk was het ook gevaarlijk. Wanneer ik in zo’n fase van mijn vermoeidheid ‘even’ ga zitten, dan maak ik het mezelf niet echt gemakkelijker. Want om dan weer overeind te komen en de weg te vervolgen … pfff …

Nee, ik stelde voor om eerst maar naar de oude ingang van het park te lopen (want die wist ik wel te vinden) en dan maar verder te zien. Dat bleek een goed idee, want toen we daar bijna waren, zag ik een auto naderen die op het punt stond om het terrein te verlaten. Terwijl het ijzeren hek open draaide, zetten wij zo goed en zo kwaad als het ging de pas er even flink in. Tot ons geluk konden we mooi bij de auto aansluiten, voordat het hek achter ons weer werd gesloten …

Aan de overkant van de weg stond een muurtje onder een lommerrijke boom. Dat was een fijn plekje om even lekker te zitten, terwijl Jetske de auto haalde. Die stond op de parkeerplaats bij de nieuwe ingang van het park, 200+ m verderop. Daarmee kwam er een onvoorzien eind aan ons bezoek aan Park Vijversburg. Een bezoek, dat wat mij betreft overigens zeker voor herhaling vatbaar is …

En zo heeft Jetske me ook dit jaar weer een paar maal door een mooie, maar vermoeiende fotokuier heen geholpen. Dankjewel, Jetske, ik zou me geen beter fotomaatje kunnen wensen!