Aan een vijver

Een week of twee geleden heb ik weer eens een fotokuier in het Weinterper Skar (Google Maps) gemaakt. Nadat ik een tijdje op het intussen welbekende ‘Afanja-bankje’ had gezeten, besloot ik de uitdaging aan te gaan om nog wat verder te lopen …

Even heb ik overwogen om het nieuwe zandpad naar rechts te nemen. Misschien zou het zelfs kunnen lukken om langs de schapen lopend het tweede ‘Afanja-bankje’ te bereiken. Maar nee, hoogmoed komt voor de val. Ik was alleen, bij plotselinge dienstweigering van mijn onderdanen was er niemand om me er op de terugweg doorheen te slepen. Proberen om weer eens tot bij het oude bankje bij de vennetjes te komen leek me een beter plan …

En zo zat ik enige tijd later voor het eerst sinds toch wel vrij lange tijd weer eens op dat bankje aan het water. Bij het vennetje aan de westkant van het pad, dat onderdeel uitmaakt van de poëzieroute door het Weinterper Skar, staat een bordje met een gedicht van Rutger Kopland …

Nadat ik er wat plaatjes had geschoten en een tijdje lekker had zitten mijmeren, besloot ik de terugweg te aanvaarden. Ditmaal langs het schaap dat met haar lam op enige afstand van haar soortgenoten stond …

Ook bij het eerste bankje heb ik vervolgens weer even lekker in de zon gezeten. Terwijl ik daar zat, zag ik ineens dat het pad, waar diepe sporen doorheen liepen toen ik hier de vorige keer met Jetske was, keurig was hersteld. Ik zat er opnieuw lekker, maar het werd nu toch wel tijd om mezelf ertoe te zetten om te beginnen aan het laatste stuk(je) terug naar de auto. Iedere stap begon zwaarder te wegen, maar uiteindelijk ben ik toch weer tot bij de auto gekomen …