De plomp en ’t pompeblêd

Gebroederlijk naast de waterlelie bloeit ook dit jaar de gele plomp (giele plomp in het Fries) weer in onze vijver. De gele plomp is de nationale plant van de provincie Fryslân. Het blad van de gele plomp, in het Fries pompeblêd genoemd, staat in het rood afgebeeld op de Friese vlag. Dus voor wie nog altijd in die veronderstelling verkeerde: er staan geen hartjes op de Friesche vlag, maar pompeblêden …

“It Pompeblêdsje” is nog weer heel wat anders. Dat is “een oprechte Friesche kruidenlikeur, getrokken van talrijke natuurzuivere kruiden volgens oud-familie recept. Deze Friesche Kruidenbitter heeft een heilzame, opwekkende werking en is te bekomen bij de echte slijterij,” aldus het etiket. En lekkerrrr … hmmm …

Maar goed, daar ging het hier niet om. De bloem van de gele plomp oogt in eerste instantie misschien wat simpel, zeker wanneer hij net vanuit de diepte is opgedoken. Maar zodra hij zijn stevige bloembladeren opvouwt, komt er een ingenieus ogend kleinood tevoorschijn. Lekker op het terras zittend kan ik daar elk jaar weer van genieten. Komende week zou dat weer moeten lukken, want de onderstaande bloem staat nu volop te pronken en een tweede knop is net opgedoken …

De ielstikel en de swanneblom

Wat er rond onze vijver zoal bloeit, hebben we nu wel gezien. Tijd om de blik eens op de vijver zelf te richten, want ook daarin bloeit wel het een en ander. Om te beginnen, niet bloeiend, maar wel een mooie blikvanger: de krabbenscheer (ielstikel in het Fries) …

Maar het pronkstukje is toch wel de witte waterlelie (swanneblom in het Fries) …

Met 4 of 5 bloemen die mooi na elkaar bloeien, doet hij ook dit jaar weer goed zijn best …

Een tweede poging om te laten zien wat voor insect in het hart van de waterlelie de dood heeft gevonden, heb ik maar achterwege gelaten. De kans om mijn toch al wankele evenwicht te verliezen en met camera en al te water te raken was me net wat te groot …

De lis in de tobbe

Na wat onderbrekingen zijn we weer terug bij de bloemen die onze tuin de laatste tijd hebben helpen opfleuren …

Een bloem waar ik elk jaar weer naar uitkijk is de blauwe lis (Iris germanica), die bij ons samen met o.a. de kattenstaart in een zinken tobbe naast de vijver staat …

Het is alleen zo jammer, dat ze maar zo kort bloeien. Dit jaar hadden we het geluk dat ze net gingen bloeien, toen wij terug waren van onze meivakantie …

Ter afsluiting van deze blauwe periode nog even dit voor de vlinderliefhebbers:
Jetske is woensdagmiddag nog weer even terug gegaan naar de boom met de grote weerschijnvlinders. Daarbij heeft ze zowaar nog wat mooiere foto’s gemaakt dan eerder op de dag: De grote weerschijnvlinder – deel 2

De bergkorenbloem

Na de druppels nu dan weer de bloemen, om te beginnen de bergkorenbloem (Centaurea Montana)

Ik vind het niet de mooiste bloem in ons tuintje, maar in het juiste licht mag hij zeker gezien worden …

Een oude liefde

Voornemens en plannen zijn er om aangepast te worden, zullen we maar zeggen …

Dat zit namelijk zo: vlak nadat ik hier gisteren had geschreven dat ik de rest van de week nog wat foto’s van bloemen in de achtertuin zou laten zien, liep ik even met de camera de tuin in. De motregen die ’s ochtends gestaag was neergedaald, had prachtige druppeltjes achtergelaten. Ineens realiseerde ik me, dat ik al geruime tijd geen druppelfoto’s meer had gemaakt. Dat heb ik dus gistermiddag maar even goedgemaakt.

Kijk maar even mee wat de herontdekking van die oude liefde heeft opgeleverd …













Een grappig groen nimfje

Je hoort mij niet zeggen dat ons tuintje al jarenlang een paradijs is voor vlinders, bijen en andere insecten, daarvoor is het er vooral vanwege de hazelaar te donker. Desondanks heb ik er de afgelopen jaar heel wat insecten kunnen kieken. Maar dit jaar is het echt waardeloos. Ik moet echt op zoek naar insecten, en meestal is zo’n zoektocht nog vruchteloos ook …

Vaste gasten zijn vrijwel ieder jaar de grappige, groene nimfjes van de struiksprinkhaan. Voorgaande jaren kon ik vaak meerdere exemplaren fotograferen op de papavers of de gele lis. De afgelopen weken heb ik verschillende keren een vergeefs rondje door de tuin gemaakt om naar ze uit te kijken …

Terwijl ik onlangs bij de vijver op het terras zat, zag ik vlak bij mijn stoel iets traag bewegen op een blad. Mijn belangstelling was meteen gewekt … jawel, het was een nimfje van de struiksprinkhaan. Eindelijk! Dat kon in feite maar één ding betekenen: dit beestje was voor de verandering nu eens op zoek gegaan naar mij …  🙂

Weerbeeld april 2018

Na een koude maart kwam ook april met lage temperaturen uit de startblokken. Op beide Paasdagen was het met respectievelijk gemiddeld 4,3 ºC en 4,2 ºC kouder dan op de Kerstdagen van 2017 met respectievelijk 6,7 ºC en 5,5 ºC. Als gevolg van dat kille begin van het voorjaar bloeiden onze narcissen voor mijn gevoel wat later dan normaal. Maar daar waren ze niet minder mooi om …

In de tweede week van april liepen de temperaturen op naar normale waarden voor de tijd van het jaar. Maar al snel werd het warmer dan normaal, van 18 t/m 22 april was het ronduit zomers te noemen. Op vijf achtereenvolgende dagen was het warmer dan 20 graden met een topper van 28,2 ºC op 19 april …

Uiteindelijk kwam de gemiddelde temperatuur van april uit op 11,3 ºC tegen normaal over de periode 1971-2000 een gemiddelde van 7,5 ºC. Kortom: april was bijna 4 graden warmer dan normaal. Ik heb 7 warme dagen (20 ºC of hoger) kunnen noteren tegen normaal twee …

In tuin en natuur was het allemaal amper bij te houden. Alle bloesem leek in een paar dagen tot bloei te komen, bloemen schoten aan alle kanten tevoorschijn, bomen en geelbruine weilanden kleurden in recordtempo groen en ook in onze vijver keerde het leven volop terug …

Vooral in de eerste en de laatste week was het bewolkt en viel er de nodige regen. In de tussenliggende periode was het meestal zonnig en droog. Aan het eind van de maand kom ik tot een totaal van 58 mm, ongeveer de helft meer dan het gemiddelde van 41 mm normaal over de periode 1971-2000. Daarmee zijn we hier overigens heel goed weggekomen. Vooral in het laatste weekend was het op diverse plaatsen bar en boos, waardoor men her en der tot een maandsom van 100 mm regen kwam …

Zowel landbouw als natuur konden wel wat water gebruiken, maar aan plensbuien zoals afgelopen weekend heb je dan niks. De toplaag van de grond slaat slaat dicht en er blijft veel water op het land staan, waardoor boeren het land niet op kunnen om b.v. de aardappelen te poten. Gelukkig lijkt er nu een periode met warmer en droger weer in het verschiet te liggen, goed weer voor boer, vakantieganger en alle andere mensen …