Zo zie ik ze niet vaak

Tijdens mijn reguliere ritjes zie ik vooral rondom Earnewâld regelmatig ooievaars, maar in zo’n bosrijke omgeving als hier bij ‘de Lokkerij’ zag ik ze niet eerder. De naam ‘Lokkerij’ betekent trouwens niet dat de ooievaars hier naar toe werden gelokt. De naam houdt verband met de familie Lokken, die in de boerderij waarin nu het ooievaarsstation gevestigd is, generaties lang het boerenbedrijf uitoefende. Lokkerij betekent dus: ‘de boerderij van Lokken’

Ik vond het fascinerend om te zien hoe de ooievaars daar in het bos bouwmateriaal bijeen sprokkelen om hun boomnesten te bouwen. Dat sprokkelen is één ding, maar dan moet het spul vervolgens ook nog naar huis worden gebracht. Dat betekent in dit geval opstijgen tussen de bomen door, daarna wordt buiten het bos met een wijde boog hoogte gemaakt …

Eenmaal op de juiste hoogte keert de ooievaar met zijn vracht terug naar het bos. Vervolgens is het de kunst om strak tussen de bomen door te manoeuvreren om het bouwmateriaal uiteindelijk netjes af te leveren bij moeder de vrouw op het nest in aanbouw. Er is nog wel het nodige werk aan de winkel voor dit koppel, want meer dan een paar takjes liggen er zo te zien nog niet. Maar ze vliegen af en aan, dus ze doen wel hun best …

De meeste ooievaars op boom- en paalnesten rondom hebben het er beter voor staan. Vooral veel van de oude boomnesten zijn indrukwekkend. Aan veel van die nesten wordt al jarenlang gewerkt, en daar zijn ook al vele generaties uit voortgekomen …

Maar niet iedereen maakt zich even druk om een nest. Dit koppel stond lekker rustig naast elkaar in de zon. Het fundament ligt er, en daar lijkt het nog even bij te blijven. Misschien zijn ze ook nog simpelweg te jong om al aan broeden te beginnen. Je weet ’t niet …

Dat zijn geen grappen meer

Gistermiddag bleef de eerste sneeuw stilaan liggen. Rond middernacht begon de tuin aardig wit te kleuren …

Toen ik vanmorgen rond 9:00 uur naar buiten stapte, lag er zo’n 6,5 cm sneeuw achter in de tuin …

We schrijven vandaag vrijdag 1 april, maar dit zijn geen grappen meer natuurlijk …

Maar de jonge merels piepen gelukkig nog zodra er verse versnaperingen worden aangevoerd!

Traditionele voorjaarsbloeiers

Om te voorkomen dat er hier de komende tijd alleen maar vogels voorbij komen, vandaag even wat foto’s van de traditionele voorjaarsbloeiers in onze tuin. Om te beginnen zijn daar de sneeuwklokjes, liderkes in het Fries. Veel van de sneeuwklokjes hadden het in februari niet gemakkelijk met alle regen, maar uiteindelijk richtten de meesten zich toch steeds weer fier op …

De krokussen, krookjes in het Fries, kwamen zoals altijd wat later tot bloei. Nadat de sneeuwklokjes waren overstelpt met 145 mm regen, viel er in maart tot dusver nog geen 5 mm. Dat deed de krokussen duidelijk goed, ze werden prachtig met al die zon …

Ik sluit dit rijtje af met de narcissen, die in het Fries de poëtische naam ‘titelroas’ hebben gekregen. Ook de narcissen profiteerden duidelijk van het mooie maartweer, ze staan al bijna de hele maand te pronken op het heuveltje achter de vijver. De laatste foto toont wat druppels van één van de drie minuscule buitjes die in maart over ons tuintje zijn getrokken …

Voedseltransporten in de tuin

Donderdag schreef ik hier, dat de merels het nestje dat ze vorig jaar in de pergola hebben gebouwd, onlangs weer in gebruik hebben genomen …

Vandaag kan ik melden, dat er sinds gisteren een gestage stroom aan voedseltransporten op gang is gekomen om een aantal hongerige en luid piepende kuikens in het nestje te voeden …

Wanneer de ouders terugkomen met een snavel vol smakelijk wormen voor hun kroost, is de schuttingdeur de meest gebruikte uitkijkpost om te kijken of de kust veilig is …

Een hommel met mijten

Toen ik vorige week dinsdagochtend de schuttingdeur opende, zag ik een zieltogende hommel op de grond liggen. Kennelijk had het beestje daar beschutting gezocht tegen kou en een klein nachtelijk buitje. Toen ik er even zachtjes tegenaan tikte, kwam er wat leven in, maar veel was het niet …

Ik besloot hem voorzichtig mee te nemen de tuin in. Eerst zette ik hem even op een van de terrastafeltjes. Korte tijd later verplaatste ik hem naar een schoteltje met wat suikerwater …

Dat leek hem wel goed te doen, want toen ik enige tijd later weer even bij hem keek, zag ik dat hij voorzichtig in het schoteltje rond scharrelde. Maar ik zag ook wat anders. De hommel had lifters bij zich … mijten …

Hommels zitten soms onder de parasieten en de meeste daarvan zijn mijten. Deze hommel had tenminste 4 of vijf mijten op zich zitten. Er zijn talloze soorten mijten, die nauwelijks van elkaar te onderscheiden zijn. Mijten eten behalve dode dieren vooral ook planten of rottende stoffen. Het zijn in feite opruimers …

Wat voor kostgangers deze hommel precies bij zich had, zal wel altijd onduidelijk blijven. Feit is wel dat de hommel de volgende dag dood naast het schoteltje lag …

Bron: https://www.gardensafari.nl/

Tussenstop

Niet alleen voor de graspieper is de broedtijd weer aangebroken, ook de merels hebben het er weer druk mee …

In onze tuin is het nestje van vorig jaar weer in gebruik genomen. Mevrouw merel maakt op weg naar het nest graag even een tussenstop op de heidemat-schutting …

Een frisse ochtendwandeling

Als avondmens ben ik ’s ochtends nooit zo heel vroeg bij de pinken …

Maar als ik eens op tijd op pad ben, dan bevalt dat toch meestal wel goed …

Dat was ook het geval bij deze frisse ochtendwandeling bij It Krûme Gat en het Noordergemaal aan de Bûtendiken tussen Smalle Ee en De Veenhoop (Google Maps)