Maandagmiddag bij de Leijen

Gistermiddag hebben fotomaatje Jetske en ik voor het eerst sinds de vakantie weer een paar fotokuiertjes gemaakt. De eerste bestemming was de vogelkijkhut bij de Leijen. Bij aankomst stonden er drie fietsen tegen het hek. Het was druk in de hut, maar we kregen al snel een zitplekje aangeboden bij een kijkluikje van mensen die op het punt stonden te vertrekken …

Hoewel we de ijsvogel en de bruine kiekendief weer hadden gemist, viel er genoeg te zien. Het belangrijkste nieuws was, dat er momenteel daadwerkelijk wordt gewerkt aan het herstel van het boomeilandje ‘de Kninepôle’. Verder probeerde een meeuw vóór de hut dobberend de show te stelen, maar hij had de pech dat hij werd overtroefd door de Koninklijke Luchtmacht, die op dat moment een showtje voor ons kwam opvoeren met een aantal C-130H-toestellen …

Daarna besloot ik de stoute schoenen aan te trekken en voor te stellen om toch ook nog maar even een kijkje te nemen in de Jan Durkspolder. Ook daar kwamen we niet voor niks, maar dat is voor later. Op dit moment geniet ik vooral na met eindelijk weer een soort van ‘gezonde spierpijn’ in mijn bovenbenen.

De ijsvogel, echt wel!

De afgelopen jaren had ik al diverse keren van lokale vogelaars gehoord, dat er regelmatig een ijsvogel in de buurt van de vogelkijkhut bij de Leijen zit. Hoe vaak ik de afgelopen 20 jaar ook in de vogelkijkhut naar hem heb zitten uitkijken, ik kreeg de ijsvogel niet te zien. Maar ja, een paar van die echte vogelaars zitten er vaak van ’s ochtend vroeg tot in de middag, en dat lukt mij niet …

Op de dag waarop de waterhoentjes een hardloopwedstrijd over de bladeren van gele plomp en waterlelies hielden, streek er plotseling ook een ijsvogel op een paal voor de hut neer. Eindelijk, hij zit er dus echt wel! Het was alleen wat jammer dat ik hem alleen in tegenlicht te zien kreeg. Maar goed, een kniesoor die daar op let. Hij zit er en ik heb hem gezien …

Jonge waterhoentjes

Om het mooie weer nog maar even mee te pakken, ben ik gisteren even naar de Leijen gereden. Onderweg naar de vogelkijkhut maakte ik een praatje met een jonge vrouw, die er net vandaan kwam. Ze liet wat foto’s zien van o.a. een voorbij vliegende roerdomp, een kiekendief en twee zeearenden die een tijdlang op het eilandje hadden gezeten. Bij het afscheid zei ik met een knipoog, dat ik toch wel hoopte dat ze nog wat voor mij had overgelaten …

Even later zat ik in de hut. En het moet gezegd, ik zat er goed, maar na enige tijd werd het toch wel saai. Er gebeurde vrijwel niets. Gelukkig had ik drie weken geleden meer geluk, toen liepen er vlak voor de hut drie waterhoentjes over de bladeren van de waterlelie en de gele plomp. Kijk eens naar die enorme poten. Ik vond het heel vermakelijk …

Gisteren bleef het stil rond de vogelkijkhut. Er vlogen eens een paar eenden voorbij en er dook een grote stern buiten het bereik van mijn camera in het water. Dat was het wel zo ongeveer. Ik moest me tevreden stellen met een foto van een paar aalscholvers, die de plek hadden ingenomen van de zeearenden in de laatste boom van het eilandje …

Delen bij de Leijen

Nadat er een kleine communicatiestoornis was opgetreden bij het maken van onze afspraak, pasten fotomaatje Jetske en ik de invulling van de dag gistermorgen probleemloos aan …

We reden naar de Leijen om het water te delen met een visser en diverse vissende vogels. Een passerende vrouw die in hoog tempo het meertje overstak op haar supplank, zorgde voor de sportieve toets …

Een gewone oeverlibel deelde dit uitzicht met ons, terwijl hij aan de wand van de vogelkijkhut ‘Blaustirns’ hing …

Zwarte sterns – blauw water

Met twee kilometer verderop aan de overkant van de Leijen het paviljoen, zaten we in de vogelkijkhut ‘Blaustirns’ nog steeds rustig te wachten op de dingen die zouden komen. Als ze zouden komen tenminste …

En ze kwamen! Niet in groten getale, maar mem zei altijd: ‘Wie het kleine niet eert, is het grote niet weerd’. Na een tijdje vloog er meerdere een zwarte stern boven het blauwe water voor de vogelkijkhut langs …

Nu eens vloog de vogel te ver weg, dan weer vloog hij onvoorspelbaar uit beeld. Maar uiteindelijk lukte het me toch twee keer om een aantal mooie foto’s te maken van een passage. De onderstaande serie was voor mij toch wel het toefje slagroom op de dag …

En zo reden we, anderhalf uur nadat we via de fietsbrug aan de Zuiderhogeweg waren vertrokken, Drachten via het skûtsje ‘Henderika’ aan de Noorderhogeweg weer binnen …

Einde van een prachtige dag, waarop we alles er weer uit hebben weten te halen. Dankjewel, Jetske.

Op zoek naar de zwarte stern

Het laatste deel van ons rondje pontje verliep snel. Tussenstops hebben we niet meer gemaakt. Om te beginnen waren er weinig interessante plekjes meer onderweg. Maar een tweede reden was, dat dit de eerste lange rit op mijn iLark was dit jaar. Ik had vooraf nog niet getest hoeveel km ik nu nog op een accu kan rijden. Uiteindelijk kwamen we via de kortste route weer thuis met nog één knipperend streepje op het stuur …

Onderweg op e-bike en i-Lark had ik verteld, dat ik maandag zwarte sterns had gefotografeerd bij de vogelkijkhut ‘Blaustirns’. Echt mooi waren die foto’s niet geworden, omdat het bewolkt was op dat moment. Aafje, die ons nog niet had verwacht, vond het prima dat we nog even naar de Leijen zouden rijden om er hopelijk nog wel wat zonnige foto’s van te kunnen maken. Ditmaal pakten we de auto. Een minuut of 20, nadat we Drachten hadden verlaten via de fietsbrug de Slinger (foto boven), keken we vanuit de vogelkijkhut uit over de Leijen …

Veel viel er in eerste instantie nog niet te zien. Er lag een bootje voor anker bij de laatste boom van het eilandje ‘de Kninepôle’. Omdat er niemand aan boord leek te zijn, vermaakten we ons tijdelijk met de waterlelies voor de hut. Na een tijdje verscheen er een rubberbootje, waarmee koers werd gezet naar het plezierbootje bij de boom. Kort daarna verscheen er af en toe een zwarte stern in beeld …

– wordt vervolgd