Aan de Westhavenkade

We hebben de scheepswerf achter ons gelaten en wandelen nu nog een stukje in oostelijke rchting over de Westhavenkade …

Bij het pand van Stichting Urker Botter, die zich o.a. richt op het behoud van Urker botters en andere historische schepen, hangen boven de kade sierlijk opgehangen netten …

Nadat we een stukje verder waren gelopen, keek ik op een bepaald moment eens in de verte. Die kade was nog knap lang, te lang voor mij, realiseerde ik me …

Het was tijd om aan de terugweg te beginnen, want het was intussen al een heel eind naar de auto. Maar geen paniek, mijn onderdanen werkten nog netjes mee …

Terug bij de Botterschuur zag ik daar een poster hangen met de kop ‘Lennaert Nijgh – de Jonge Jacob, UK 114’. Ik liep er even naar toe en maakte een paar foto’s. De UK 114, die hadden we zien liggen toen we de Westhaven in zicht kregen. Op het affiche las ik, dat de bekende dichter en tekstschrijver Lennaert Nijgh een tijdlang eigenaar van het schip was …

Denkend aan nummers als ‘Verdronken vlinder’ en ‘Testament’, zag ik een aalscholver in de richting van het IJsselmeer zeilen …

wordt vervolgd

Op een oude scheepswerf

We vervolgen onze kuier op Urk. We laten de Pieter Hakvoortstraat links liggen en volgen de pijl op het briefje achter het raam …

Daarbij komen we aan de oostkant langs de scheepshelling. De waarheid gebiedt mij te zeggen, dat mijn kennis op het vlak van scheepswerven en -hellingen aan alle kanten tekort schiet om hier verder iets zinnigs over te kunnen zeggen. Ik zie roestige karren met verweerde blokken hout op rails staan, die m.b.v katrollen en/of andere hijswerktuigen omhoog getrokken kunnen worden …

Daar houdt mijn kennis zo ongeveer op. Mij gaat het vooral om de aanblik van het levende verleden op deze oude werf. Nog een laatste blik vanuit de zuidoost hoek op dat mooie roestige naambord, daarna gaan we nog een stukje verder ….

– wordt vervolgd

Bij Scheepswerf Westhaven

Vanaf de kade aan de Staversehoogte hadden we zicht op de scheepswerf. Ik besloot die kant nog wat verder op te lopen …

Boven een aantal ladders aan de achterzijde van de scheepswerf hing een grote roestige naamplaat …

Ik was intussen aangeland aan de zijkant van de scheepshelling. Toen Jetske en ik hier in 2014 een fotokuier rond de Urker haven maakten, lagen er drie schepen op de helling. Nu lag hij er stil en verlaten bij …

Nu ik er toch was, besloot ik nog wat verder rond te kijken. Nadat ik over de schaduw van een hek was heengestapt, werd mijn blik getrokken door een geel bordje dat tussen twee grijze deuren hing …

Kijk eens aan ‘Overpad toegestaan’. Dat bood dus mogelijkheden om nog wat verder te gaan …

– wordt vervolgd

We ronden de kaap

We rondden de kaap van Urk, zodat ik vuurtoren nog wat mooier in het zonnetje kon zetten …

Aafje stond intussen bij de misthoorn van Urk, mijmerend over een lang verleden bezoek, omhoog te kijken naar de vuurtoren …

Mijn onderdanen hadden die dag gelukkig weinig moeite om me te dragen. Daar komt bij, dat er niet zoals de vorige keer met Jetske nog meerdere fotokuiers op het programma stonden. Daarom stelde ik voor om nog een stukje door te lopen …

We kwamen aan bij de Westhaven. Daar lag o.a. de UK 114 …

Een stukje verder naar links hadden we zicht op een scheepswerf …

wordt vervolgd

Urk revisited

Zo kom je er tien jaar niet, en zo kom je er in ruim twee maanden tijd drie keer. Ik heb het over Urk. Nadat ik daar eind december een nieuwe camera had gekocht, heb ik er begin februari een nieuw statief aangeschaft. Thuis ontdekte ik, dat daar in combinatie met mijn camera een kleine onvolkomenheid mee was, die ik zelf niet kon oplossen.

En dus toog ik na overleg half februari nogmaals naar Cameranu. Ditmaal ging Aafje voor de verandering eens mee. Het was licht bewolkt, en dat gaf Urk en het IJsselmeer een heel ander aanzien dan de vorige keren. Ik grijp dit bezoek aan om de grijsheid van de laatste tijd maar weer wat te doorbreken …

Nadat ik weer netjes was geholpen bij Cameranu, besloten we samen nog even aan de waterkant te kijken. We begonnen onze kuier weer bij het vissersmonument. Daar vandaan maakte ik de bovenstaande foto’s van de windturbines aan de noordkant van Urk. Daarna namen we de trap naar beneden. Onderaan de trap heb ik deze foto gemaakt. Onder het vissersmonument bevindt zich het Urker distributiereservoir van Vitens …

Aafje was intussen al een stukje vooruit gelopen in de richting van de vuurtoren. Beneden gekomen, maakte ik vlak voor de bocht nog even een paar foto’s van de vuurtoren, die nu prachtig tegen de blauwe lucht afgetekend stond. Ik besloot een foto in de schaduw te maken …

In diepe concentratie verzonken, merkte ik de auto die ter hoogte van de misthoorn om de bocht kwam rijkelijk laat op. De chauffeur maakte lachend duidelijk, dat ik niet hoefde te schrikken en dat ik eerst mijn foto nog wel even mocht maken …

wordt vervolgd

Een warm weerzien

Aafje en ik besloten dinsdagmiddag op tijd naar het Zuiderend te rijden. Ik had het bankje bij het informatiebord over ‘de Forten’ (Google Maps) gekozen als ontmoetingsplek met Matroos Beek. Het eerste wat me ter plekke opviel, was dat er vanwege een andere windrichting meer geluid van de A7 naar het bankje werd geblazen dan de vorige keer dat ik hier was …

’s Ochtends had de zon volop geschenen, maar rond het middaguur verschenen er langzaam maar zeker meer wolken aan de lucht. De weerapps die ik gebruik lieten allebei zien dat een buienlijn, die vanuit Zeeland in noordoostelijke over het land trok, rakelings ten zuiden van ons langs trok. En dat was ook tijdelijk merkbaar aan een wel erg frisse wind en een dreigende lucht. Aafje keek met een zorgelijke blik naar de naderende wolken …

Tegen vieren begon de lucht gelukkig weer op te klaren. Donkergrijs maakte plaats voor het veel vriendelijkere lichtblauw. Het leek toch nog goed te komen, en het kwam goed …

Een directe relatie zal er waarschijnlijk niet zijn, maar tegelijk met de zon verscheen ook Matroos Beek, Bea voor intimi. Fier fietsend en vrolijk om zich heen kijkend kwam ze vanuit de donkere voetgangerstunnel onder de A7 op ons af …

Na een warm weerzien en een hartelijke kennismaking nestelden we ons op het bankje. Pratend over ieders welzijn en wedervaren vloog de tijd weer eens om. Genoeglijk pratend over van alles en nog wat, vroeg Bea na verloop van tijd hoe laat het eigenlijk was. Een blik op mijn horloge leerde dat het al tegen kwart voor zes liep. Om te voorkomen dat ze als vermist zou worden opgegeven door haar echtgenoot, die ergens aan de andere kant van de snelweg in Drachten zat, was het ineens al hoog tijd om een eind aan ons gezellige weerzien te maken …

Het eerste stuk naar en door de tunnel onder de A7 fietsten we samen op. Tussen een oude woonboerderij uit 1900 en de nieuwste uitbreiding van het ziekenhuis, hielden we even halt. Nog even de laatste aanwijzingen m.b.t. de route (drie maal rechtsaf slaan op een rotonde en dan een keer naar links). Dat zou best lukken, meefietsen was niet nodig, verzekerde Bea ons. Dat gezegd hebbend, zwaaiden we elkaar uit en gingen we ieder onze eigen weg …

Bedankt voor de gezellige uurtjes, Bea, we vonden het erg gezellig. Je bent een prachtig mens, dat ik zeker nog wel eens hoop te treffen.

Uitzicht op en vanaf it Reaklif

We laten het monument van de Slag bij Warns letterlijk en figuurlijk achter ons, wanneer we de weg oversteken om daar te kunnen genieten van het uitzicht over het IJsselmeer …

In noordelijke richting zien we de Marina Stavoren Buitenhaven. Op het IJsselmeer waren intussen aan alle kanten verschillende zeilboten te zien …

Jetske had zin om af te dalen en even naar de waterkant te lopen. Daar was het mij intussen te warm voor en ook de vermoeidheid in mijn benen deed zich gelden …

Maar gelukkig weet ik hoe het er daar beneden uitziet. In september 2010 ben ik helemaal tot het eind van de strekdam gelopen. Op de foto linksonder ben ik aan het eind van dam even door de knieën gegaan om een foto van het IJsselmeer te maken. Daarna heb ik me omgedraaid om een paar foto’s te maken van Aafje op de top van it Reaklif, midden: uitgezoomd – rechtsonder: ingezoomd …

Met de vissers van de Friese kliffen is het intussen afgelopen, er schijnt nog één visser actief te zijn met als thuishaven het kleine haventje van Laaksum. De boeren zijn echter nog altijd volop actief op en rond de kliffen. Ook die dag ronkte er weer meerdere keren een zware trekker met een gierwagen over de smalle kustweg op it Reaklif. De trekker met de camera volgend, zag ik dat Jetske inmiddels een stuk verderop weer ophoog was geklommen …

Ze was in gesprek geraakt met twee stellen vrolijke Friese vrienden, die een dagje gevieren met eendoppad waren. Zo’n eend valt natuurlijk altijd op, chauffeur en passagiers hadden er geen bezwaar tegen dat we een paar foto’s maakten van het eendje, ze gingen er zelfs even goed voor staan …

“Nou, daar gaan we hoor …” riep de chauffeur ten afscheid. Alleen het kenmerkende geluid van het wegrijdende eendje is de moeite al waard. Terwijl zij in de richting van Oudemirdum vertrokken, maakten Jetske en ik ons op om naar Stavoren te rijden …