De Deelen: wit en gevaarlijk

Naar aanleiding van mijn logje “De Deelen deels afgesloten” van 12 januari jl. kreeg ik enige tijd geleden een reactie van ‘een andere Jan’. Deze ‘andere Jan’ heeft in juni 2014 eens een prachtige fotoserie beschikbaar gesteld van de “Tall Ship Races Harlingen”

Terwijl ik van Earnewâld onderweg was naar de Ecokathedraal bij Mildam, maakte ‘andere Jan’ een wandeling door De Deelen. Bij de onderstaande foto’s schreef hij: “Het is zelfs voor validen hier en daar gevaarlijk een wandeling door het gebied te maken. De gedeeltelijk losse delen en gaas dat omhoog staat, kan de nodige problemen veroorzaken …”

“Afgelopen jaar zijn enkele brugjes geheel vervangen maar een grote brug/vlonder over een van de petgaten is al ruim een jaar niet te gebruiken.” Het is duidelijk dat de leuning van de brug geheel is verdwenen en aan het eind is een paar meter brug zelfs helemaal verdwenen …

Het onderstaande bruggetje verderop in het gebied is onlangs helemaal vernieuwd, aldus ‘andere Jan’. Het wordt tijd dat ook de andere knelpunten woorden aangepakt, @boswachterRoel of meer algemeen @Staatsbosbeheer … …

En tot slot nog even dit … De risico’s zijn in De Deelen net wat groter dan in de Jan Durkspolder, maar ‘andere Jan’ trof ook hier op die 24e januari de eerste vermetele schaatsers aan…

‘Andere Jan’, bedankt voor je aanvullende informatie en de mooie foto’s van de treurige situatie in De Deelen.

Sneeuw in de tuin

“De MS flikt me weer eens zo’n typische, kille rotstreek. De ene dag ben je een hele kerel, en de volgende dag ben je zo slap als een vaatdoek …,” schreef ik vorige week woensdag op de tweede sneeuwdag.

Het was uitermate lief en sympathiek dat velen me als reactie daarop beterschap wensten, maar echt nodig is dat op zo’n moment niet hoor. Ik ben op zo’n dag ook niet echt ziek of zo, maar het is gewoon even een mindere dag. Waar een ander ’s ochtends bij de koffie even bijpraat met een collega of met zijn of haar partner, daar gebruik ik op zo’n moment mijn weblog even voor. Want ja, in zekere zin zijn jullie – mijn medebloggers – mijn collega’s. En mijn partner zit overdag op het werk met haar collega’s bij te praten …

Zo’n periode met ’t gevoel van elastiek in de benen is meestal na één dag van relatieve rust weer voorbij. Vorige week woensdag heb ik me grotendeels voor het raam vermaakt met zicht op de tuin. Maar als kind van de winter kon ik het toch niet laten om ’s middags ook nog even een klein rondje door de tuin te maken …

Een nieuwe bridge-camera

Het probleem met de scherpstelling van mijn camera deed zich al langere tijd voor, maar 2 weken geleden begon het een beetje de spuigaten uit te lopen. Scherpstellen begon een kwestie van meer geluk dan wijsheid te worden en het vergde steeds meer geduld. Voeg daarbij dat het in- en uitzoomen al een tijdlang gepaard ging met kreunende en ratelende geluiden van de lens, wat vooral bij video heel vervelend is, dan zal duidelijk zijn dat er iets moest gebeuren …

In het huidige tijdsgewricht hoor je er dan in principe vanuit milieu- en financiële overwegingen denkelijk voor te kiezen om het apparaat ergens ter reparatie aan te bieden, maar daar had ik even geen zin in. Meer dan 50 kilometer heb ik in mijn leven nog nooit gevlogen, ik rijd veel minder dan de gemiddelde forens, ons energieverbruik vertoont al jaren een dalende trend en ik douche zeker minder dan gemiddeld 5 minuten per dag. Kortom: mijn ecologische voetafdruk stond de aanschaf van een nieuwe camera niet in de weg …

Het is de Canon PowerShot XS70 HS geworden, de jongere broer van mijn vorige camera de XS50 HS. Met o.a. 65x zoom, 4k video en een geheel nieuw menu heeft de PowerShot SX70 HS in alle opzichten aanzienlijk meer kracht en souplesse dan zijn voorgangers. Met een rode maan en een goeddeels witte wereld waren het niet de gemakkelijkste omstandigheden om aan mijn nieuw aanwinst te wennen. Maar ik heb er wel veel plezier aan beleefd. Het spreekt voor zich dat de resultaten hier de komende dagen de revue zullen passeren …

 

Lytse reade Robin

Lytse reade Robin, zo noem ik onze vast roodborstige wintergast: kleine rode Robin voor niet-Friestaligen …

Hoe zachter de winters zijn, hoe langer het duurt voordat hij zich weer laat zien, zo lijkt het. Maar vanmorgen liet hij zich dan toch weer even bewonderen op één van de voederplekjes in de tuin …

Domela’s muur

Zoals ik gisteren al schreef, toonde voormalig eigenaar Thom Mercuur (1940 – 2016) in de expositieruimte van het Tripgemaal o.a. gebruiksvoorwerpen, foto’s, boeken, etc. die de turfwinning en de slechte sociale leefomstandigheden in deze streek weer in herinnering brachten. Daarvan is ook vandaag de dag aan de buitenzijde van het gemaal nog wat terug te zien. Daarom ben ik via de verderop gelegen brug naar de overkant van de Heafeart gereden.

Aan de zuidgevel van het gebouw kijkt het stilistische portret van de Nederlands politicus, sociaal-anarchist, en antimilitarist Ferdinand Domela Nieuwenhuis (1846 – 1919) nog steeds uit over het polderland. Domela Nieuwenhuis geldt als één van de oprichters van de socialistische beweging in Nederland. Ook was hij de oprichter van het tijdschrift Recht voor Allen

Domela was in Nederland populair door zijn optredens bij stakingen van ambachtslieden, maar zeker ook bij die van de veenarbeiders. In veel arbeiderswoningen was een foto van hem te vinden. Omdat hij opkwam voor de Friese veenarbeiders, kreeg hij de bijnaam Us Ferlosser

Tot zover het hier al eerder besproken portret van Domela. Dan nu nog iets wat ik nog niet eerder onder de aandacht heb gebracht. Of ze een bepaalde betekenis hebben, weet ik niet, maar op de zijdeuren van het gemaal staan al jaren een paar ezeltjes geschilderd. En wat hier tot slot nog opvallend is: de bovengrondse bedrading met de ‘isolatiepotjes’ bovenin de palen aan de rechterkant van de weg, zoals ik ze nog ken uit mijn kinderjaren …

Ik sluit dit logje over Us Ferlosser ook nu maar weer af met “De Internationale”, ditmaal in een uitvoering van Rob van de Meeberg. Want de strijd is nog altijd niet gestreden …

Het Tripgemaal

Het uit 1876 daterende Tripgemaal staat aan de spiegelende Heafeart (Google Maps) bij Gersloot. Althans, dat heb ik tot voor kort altijd gedacht. Maar sinds 2013 staat het Tripgemaal formeel in de buurtschap Gersloot-Polder. In 2013 zijn – op initiatief van het lokale Plaatselijk Belang – witte plaatsnaamborden geplaatst. “Het dorp Gersloot-Polder heeft in 1978 geen eigen postcode en plaatsnaam gekregen in het postcodeboek, voor de postadressen ligt het daarom sindsdien ‘in’ Gersloot,” aldus de hier vaak reagerende Frank van den Hoven op de pagina over Gersloot-Polder op zijn website www.plaatsengids.nl

Het gemaal is vernoemd naar de familie Trip die drie generaties lang de machinisten van het gemaal waren. Samen met de bijbehorende machinistenwoning vormt het gemaal een rijksmonument. In 1988 is het leegstaande gemaal gekocht door Thom Mercuur (kunstverzamelaar, kunsthandelaar, galeriehouder, curator, uitgever en museumdirecteur). Hij heeft het complex indertijd verbouwd en ingericht als tentoonstellingsruimte en woonhuis. Mercuur toonde hier gebruiksvoorwerpen, foto’s, boeken, etc. die de turfwinning en de slechte sociale leefomstandigheden weer in herinnering brachten. Op dat laatste kom ik hier morgen nog even terug, wanneer we de blik op de zijkant van het gemaal richten …


– wordt vervolgd –

Terug naar normaal

Het kleurige vogelvoersnoer van Pepijn hangt op een prominent plekje in de tuin aan de pergola te wachten op vogels en op winter …

Pepijn zelf is terug naar de thuisbasis. Daar heeft hij een tweede vogelsvoersnoer opgehangen en de laatste uren van de vakantie zal hij wel goeddeels doorbrengen in zijn kleurrijke gamewereld. Morgen wacht school weer …

En ik …? Ik dommel met ‘Top Gear’ op de buis na alle activiteit van de afgelopen af en toe even heerlijk weg …