Op de boot terug

Aan alles komt een eind, zo ook aan deze prachtige voorjaarsdag in het rietland in de Wieden. Het was goed en gezellig om weer even bij te praten met Klaas Jan. Daarnaast was ik vooral blij dat ik ditmaal mooie dronebeelden heb kunnen maken van het werk van de rietsnijders …

Nog een laatste rondblik over een deel van het rietland vanuit de lucht, daarna was het tijd om in de boot te stappen voor de eerste van drie etappes op weg naar huis. Omdat Klaas Jan ons de toeristische route wilde tonen, moest hij eerst de boot van zijn collega nog even verleggen. Daarna voeren we om te beginnen door een paar mooie smalle kreken waar je normaal gesproken als toerist niet snel komt. Via wat bredere wateren kwamen we vervolgens na enige tijd weer terecht op de locatie waar we ’s ochtends waren opgestapt …

– slot

Per boot het riet in

Zoals ik gisteren al schreef, ben ik opnieuw een dagje met fotomaatje Jetske het riet in geweest. Waar eerdere bezoeken aan de rietsnijders allemaal in de Weerribben waren, gingen we nu naar de Wieden. Daar was rietsnijder Klaas Jan aan het werk in een stuk rietland dat door zijn collega Jan S. gepacht wordt van Natuurmonumenten …

Om op de locatie te komen waar de mannen aan het werk waren, moesten we eerst een stuk varen, want ze hebben in die contreien meer waterwegen dan gewone wegen. Nadat Jetske hem een appje had gestuurd, pikte Klaas Jan ons op een vooraf afgesproken locatie op (kaart OpenStreetMap)

Tijdens de vaartocht, die nog geen tien minuten duurde, kwamen we o.a. langs een andere rietsnijder en passeerden we het Stroïnkgemaal en een paar knobbelzwanen. Het was een mooi en bijzonder begin van wat een prachtige eerste voorjaarsdag in het rietland werd …

– wordt vervolgd

Het laatste bruggetje

Nadat we ’s ochtends op weg naar de Beulakerwijde een langere, fotogenieke vaartocht door de omgeving hadden gemaakt, koos Jetske voor een kortere vaarweg terug …

Tijdens het laatste deel van de tocht, zagen we een groot houtsnijwerk in een tuin staan. Jammer genoeg stond de imposante vogel met zijn kop de andere kant op …

Enkele minuten later namen we de laatste hindernis van onze vaartocht: het laagste bruggetje van de regio. Volledig plat op de boot liggend, kwamen we er veilig onder door. Na de passage van de brug hield Jetske onze boot even stationair op de plek, zodat ik nog wat foto’s kon maken van de manier waarop de tegemoetkomende sloep onder het bruggetje door voer. Diep gebukt en heel voorzichtig …

Kort daarna kwam er een einde deze prachtige vaartocht door De Wieden. De plotselinge weigering van mijn benen, toen ik even later over het warme asfalt liep, was een flinke waarschuwing voor de rest van de zomer …

Een gevaarlijke palenrij

Waar en aan welke kant van de Beulakerwijde we op dat moment voeren, weet ik niet, maar op een bepaald moment kwamen we langs een gebogen palenrij in het water. Het was een wonderlijk gezicht, omdat sommige van die palen opnieuw tot leven waren gekomen met een mooie groene kroon …

Toen ik dacht dat we er voorbij waren, doemden er een stuk verderop nog een aantal koppen van palen op uit het water. Daar wil je met je polyester sloep of zeilboot niet tegenaan varen, lijkt me …

Op een paar van de palen stonden meeuwen, die er bij onze nadering al snel vandoor gingen. De aalscholver die op de verste paal stond, bleef wat langer staan, maar ook hij ging er uiteindelijk hardlopend vandaar …

– wordt vervolgd

Schaatsenrijders en ’n wespendief

Anderhalve kilometer ten westen van Dwarsgracht passeerden we het fietspontje van Jonen. We lieten het pontje rechts liggen en koersten hier vandaan in zuidelijke richting over de Walengracht …

Al snel voeren we langs een paar borden die waarschuwden voor de nadering van een zelfbedieningsstuw. Iets verderop vond Jetske een mooi plekje om even voor anker te gaan voor een bakje koffie en een eerste broodje …

Al snel werd ik gedwongen om mijn lunch te onderbreken. Vlak voor de boot zat een grote schaatsenrijder volkomen roerloos zijn eigen spiegelbeeld te bestuderen, zo leek het. Ik had nog maar nauwelijks een foto gemaakt, toen er een tweede schaatsenrijder in beeld verscheen. Toen ik ’s avonds de foto’s op de pc bekeek, zag ik dat de tweede schaatsenrijder de eerste al had besprongen, voordat ik de derde foto kon maken … 🙂

Intussen verschenen er ineens wolken aan de lucht. Enige tijd later werd het zelfs even wat rillerig. “Het zal toch niet gaan regenen …?” vroeg Jetske. “Ik sluit niks uit in deze tijd van klimaatverandering,” antwoordde ik lachend. Het bleef droog, en het werd alleen maar warmer …

Terwijl we onze tocht vervolgden, meende ik na enige tijd een bruine kiekendief te zien vliegen. Hij was ver weg, maar ik probeerde er op goed geluk toch maar wat foto’s van te maken. Nadat ik kort daarvoor al was verrast door de actie van de schaatsenrijders, werd ik ook door deze vogel ’s avonds nog eens verrast. Toen ik Obsidentify erop los liet, beweerde die dat het een wespendief was. Dat vond ik wel mooi nieuws, want daarmee kan ik weer een nieuwe soort aan mijn archief toevoegen …

Langs pas gemaaide hooilanden, die werden afgewisseld met rietlanden en bosschages, voeren we over de Vaartsloot rustig verder in de richting van de Beulakerwijde …

Toen we hier vorig jaar langs kwamen, moesten we de stuw zelf laten zakken om door te kunnen varen. Om de een of andere reden was de installatie deze keer buiten werking …

– wordt vervolgd

Langs ‘de Baggeraar’

We vervolgden onze vaartocht door het dorpje Dwarsgracht voor de gelijknamige gracht. In het fietspad dat langs de gracht loop, liggen verschillende van deze karakteristieke bruggetjes …

Het oudste en het nieuwste huis van Dwarsgracht staan gebroederlijk naast elkaar. Aan de woonboerderij op de linker foto werd vorig jaar de laatste hand gelegd, toen we er langs kwamen. De verhoudingen kloppen niet helemaal, het oude huisje op de rechter foto is een stuk kleiner dan je op deze foto zou zeggen …

Als je door Dwarsgracht vaart, vaar je langs het beeld ‘De Baggeraar’ van kunstenaar Janno Petter, die tot zijn dood aan de Dwarsgracht woonde. Het beeld stelt een veenarbeider met een baggerbeugel voor, een soort net aan een lange stok. Daarmee kon het veen, tot een diepte van twee meter onder water, van de bodem worden getrokken …

Bij verschillende van die mooie huizen in Dwarsgracht stond een of ander zitje langs de gracht. Wat een voorrecht om daar op mooie zomeravonden lekker aan de waterkant te kunnen zitten …

Aan het eind de bebouwing lieten we Dwarsgracht achter ons, te midden van rietkragen en hooilanden koersten we in westelijke richting naar Jonen …

– wordt vervolgd

De Wieden in

Terwijl het in de verte af en toe wat rommelt en de eerste regendruppels kringetjes maken in de vijver, neem ik jullie mee terug naar het vaartochtje dat ik vrijdag met mijn fotomaatje heb gemaakt. Rond half elf ’s ochtends koersten we in westelijke richting over de Cornelisgracht bij Giethoorn …

Na enige tijd doken we rechtsaf onder een brug door. Daar lieten we de bewoonde wereld voorlopig even achter ons om de Wieden te doorkruisen. Voorbij de brug kwam ons een sloep tegemoet. “Niet te snel opzij gaan,” zegt Jetske in voorkomende gevallen, ‘wij hebben een stalen boot hij niet …” 😉

Niet veel later doken we een stuk bos in, dat ik herkende van eerdere vaartochtjes met Jetske in deze contreien. Ik vind dit steeds weer een bijzonder stukje van de route …

Omdat Jetske het gebied ongeveer net zo goed kent als haar broekzak, zoekt ze graag routes op waar de gemiddelde toerist zich niet waagt met zijn motorbootje. Losgeslagen pollen riet en een overdaad aan waterplanten maakten de vaart steeds smaller en vormden een bedreiging voor de schroef van de buitenboordmotor. Maar Jetske is zoals bekend voor geen kleintje vervaard en hanteerde met vaste hand de vaarboom om voorbij de hindernis te komen …

Daarna vervolgden we onze route weer door de smalle vaart tussen de uitgestrekte rietvelden …

– wordt vervolgd