Dat we hier in een groen landelijk gebied zitten, was niet alleen te zien aan de beeldjes van de koe, de geit en een aantal andere (boerderij)dieren op het kerkhof. Aan de noordkant trof ik ook nog een vrijwel volledige groen graf aan. Binnen een grijze omranding was dit graf bedekt met sedum. Gegevens over de overledene waren er niet te vinden …
Ik kende sedum tot nu toe vooral als dakbedekking en als tuinplant, maar het schijnt ook steeds meer te worden gebruikt op graven. Het voordeel is dat het graf zonder veel onderhoud mooi groen blijft. De planten vermeerderen zichzelf zonder dat ze in droge perioden dagelijks water moeten hebben. En last, but not least: ze filteren bovendien CO2 en stof uit de lucht, waardoor de omgeving gezonder wordt …
Tijdens mijn rondje over het kerkhof rond de groene toren van It Heechsân (Google Maps) viel het me op, dat er op diverse graven beeldjes van dieren stonden. Dat is op zich niet zo vreemd, vooral vlinders en vogeltjes zijn geliefde beeldjes op begraafplaatsen …
Op het kerkhof rond de groene toren hier op het Friese platteland was er naast vlinders en vogeltjes ook plek voor o.a. een geit, een koe, een kievit en het nodige pluimvee …
Na een heldere dag volgde op die mooie woensdag ook nog een heldere avond. Daarom ben ik ’s avonds nog eens terug gereden naar It Heechsân om nog een nachtelijke rondje om de toren en het omringende kerkhof te maken. En zo begon ik niet eens zo gek lang voor middernacht aan een laatste rondje om de toren …
Niet echt natuurlijk, want het gemiddelde kerkhof is na zonsondergang niet toegankelijk. Maar om de grijze dagen door te komen, heb ik met wat fotobewerking geprobeerd om de suggestie van een middernachtelijk rondje om de kerk te creëren …
Oorspronkelijk stond er bij de toren een eenvoudig kerkje, dat was gebouwd van kloostermoppen (bakstenen uit die tijd). De 13e eeuwse kerk en de toren kenden toen geen vensters, geen galmgaten en ook geen siermetselwerk. De klokken hingen in een eenvoudig klokkenhuis (een z.g. klokkenstoel) buiten de toren …
In 1730 is het kerkje ingrijpend verbouwd en opnieuw met lei en lood gedekt. Ongeveer honderd jaar later, in 1835, werd een nieuwe luidklok gekocht en in de toren gehangen. Ook zijn er toen galmgaten en een klokkenbalk aangebracht. In 1868 is het kerkgebouw afgebroken, omdat het kerkje in een bouwvallige toestand verkeerde.
Het kerkje maakte plaats voor het huidige gebouwtje, dat eerst een periode als opbaarhuis (mortuarium) werd gebruikt. Het bijgebouwtje functioneert nu als berging en watertapplaats …
De toren bleef gespaard en werd niet afgebroken. De toren is rondom begroeid met klimop en ook dat heeft weer een symbolische betekenis. Het maakt niet uit of het zomer of winter is, de klimop is altijd groen. Daarom staat ook wel symbool van onsterfelijkheid. De gehechtheid aan de muur maakt de klimop tot symbool van de trouw. In 1997 is de toren gerestaureerd. Sindsdien heeft hij weer een luidklok – de oorspronkelijke klok is in de oorlog door de Duitsers gestolen. De oude groene toren is een erkend rijksmonument …
De hervormde gemeente Eastermar kreeg in 1868 een paar honderd meter zuidelijker, maar nog wel in It Heechsân, een vervangende kerk. De kerk valt tegenwoordig onder de Protestantse Gemeente Eastermar, die is ontstaan uit fusie van de lokale Hervormde en Gereformeerde kerk …
Nadat ik een uurtje in de vogelkijkhut bij de Leijen had gezeten, zette ik koers naar It Heechsân (het Hoogzand in ’t Nederlands), een ritje van ongeveer 5 km. It Heechsân (Google Maps) is een buurtschap die 1,5 km ten noorden van het dorp Eastermar ligt. Oorspronkelijk lag hier de kern van het dorp Eastermar op een zandrug die ongeveer 3 meter hoger ligt dan de Leijen en het Burgumermeer ..
In de 13e eeuw werd er op It Heechsân een kerk met toren gebouwd. Klokken hingen er in het begin niet in de toren, die kregen plekje in een klokkenstoel. In de 16e eeuw verschoof de kern van Eastermar naar het zuidwesten tussen de Leijen en het Burgumermeer …
Het toegangshek van het kerkhof is voorzien van allerlei symboliek van tijd, dood en leven. Zo staat de schedel met gekruiste beenderen voor de kortstondigheid van het leven. De gekruiste zeisen zijn het teken van de dood, de grote maaier die oogst bij het levenseinde. De in zijn eigen staart bijtende slang staat voor het eeuwige leven. De gevleugelde zandloper verbeeldt de vervliegende tijd en het onvermijdelijk naderende stervensuur …
De bovenstaande informatie komt van het informatiepaneel dat aan de rand van het kerkhof staat. Morgen openen we het hek en maken we eens een rondje om de toren …
We pakken de draad weer op bij het kunstig beschilderde transformatorhuisje bij de driesprong tussen Oudega, Nijega en Opeinde. Nadat we gisteren het gedicht aan de oostzijde hebben bekeken, richten we ons vandaag eerst op de noordelijke voorgevel van het gebouwtje …
Op de gevel zijn de silhouetten van een boom en een aantal vogels te zien tegen een achtergrond van regenboogkleuren. Op de deur staat het Friestalige gedicht ‘Frjemde fûgels’ van Andries de Jong. Nu zou ik voor de vertaling van het gedicht simpelweg kunnen verwijzen naar Google Translate Frysk, maar wetend dat daar bij de meesten niets terecht zal komen, heb ik zelf maar even een vrije vertaling van het gedicht gemaakt …
Op de westgevel van het trafohuisje staat Meneer Voltage. Een gedicht van Erik de Boer over dit heerschap is te lezen tegen de achtergrond van het silhouet van meneer Voltage, die op knetterende wijze het elektriciteitsnetwerk in bedrijf lijkt te houden …
Alsof dat alles nog niet genoeg is, verwijst een qr-code onderaan de muurschildering ook nog naar een bijbehorend muziekstuk van de kunstenaar getiteld ‘Mr Voltage’ …
Had ik al eens verteld dat we een medeblogger in ons midden hebben, die al jarenlang bezig is om zo mogelijk alle transformatorhuisjes in ons land op foto’s te verzamelen …? Het is wel zo! Die blogger heet Sjoerd, een Limburger van Fries afkomst, en hij heeft in de loop der jaren al enige honderden transformatorhuisjes (kortweg: trafohuisjes) verzameld op zijn site bVision. nl.
Transformatorhuisjes zijn onderdeel van het elektriciteitsnetwerk. De transformator in het huisje zet elektriciteit met middenspanning (meestal 10 kilovolt) om in laagspanning van 230 volt. Dat is de spanning op de stopcontacten in huis.
In de loop der jaren heb ik al verschillende trafohuisjes aangeleverd. Wanneer ik eens een interessant trafohuisje tegenkom, maak ik als het even kan een tussenstop, zodat ik wat foto’s kan maken om Sjoerd zijn collectie verder aan te vullen …
Vorig jaar december kwam ik langs een huisje waar ik in de afgelopen 35 jaar al vele tientallen malen langs ben gekomen. Het staat bij een driesprong tussen de dorpen Oudega, Nijega en Opeinde. Zo lang ik me kan herinneren, zat het aan alle kanten onder de graffiti, waardoor het er altijd wat treurig en verloederd bij stond. Kijk hier maar op Google Streetview …
Maar in december was dat ineens anders. Op drie zijden van het gebouwtje is een mooie kleurige muurschildering met gedichten aangebracht. Op de foto’s hierboven is het gedicht op de oostzijde te lezen. Morgen bekijken we de noord- en westkant van dichtbij, en dat wordt vuurwerk …