Gesluierde schoonheid

Op de warmste uren van de dag zit ik het liefst in mijn relatief koele computerhoekje. Regelmatig draai ik mijn bureaustoel even naar rechts om een blik in de tuin te werpen. Meestal levert dat niet veel bijzonders op en kan ik me al snel weer op het beeldscherm richten. Sinds de ijzerhard (Verbena) op het terras weer in bloei staat, strijkt daar gelukkig weer vaak fotogeniek leven op neer …

Toen ik zaterdag vanuit mijn hoekje deze heidelibel op de ijzerhard zag zitten, ben ik even met de camera naar buiten gelopen. Eenmaal ter plekke wilde hij in eerste instantie niet meewerken aan een fotosessie. Hij vloog kortstondig op, maar zoals vaak het geval is, streek hij al snel weer op hetzelfde plekje neer. Een kort moment werd me een vrije blik op de ogen gegund. Daarna ging de sluier weer neer, maar wat was het een mooi afgewerkte en delicaat lijkende sluier …

Kleine kruisspinnetjes

Hilde van het weblog ‘Groengenot’ deed maandag naar aanleiding van een blogje over ‘De gevlekte kruisspinnendoder’ haar beklag over het feit, dat ze de laatste jaren bijna geen kruisspinnen meer ziet in haar tuin. In onze tuin hebben we ook deze zomer weer geen gebrek aan kruisspinnen …

Hilde klonk bijna wat ongelovig, toen ik vertelde dat we hier sinds kort alweer talloze kruisspinnen in de tuin hebben. Omdat ik vanwege het warme weer momenteel toch niet verder kom dan de tuin, heb ik gisteren even een loopje door de tuin gemaakt om wat van de kruisspinnen te portretteren. Binnen de kortste keren had ik er een tiental gekiekt. De meesten waren nog amper een halve centimeter groot, daarom viel het nog niet mee om ze enigszins strak en scherp in beeld te vangen, maar ze staan erop. Ze zijn er dus nog wel, Hilde … 🙂

Het zijn nuttige beestjes, maar erg gracieus en fotogeniek zijn de meeste niet. Gelukkig strijkt er ook nog wel eens ergens in de tuin een vlinder, een waterjuffer of een libel neer. De foto’s daarvan houdt u nog even tegoed …

Terug naar de basis

Korte tijd later kwam de vliegbasis weer in zicht …

De piloot lijnde de Dimona mooi op voor de landingsbaan, waarna we een voorbeeldig zachte landing maakten. Rustig rolden we naar de hangar waar een deel van ons gezelschap stond te wachten. Na een vlucht van 29 minuten was ik weer veilig terug op de grond …

Zoals op de foto linksonder te zien is, kon ik nog lachen toen we het eindpunt naderden. Op de middelste foto is goed te zien, dat we onderweg heel wat insecten zijn tegengekomen. Dat zullen er tegenwoordig vast minder zijn. Dat ik toch zoveel foto’s heldere foto’s heb kunnen maken, is te danken aan het schuifluikje in de kap van de cockpit op de rechter foto. Nadat ik de draagband van mijn camera goed om mijn rechterhand had gewikkeld, kon ik zonder hinderlijke vliegen en reflecties van het glas van de cockpit direct in de buitenlucht fotograferen …

Het was een bijzondere belevenis waar ik mooie herinneringen aan bewaar. En wat minstens even mooi is, ik heb er een prachtige oorkonde ter gelegenheid van mijn luchtdoop aan overgehouden.

Sindsdien heb ik niet meer gevlogen. Tot nu toe zijn we altijd gekomen waar we naar toe wilden zonder te hoeven vliegen. En ik zie dat eerlijk gezegd ook niet meer veranderen …

Leeuwarden van boven

We naderden stilaan het eind van mijn eerste en tot dusverre laatste luchtreisje boven Fryslân …

We volgden enige tijd de loop van het Van Harinxmakanaal om zo met een ruime bocht ten westen van Leeuwarden om de stad heen te vliegen. Ik ben niet bekend genoeg in Leeuwarden om de onderstaande foto’s van een zinvolle nadere toelichting te kunnen voorzien. Alleen die ene donkere pilaar, die in het centrum van Leeuwarden oprijst, kan ik van een naam voorzien. Dat is de Achmeatoren. Met zijn hoogte van 114,6 meter is het ’t hoogste gebouw van Fryslân. De toren is vanuit een groot deel van de provincie te zien …

Voordat we afbogen in noordoostelijke richting kon ik nog net een laatste blik op het prachtige licht boven het Wad werpen …

  • wordt vervolgd

Leeuwarden in zicht

Terwijl rechts naast ons de Panhuyspoel uit beeld verdween, zagen we vlak voor ons het met plassen doorsneden rietland ‘Reid om’e Krite’ ten noordoosten van Earnewâld …

Even later vlogen we even parallel aan de Wâldwei (N31), de weg tussen Drachten en Leeuwarden. De weg is nog net te zien onderaan de foto linksonder. Aan de situatie aan de Alde Lunewei aan de overkant van het water is weinig veranderd. Op de boerderij links wordt nog steeds geboerd en het oude boerderijtje tussen de bomen is nog steeds niet ingestort. Het enige wat ter plekke veranderd is, is dat de N31 sinds 2007 verdubbeld is.

In de verte zagen we even een luchtballon zweven (middelste foto). Tussen de vlekken van de vliegjes op de cockpit door zag ik Leeuwarden intussen snel naderen (foto rechtsonder) …

Met de onderstaande foto ben ik nog steeds erg blij. Ik kan wel genieten van dat lapjespatroon van de landerijen met in de verte de plassen van natuurgebied de Groote Wielen

Ineens gingen de patronen van het platteland over in die van de stad. Vanuit zuidoostelijke richting vlogen we over de dorpjes Hempens en Teerns, die intussen volledig ingekapseld zijn door de grote stad …

Op een veldje in Teerns werd een luchtballon opgelaten. Dat was het laatste snippertje platteland dat ik tijdens deze vlucht te zien kreeg …

  • wordt vervolgd

Terug over Oudega

Na twee rondjes boven onze woonwijk was het tijd om de terugweg te aanvaarden. We vlogen in noordwestelijke richting en passeren daarbij de oudste industrieterreinen van Drachten, ‘de Haven’ en ‘de Tussendiepen’ aan de westkant van Drachten …

Ik zag o.a. één van de onlangs door boeren geblokkeerde distributiecentra van Aldi onder me langs glijden (foto linksonder). Daarna kwam de Nieuwe Haven in beeld waar o.a. Kijlstra Beton gevestigd is (foto midden). We verlieten Drachten waar we het op de heenreis ook langzaam in beeld zagen verschijnen, bij de Smalle Eesterzanding (foto rechtsonder) …

Toen ik mijn blik weer naar voren richtte, zag ik dat Nationaal Park de Alde Feanen voor ons uitgestrekt lag. Aan de horizon zag ik voor het eerst de roze gloed van weerspiegeld zonlicht op de Waddenzee …

We waren intussen Oudega genaderd, één van de oudste dorpen in de gemeente Smallingerland, waarvan Drachten de hoofdplaats is. De van oorsprong in het midden staande kerk, die gebouwd is rond 1100, is het oudste monument van de gemeente …

We vlogen inmiddels al langs de Panhuyspoel, een nog in bedrijf zijnde zandwinput waar ik onderweg naar Earnewâld en de Jan Durkspolder regelmatig langs kom …

  • wordt vervolgd

Een rondje boven de Drait

Nadat ik tijdens het eerste rondje de onderstaande foto had gemaakt, waar ons huis tamelijk centraal op staat, besloot de piloot om nog een tweede rondje boven onze woonwijk de Drait te maken. Om een niet al te ruime boog te hoeven maken, ging het toestel voor mijn gevoel dusdanig scheef, dat ik mijn ongerustheid toch maar even heb geuit, want daar voelde ik me niet echt prettig bij. Dat was volgens de piloot natuurlijk volstrekt overbodig. “Je ging op je brommer toch ook altijd scheef door de bocht vroeger,” redeneerde hij …

Daar had hij zeker een punt. Daarom besloot ik maar door te gaan met fotograferen. Veel valt er over de drie onderstaande foto’s niet te zeggen, ze laten alleen wel zien dat we gelukkig in een vrij groene wijk uit begin jaren ’70 wonen …

De foto hieronder laat verder mooi een deel zien van de loop van het riviertje de Drait tussen de beide westelijke woonwijken de Trisken en de Drait …

Op de foto linksonder nog een blik op het riviertje en beide woonwijken. Tijdens het tweede rondje boven onze wijk was in zuidoostelijke richting Parkwijk de Singels te zien met zwembad De Welle (middelste foto). Op de foto rechtsonder nogmaals een deel van onze woonwijk en de ernaast gelegen begraafplaats Slingehof …

Ik sluit het tweede rondje over onze woonwijk af met een laatste foto, waarop voor kenners ons huis te vinden is …

  • wordt vervolgd