Bloeiende brem

Even verkeerde ik vanmiddag in de veronderstelling dat ik een bijzondere waarneming had gedaan  …





Op nog geen 25 meter afstand van een vliegenzwam staat op de Merskenheide de brem (Cytisus scoparius) in bloei …





“Die vliegenzwam houdt zich keurig aan de kalender, maar de brem hoort toch echt in april-mei te bloeien,” dacht ik …





Thuis gekomen ontdekte ik al snel dat het allerminst opzienbarend is dat de brem in september-oktober (nogmaals) bloeit. Maar hij is er zeker niet minder mooi om.   🙂

Valse start

De winter en ik hebben momenteel één ding gemeen, we hebben dit jaar allebei een valse start gemaakt.

De winter van 2013-2014 heeft in ons tuintje sinds 1 december slechts drie maal een nacht met lichte vorst opgeleverd met een laagste temperatuur van -1,9 ºC, en we hebben nog geen vlokje sneeuw gezien. Op de rand van de vijver staat momenteel zelfs een campanula vrolijk te bloeien alsof het eind mei, begin juni is …





Hoe anders was dat in de winter van 2012-2013. Toen kleurde de eerst sneeuw ons tuintje al op 5 december wit en kon ik van 1 december 2012 tot 19 januari 2013 al 23 vorstdagen noteren. Wat was het een feest om half januari talloze schaatsliefhebbers in actie te zien op de ijsvlakten van de Jan Durkspolder en de Ryptsjerksterpolder …





Het onbestemde weer van de laatste tijd, dat het midden houdt tussen herfst en voorjaar, doet mij bepaald geen goed. Sinds half december kamp ik al met die maar voortslepende vermoeidheid. Hoewel het langzaam maar zeker wel iets beter wordt, is het wachten nog op de grote doorbraak. Daarvoor heb ik toch even wat hulp van buitenaf nodig, denk ik. Het wachten is op een periode met mooi winterweer, maar die is voorlopig nog niet in zicht. Of op een avond met poollicht, maar die is ons onlangs ook weer door de neus geboord. Kortom: het blijft sukkelen …





Voeg daarbij, dat de auto sinds woensdag problemen met de remmen vertoont, dan zal duidelijk zijn, dat er ook de komende week weinig spannends op de agenda staat. De komende dagen zal ik me daarom eerst maar eens op wat achterstallige weergrafiekjes storten (denk ik).

Een zachte jaarwisseling

Nog even, dan laten we 2013 achter ons …

Met dit 340e logje van 2013 sluit ik het jaar af. Een woord van dank aan ieder die hier zo af en toe (of wat vaker) om het hoekje kijkt en een speciaal woord van dank aan ieder die het afgelopen jaar op de een of andere manier een bijdrage heeft geleverd aan dit weblog, lijkt me hier op zijn plaats, want alle grappige, warme, informatieve, aanvullende, meelevende of kritische reacties worden hier zeer gewaardeerd. Dank daarvoor!

We sluiten het jaar in elk geval hoopvol af, het voorjaar werpt zijn schaduw alweer vooruit, want niet eerder heb ik op oudjaarsdag de prunus in bloei zien staan …

20131231-114004.jpg


Ik wens jullie allen een rustige jaarwisseling!

In een dalletje

Onder invloed van de regen en de ineens weer veel lagere temperaturen ben ik in de afgelopen dagen weer een dalletje in gesukkeld. Als gevolg van mijn defecte inwendige thermostaat moet mijn lijf weer even alle zeilen bijzetten om aan de herfstachtige omstandigheden te wennen. Eigenlijk zou ik de thermostaat van de centrale verwarming al een graadje hoger moeten zetten, maar dat kan met het ook dit jaar weer voorgeschotelde plaatje van persoonlijke koopkrachtdaling natuurlijk niet. Gisteren had ik dan ook het gevoel dat ik een steile, grillige en donkere bergwand moest beklimmen …





Vandaag zag de wereld er al weer wat vriendelijker uit. In plaats van die donkere berg zag ik nu de witte muur van de buren aan de overkant voor me. En wat meer was … ruim vóór die muur stond in onze voortuin een papaver in bloei …





Jawel, terwijl buien met hagel en onweer vooral vlak ten noorden van ons voorbij trekken, staat er op deze 16e september een papaver in bloei in ons voortuintje. De wonderen zijn de wereld nog niet uit, dus ik zal ook wel weer opkrabbelen in de loop van de week …




Overstekende reptielen (2) de hagedis

Zoals ik gisteren al schreef, heb ik na mijn ontmoeting met de adder eerst eens een tijdje lekker op het bankje in de noordoostelijke hoek van de Merskenheide gezeten. Even de adrenaline uit het lijf laten vloeien en wat mijmeren in de zon. Een ontmoeting met een adder is bij de Merskenheide niet echt vreemd. De afgelopen jaren heb ik er al diverse keren eentje op de foto kunnen zetten, gemiddeld tref ik er eigenlijk elk jaar wel een adder, en ik ben er dan ook altijd op adders bedacht. In de meeste gevallen zag ik ze al ruim van te voren lekker opgerold in het zonnetje liggen, maar vrijdag werd ik echt even verrast, omdat de slang pardoes vanuit de heide het pad op kronkelde …

De adder is de enige giftige slang die in Nederland en België voorkomt. Mijn ervaring is dat de adder over het algemeen niet de neiging heeft om tot de aanval over te gaan. Met uitzondering van een ontmoeting met een adder in de Alpen,  bleven de adders die ik tegen het lijf liep in eerste instantie rustig liggen. Daarbij houden ze naar mijn idee de omgeving goed in de gaten. Zo lang je de adder niet te dicht benadert, is er niets aan de hand. Het wordt een ander verhaal wanneer je op een adder gaat staan, want dan zal hij zich met zijn giftige beet verdedigen. Dodelijk is een adderbeet in ons land slechts zelden. Volgens Wikipedia werden in Nederland in de periode 1885-1972 138 gevallen van een adderbeet gemeld, waarvan er drie fataal waren. Maar ik speel toch maar het liefst op safe, daarom ben ik bij de Merskenheide altijd extra attent. En hoe spannend kleinzoon Tijmen de foto’s van de adder zaterdag ook vond, voorlopig zit een gezamenlijk fotokuiertje op de Merskenheide er nog niet in, daarvoor is hij nog net wat teveel een ‘spring in het veld’ …

Afijn, genoeg gemijmerd, het werd tijd om de terugweg te aanvaarden, want het was nog een eind wandelen naar de auto. En het pad lag er op het eerste stukje dan wel weer slangvrij bij, maar je weet maar nooit wat er onderweg nog kan gebeuren …

Ik hoefde niet eens zo lang te wachten voordat er weer wat gebeurde. Waar het oostelijke pad bij de rij struiken op de bovenstaande foto met een bocht overgaat in het zuidelijke pad, schoot er ineens weer een reptiel over het pad. Ditmaal was het een veel kleiner en onschuldiger beestje: een hagedis

Meteen bleef ik stokstijf staan. Terwijl ik mijn ogen over de rechterkant van het pad liet glijden, zag ik hem zitten tegen de wat opstaande rand van het pad. Heel voorzichtig, sloop ik stapje voor stapje dichterbij. De snelle rakker gaf me net de kans om drie foto’s van hem te maken, waarvan deze twee de mooiste zijn. Net als van zoveel beestjes weet ik van hagedissen niet zo gek veel, maar ik vermoed dat dit een levendbarende hagedis is. En als dat inderdaad het geval is, dan zou het kijkend naar het bolle buikje wel eens een hoogzwanger vrouwtje kunnen zijn. Reacties omtrent deze gedachtegang zijn van harte welkom  …

Het moge duidelijk zijn dat mijn dag absoluut niet meer stuk kon. Rustig, maar nog steeds attent op addergebroed heb ik mijn weg naar de auto vervolgd. Langs het pad heb ik nog een paar vlinders kunnen vangen, en ook onderweg in de auto wachtte me nog een verrassing. Dat alles komt nog wel, nu is het tijd om even lekker in de tuin te profiteren van het mooie zomerweer …

Helemaal in de war

We hadden vandaag wat lichte vorst en we hadden wat lichte dooi.
Daarnaast hadden we wat mist, wat zon en wat bewolking en we hadden …

… te midden van de neerdwarrelende herfstbladeren wat bloeiende lavendel.
Die moet wel helemaal in de war zijn …

Zweefvliegen op de dotter

Op 31 augustus schreef ik hier dat de dotter in de vijver voor de tweede maal tot bloei was gekomen. Sindsdien heeft hij onafgebroken in bloei gestaan, en er blijven maar nieuwe knoppen verschijnen …

Nu ik vanwege een absoluut gebrek aan kracht in mijn benen nog niet aan fotokuiertjes toe kom, is het met dit heerlijke nazomerweer -het is hier nu ruim 22 graden- een genot om even bij de vijver te kunnen zitten …

Diverse zweefvliegen strijken beurtelings op de dotterbloemen neer om zich tegoed te doen aan het lekkers dat de bloemen te bieden hebben, mij bieden ze ongewild een aangename afleiding …

Zo komen we de herfst wel door.  🙂