Reusachtige libellen

Eerder dit jaar liet ik hier al de van wilgentenen gemaakte kunstwerken “Baltsende kraanvogels” en “Drie monniken onderweg” zien. Beide kunstwerken waren lokale spin-offs van LF2018. Ook in een waterpartij langs de verbindingsweg tussen Nijega en De Tike staat sinds het voorjaar een dergelijk kunstwerk dat door een groep Nijegasters zelf is bedacht, ontworpen en gemaakt van wilgentenen en biezen …

Het beeld van twee reusachtige parende libellen op een lisdodde en iets verderop een drijvende krabbenscheer is in het kader van de culturele hoofdstad gemaakt door zeven bewoners van het dorp Nijega. De mannen zorgden vooral voor het constructiewerk en de vrouwen zorgden ervoor dat de wilgentenen en de biezen (pitrus) in de goede vorm werden gebogen en gevlochten …

De makers van het beeld willen de kwetsbaarheid van de leefomgeving van libellen in beeld brengen. Het is een verwijzing naar het behoud van de rijke biotoop van het coulissenlandschap in De Friese Wouden, gedragen door een collectief van overwegend boeren en particulieren. Dit is van belang voor zowel krabbenscheer als libellen …

Menselijk handelen bepaalt in grote mate welke soorten blijven, komen of verdwijnen. Denk daarbij aan de afname van insecten en weidevogels, maar ook aan de toename van predatoren, het verdwijnen van geschikte biotopen en waterverontreiniging …

De ielstikel en de swanneblom

Wat er rond onze vijver zoal bloeit, hebben we nu wel gezien. Tijd om de blik eens op de vijver zelf te richten, want ook daarin bloeit wel het een en ander. Om te beginnen, niet bloeiend, maar wel een mooie blikvanger: de krabbenscheer (ielstikel in het Fries) …

Maar het pronkstukje is toch wel de witte waterlelie (swanneblom in het Fries) …

Met 4 of 5 bloemen die mooi na elkaar bloeien, doet hij ook dit jaar weer goed zijn best …

Een tweede poging om te laten zien wat voor insect in het hart van de waterlelie de dood heeft gevonden, heb ik maar achterwege gelaten. De kans om mijn toch al wankele evenwicht te verliezen en met camera en al te water te raken was me net wat te groot …