Droogte op het Wad

Vóór ons zagen we de strekdam langs de Peazemerlânnen liggen. Die dam stond al jarenlang op mijn lijstje. Vaak had ik er vanaf de dijk bij de oude palenrij naar staan kijken, maar wetend hoe lang hij is, hoefde ik er simpelweg niet aan te beginnen. De komst van de Whill bracht daar verandering in. Nu lag dat lange pad eindelijk voor me open …

Het gaat in ons land al wekenlang over het gebrek aan regen en de daarmee samenhangende droogte. Het viel ons op, dat het ook aan de zeezijde van de strekdam behoorlijk droog was. Aan de droogtescheuren te zien, was het al geruime tijd geen echt hoog water geweest …

Toen de wind was gaan liggen

Vorige week hadden fotomaatje Jetske en ik afgesproken om zo mogelijk gisteren naar het Wad te gaan. Omdat er de hele week een koude noordoostelijke wind stond, leek het me echter beter om het frisse Wad nog maar even uit stellen. Daarom besloten we donderdagavond om naar het Fochteloërveen te gaan. Toen vrijdagochtend de wind was gaan liggen, besloten we echter toch maar naar het Wad te gaan. Ja, wij kunnen dat. En dus begonnen we ons uitstapje gistermorgen even na elven bij het zeemijn-monument ten oosten van Peazens-Moddergat (OpenStreetMap)

Bij aankomst zagen we niet ver het monument een dood schaap liggen. Zodra we uitstapten, begon het dier echter met zijn poten te bewegen. “Kijk nou,” zei Jetske, “hij leeft nog.” Hij was waarschijnlijk omgerold op de dijk, waarna hij hulpeloos op zijn rug was blijven liggen. Samen hebben we hem weer op zijn pootjes gezet, waarna hij binnen de kortste keren weer op de kruin van de dijk stond …

Daarna begonnen we aan ons tochtje naar het Wad. Whilly had het even moeilijk met één van de vee-roosters, maar op de klim naar de kruin van de dijk lieten we Jetske ruim achter ons. Genietend van het eerste uitzicht over het Wad, werd ik meteen de zilte geur gewaar, toen ik daar op Jetske wachtte …

Gezellig pratend, wijzend en fotograferen begonnen we aan de ca. 1,5 km lange strekdam langs de Peazemerlânnen. Op de kop van de dam (OpenStreetMap) hebben we bijna aan het eind van de wereld onze broodjes gegeten. Het was heerlijk! En alsof het zo was afgesproken, stak er een noordelijk windje op, toen we aan de terugweg begonnen …

Moe, maar voldaan, zit ik nu enkele honderden foto’s te sorteren. De komende tijd zal ik daar het e.e.a. van laten zien. Om ook tijd en energie te houden voor natuur, landschap en het mooie actuele weer, zal ik dat zonder al teveel tekst doen. Ik geniet van het mooie weer en ik wil van alles, maar om op de been te blijven moet ik hier en daar keuzes maken …

Mooi weekend allemaal!

Het open rollen van de varens

Het was weer een prima dag met mijn fotomaatje gisteren. We hebben gezien waar we voor kwamen, en het was mooi en warm weer. Al met al kwam ik weer doodmoe, maar voldaan thuis. Dit was waar we onze dag mee begonnen. Daarover later meer …

Nu de temperaturen weer stijgen, ben ik maar weer overgeschakeld op de zomermodus. Daarbij probeer ik dagen met rust en activiteit maar weer wat af te wisselen. Daarom doe ik het vandaag, net als dinsdag, weer lekker rustig aan gedaan in de tuin …

We hebben zoals bekend geen grote tuin, maar zo her en der is er zeker in dit jaargetijden meestal wel wat te fotograferen. Dinsdagmiddag heb ik een kleine serie gemaakt van het open rollen van de varens. Dat vind ik elk jaar weer een boeiend schouwspel …

Winterjuffers en de boswachter

Er stonden twee hobbyfotografen met grote toeters op de libellenvlonder, toen ik er die dag voor de tweede keer ratelend naar beneden rolde. Op mijn vraag of ze nog wat interessants hadden gezien, luidde het antwoord: ‘Geen ringslangen of hagedissen als je daar op doelde …’

‘Dan hebben we vanmorgen geluk gehad met de twee ringslangen die we hebben zien passeren,’ reageerde ik op mijn beurt. Daarna kregen we het over het enige andere levende wezen dat ik er ’s ochtends had gezien: een waterjuffer. ‘Dat binne brúne winterjuffers‘, vertelde een van mannen. Zij hadden ze zojuist ook uitgebreid geportretteerd. Toen een van de mannen me speurend naar de korte rietstengels in het water zag kijken, wees hij me op zo’n juffertje: ‘Sjoch, dêr sit der ien …’

Intussen was Jetske er ook weer bij gekomen. Terwijl de beide mannen even later vertrokken, kwam ook de gebiedsboswachter van It Fryske Gea nog even bij ons op de vlonder. Toevallig hadden Jetske en ik het er al even over gehad, dat het eigenlijk prima ging met Whilly. Alleen bij één van de twee klaphekjes moest ik even opstaan om de rolstoel door de krappe opening te helpen …

De hekjes op zich zijn wel breed genoeg, maar vaak worden paadjes uitgehold door de vele mensen die er in de loop der jaren steeds één voor één langs lopen. Daardoor blijft er net wat te weinig ruimte over mijn toch bepaald niet brede rolstoel. Jetske deed het verhaal aan de boswachter. Nadat we nog een tijdje genoeglijk hadden zitten praten, nam de boswachter even later afscheid met de boodschap: ‘Ik zal daar meteen even kijken en dan maak ik er even een notitie van …’

Toen Jetske en ik korte tijd later bijna weer bij de parkeerplaats waren, kwam de boswachter stapvoets achter ons aan. Eenmaal op het parkeerterrein, draaide de boswachter het raampje van zijn auto naar beneden: ‘Ik had een schep in de auto, dus ik heb het meteen even hersteld.’ Wat een service! Nadat we hem vriendelijk hadden bedankt, heb ik Whilly soepeltjes de auto in geholpen …

Jetske en ik konden terugkijken op een mooie dag met een geslaagd debuut van Whilly. Ik denk, dat we nog wel eens vaker met elkaar op pad zullen gaan. Vanaf nu heb ik behalve een fotomaatje ook een rolmaatje (met dank aan @erna) …

Een bankje bij ’n bruggetje

Eenmaal voorbij de imposante eik, zagen we rechts van het pad een mooi groot ven liggen …

Van tussen de bomen maakte ik een paar foto’s van de weerspiegelingen … wat een heerlijke rust …

We liepen verder en zagen daarbij ook weer water glinsteren aan de andere kant van het pad …

We passeerden een bruggetje waar aan de andere kant een klein bankje op het pad staat …

Het oude, verweerd bankje was een mooie plekje om even te genieten van het uitzicht. Daarna zijn we omgekeerd om de terugweg te aanvaarden, want de accu van Whilly stond intussen op 60% …

– wordt vervolgd

Een kikker langs het pad

Nadat we een tijdlang lekker op de libellenvlonder hadden gezeten, vervolgde we onze tocht. Om dichter bij de Dellebuursterheide te komen, moesten we een stukje door het bos. Whilly liet hier zien dat hij ook best een stukje kan klimmen …

We kwamen uit bij een lang pad, dat in noordelijke richting langs de heide in de naar een paar andere vennetjes voerde. Voordat we die kant op gingen, besloten we hier eerst even een broodje te eten. Bij gebrek aan een bankje maakte Jetske het zich gemakkelijk op een al jaren geleden omgevallen boom …

Voordat we aan de broodjes toe waren, dook Jetske echter naar het gras. In eerste instantie zag ik niet waar ze mee bezig was, maar toen ik eens wat beter keek, zag ik dat ze een kikker had gevonden. Het was weliswaar geen mooie blauwe heidekikker, maar toch een leuk beestje …

Na het intermezzo met de kikker waren we dan toch aan onze broodjes toe. Omdat Jetske een pak tweedrank had meegenomen, hoefden we niet eens op water en brood te leven …

Daarna begonnen we aan het lange rechte pad naar het noorden. De kuilen vermijdend, had Whilly weinig problemen met dit pad. En dat was maar goed ook, want lopend zou ik er niet aan zijn begonnen. Dan was ik nog even bij de vlonder gebleven, om daar vandaan stukje bij beetje terug te gaan naar de auto …

Aan het eind van het pad werd onze weg i.v.m. de vogelbroedtijd versperd door een afsluitboom met een bord. Er zat niets anders op dan naar links te gaan. Dat was geen straf, want daar was het ook mooi. Wat te denken van deze majestueuze eik, om maar eens wat te noemen …

– wordt vervolgd

Aan de rol met Jetske en Whilly

Vrijdag stond er weer een fotokuier met fotomaatje Jetske op het programma. Omdat ik al dagenlang slechte benen had, stelde ik voor om Whilly maar eens mee te nemen de natuur in. Het mooie droge weer maakte het mogelijk om meteen maar voor een pittig parkoers te kiezen. Op het parkeerterreintje tussen het Diakonievene en de Dellebuursterheide (OpenStreetMap), zette ik onder toeziend oog van Jetske Whilly in elkaar …

Terwijl Jetske vlot voorwaarts stapte, kreeg Whilly het meteen flink voor zijn kiezen. Om van het half verharde parkeerplaatsje af te komen, moesten we eerst over een stuk met gebroken puin, dat nog niet was gewalst of vastgereden. Maar goed, Whilly en ik bereikten samen de weg, die we meteen recht overstaken. Daar wachtte de volgende uitdaging. Het zandpad was door het droge en warme weer hier en daar bedekt met een laag stuifzand. Het viel Whilly zwaar om daar doorheen te ploegen. Nu eens naar links en dan weer naar rechts uitwijkend, zocht ik mijn weg over de hardste delen van het pad …

Na enige tijd bereikten we het eerste doel van ons ‘kuierritje’: de Catspoele in de Dellebuursterheide. Daar kon Whilly het even kalm aan doen. Rustig over het vlonderpad naar het uitkijkpunt rijden, lag hem duidelijk beter dan grind en los zand. Het was stil op de vlonder, behalve Jetske en mij was er nog een fotografe aanwezig …

Ook op en in het water was het stil. Een dodaars dook regelmatig even op of onder, en aan de overkant dobberden een paar eenden op het water. Dat was het wel zo ongeveer …

We zaten er genoeglijk. Wachtend op de dingen die hopelijk zouden komen, keken we uit over het water. Af en toe werd er een praatje gemaakt met passerende wandelaars/fotografen …

– wordt vervolgd