Leppelbekken by Jan Durks

Oftewel, lepelaars in de Jan Durkspolder …

Half mei zag ik er nog maar een enkele lepelaar rond stappen, maar vorige week had de volledige kolonie zich intussen aan de westkant recht tegenover de grote vogelkijkhut gevestigd …

Ook een stuk verderop zag ik nog wat lepelaars in de bomen zitten. Al met al zijn het er ca. 50, schat ik. Daarmee is de kolonie naar mijn idee aardig gegroeid. En de vogels zijn in ieder geval beter zichtbaar dan toen ze helemaal aan de zuidwestelijke hoek van de plas zaten …

Er waren ook opvallend veel lepelaars die een vluchtje maken. De eerste vloog in de richting van Earnewâld, maar de tweede vloog om de hut heen. Aan de oostkant streek hij neer achter de vele gele lissen om daar te foerageren …

Dat is hoopgevend, want het zou mooi zijn om daar weer eens wat vaker en dichterbij lepelaars door het water te zien waden. Ik kijk er al naar uit om weer eens zo’n lucky shot te kunnen maken als in mei 2019. Maar ja, je weet hoe het met lucky shots gaat, die worden maar zelden herhaald …

Beter weer

Nadat ik een bezoekje had gebracht aan de vogelkijkhut in de Jan Durkspolder, zag ik ze al van ver aankomen, een drietal amazones en hun begeleider op zijn scootmobiel …

Ik zette de auto bij een dam in de berm. Nadat ik was uitgestapt, begon ik wat foto’s te maken van de omgeving en de gestaag naderende groep viervoeters en die ene vierwieler. Vriendelijk groetten we elkaar terwijl ze passeerden …

Ze hadden er beter weer bij dan de vorige keer dat ik ze hier trof. Dat was vorig jaar eind juli, midden in die maar aanhoudend natte zomer, die zomer voor echte bikkels

De eerste lepelaar

Hij zat nog vrij ver weg, maar met wat zoom kon ik hem toch aardig in beeld vangen …

Gisteren zag ik de eerste lepelaar van 2022 in de Jan Durkspolder …

Het was ook zo ongeveer de enge bezienswaardigheid gisteren …

Het enige ijs van 2022

28 februari, de laatste dag van de meteorologische winter. Een mooie dag om de foto’s te publiceren van het enige ijs dat ik dit jaar in het buitengebied heb gemaakt …

In de nacht van 11 op 12 januari had het een graadje gevroren. Meer ook niet, maar het was genoeg om in de luwte van de vogelkijkhut in de Jan Durkspolder een heel dun vliesje ijs op het water te leggen …

Op de bovenstaande foto’s lijkt het bijna alsof het zachtjes motregent, maar door wat in te zoomen wordt duidelijk dat het toch echt ijs was …

Heel zacht deinde het flinterdunne laagje ijs op het water op en neer. Dat had ik mooi kunnen laten zien door er een filmpje van te maken, maar dat bedacht ik me pas toen ik alweer thuis was …

Onrust rond de plas

Het was een winderige en donkere dag in de aanloop naar Dudley, Eunice en Franklin

In de luwte van de vogelkijkhut in de Jan Durkspolder stonden een paar ganzen te dutten in ondiep water …

Plotseling ging er verder naar het oosten aan de andere kant van de plas een grote groep ganzen de lucht in …

Een paar andere ganzen kwamen vanuit noordoostelijke richting vlak langs de hut vliegen …

Intussen was er ook onrust ontstaan aan de zuidkant van de plas, daar kwamen de smienten massaal omhoog …

Even hoopte ik dat een zeearend de veroorzaker van de onrust was, maar dat viel tegen …

Het was een buizerd die laag over kwam vliegen. Daarna keerde de rust weer …

Het was ondanks de kille wind toch weer een fijn halfuurtje in de polder.

Een bijzon boven de plas

“Ho …, even stoppen, ik zie een prachtige bijzon!”

Dat was echter makkelijker gezegd dan gedaan. We waren na ons bezoek aan de vogelkijkhut in de Jan Durkspolder net in de auto gestapt om huiswaarts te rijden. Veel smaller dan de Geau worden zelfs plattelandswegen echter niet gemaakt. En ook de bermen hebben er een minimale breedte met aan de andere kant een diep liggende sloot …

Desondanks wist Jetske de auto kundig manoeuvrerend veilig aan de kant te krijgen. Omdat het een mooie stabiele bijzon was, hadden we vervolgens alle tijd om wat foto’s te maken. Het was de afsluiting van opnieuw een mooie en gevarieerde dag met mijn fotomaatje …

Aalscholver met haantjesgedrag

Er viel niet veel te beleven in de Jan Durkspolder die dag. Het rad van de windmotor draaide heel rustig zijn rondjes en af en toe passeerden er een paar fietsers …

Aan de oostkant van de hut zat in de verte een aalscholver op een paaltje wat te poetsen en te pronken. En daar had hij ook alle recht toe met de sierlijke, bijna zilveren veren op zijn kop en de witte vlek bij zijn poten. Heel even ging er een tweede aalscholver op één van de paaltjes zitten …

Lang duurde dat niet. Het was duidelijk, de eerste aalscholver haalde alles uit de kast om zijn soortgenoten te imponeren. En dat lukte ook heel aardig. Een paar ijselijke kreten waren genoeg om de bezoeker te verjagen …