Langs ‘de Baggeraar’

We vervolgden onze vaartocht door het dorpje Dwarsgracht voor de gelijknamige gracht. In het fietspad dat langs de gracht loop, liggen verschillende van deze karakteristieke bruggetjes …

Het oudste en het nieuwste huis van Dwarsgracht staan gebroederlijk naast elkaar. Aan de woonboerderij op de linker foto werd vorig jaar de laatste hand gelegd, toen we er langs kwamen. De verhoudingen kloppen niet helemaal, het oude huisje op de rechter foto is een stuk kleiner dan je op deze foto zou zeggen …

Als je door Dwarsgracht vaart, vaar je langs het beeld ‘De Baggeraar’ van kunstenaar Janno Petter, die tot zijn dood aan de Dwarsgracht woonde. Het beeld stelt een veenarbeider met een baggerbeugel voor, een soort net aan een lange stok. Daarmee kon het veen, tot een diepte van twee meter onder water, van de bodem worden getrokken …

Bij verschillende van die mooie huizen in Dwarsgracht stond een of ander zitje langs de gracht. Wat een voorrecht om daar op mooie zomeravonden lekker aan de waterkant te kunnen zitten …

Aan het eind de bebouwing lieten we Dwarsgracht achter ons, te midden van rietkragen en hooilanden koersten we in westelijke richting naar Jonen …

– wordt vervolgd

Een rietdekker aan ’t werk

We lieten de rietvelden achter ons op het moment dat we opnieuw onder een brug door voeren. Hij was als een poort waarachter het licht lonkte, toen we het kleine lintdorp Dwarsgracht binnen voeren …

Zodra we onder de brug door waren, kwamen we langs een tuin waar de hortensia’s in volle glorie stonden te pronken. Het was echter vooral de kunstinstallatie van drie metalen vogels waar ik gecharmeerd van was …

Aan de andere kant van de gracht was een rietdekker aan het werk op het dak van een woonboerderij. Mooi werk om naar te kijken! Zo te zien was hij bezig met de laatste loodjes van de klus …

Het bood in het voorbijgaan een mooi kansje om een glimp op te vangen van wat er met het riet wordt gedaan, nadat de rietsnijders hun werk hebben gedaan. Vakmanschap is meesterschap, dat geldt zeker voor de rietdekker. Maar met bijna tot tropische waarden oplopende temperaturen viel de man op dat moment niet te benijden …

– wordt vervolgd

De Wieden in

Terwijl het in de verte af en toe wat rommelt en de eerste regendruppels kringetjes maken in de vijver, neem ik jullie mee terug naar het vaartochtje dat ik vrijdag met mijn fotomaatje heb gemaakt. Rond half elf ’s ochtends koersten we in westelijke richting over de Cornelisgracht bij Giethoorn …

Na enige tijd doken we rechtsaf onder een brug door. Daar lieten we de bewoonde wereld voorlopig even achter ons om de Wieden te doorkruisen. Voorbij de brug kwam ons een sloep tegemoet. “Niet te snel opzij gaan,” zegt Jetske in voorkomende gevallen, ‘wij hebben een stalen boot hij niet …” 😉

Niet veel later doken we een stuk bos in, dat ik herkende van eerdere vaartochtjes met Jetske in deze contreien. Ik vind dit steeds weer een bijzonder stukje van de route …

Omdat Jetske het gebied ongeveer net zo goed kent als haar broekzak, zoekt ze graag routes op waar de gemiddelde toerist zich niet waagt met zijn motorbootje. Losgeslagen pollen riet en een overdaad aan waterplanten maakten de vaart steeds smaller en vormden een bedreiging voor de schroef van de buitenboordmotor. Maar Jetske is zoals bekend voor geen kleintje vervaard en hanteerde met vaste hand de vaarboom om voorbij de hindernis te komen …

Daarna vervolgden we onze route weer door de smalle vaart tussen de uitgestrekte rietvelden …

– wordt vervolgd

Echt offline

Mijn ‘dagje offline’ werd gisteren echt van vroeg tot laat een volle dag offline. Dat overkomt me niet zo vaak, maar het is me prima bevallen. Nadat ik rond half tien ’s ochtends in de auto was gestapt, staken mijn fotomaatje en ik een uurtje laten in Giethoorn van wal in een punter met buitenboordmotor om een vaartochtje door de Wieden te maken …

Jetske – die de grachten, vaarten en plassen in de omgeving bijna kent als haar broekzak – maakte er weer een mooie tocht van. Door smalle vaarten, omgeven door bomen of rietland, zetten we via Dwarsgracht en Jonen koers naar de Beulakerwijde. Daar ontdekten we, dat we helaas te laat waren om de jonge zwarte sterns nog te kunnen zien. De nestvlotjes lagen er kaal en verlaten bij …

Al met al werd het een prachtige dag in de Wieden. Het was er heerlijk met een verkoelend windje over het water. Het ging mis, toen ik bij terugkomst in de hitte weer vaste wal onder mijn voeten had. Ik had nog geen 10 meter over een verharde weg gelopen, toen alle kracht in één keer uit mijn benen vloeide. Jetske zag het gebeuren en moest me naar de auto helpen …

Na een paar bakjes koffie en wat water keerde de kracht bij Jetske in de tuin weer voldoende terug om naar huis te kunnen rijden. Dat doet hitte dus met MS. En dat is toch schrikken na de vlotte kuier van woensdag met Ria in de Ecokathedraal. Afijn, vandaag blijf ik lekker thuis. Passen jullie ook wat op jezelf?

Een dagje offline

Met het oog op de weersverwachting voor vandaag ben ik een dagje offline …

Maak er een mooie dag van en hou ’t hoofd koel!

Nog ‘ns een bruine kiekendief

Ik sluit het ritje door de Weerribben af met nogmaals een serie van een bruine kiekendief. De afgelopen weken heb ik meer kiekendieven gezien dan in de 20 jaar daarvoor. Je zou bijna gaan denken dat hij de buizerd heeft verdrongen, want die heb ik dit jaar nog nauwelijks gezien …

We stonden net even stil langs de Rietweg tussen Nederland en Scheerwolde, toen een bruine kiekendief bij de brug over de Wetering de weg overstak. Aan de andere kant van de weg dook hij omlaag om een zweefvlucht over een stuk braakliggend land te maken. Uiteindelijk verdween hij via de boomtoppen uit beeld …

Nieuwe zeilen voor de Wicher

Ik begin vandaag nogmaals met een foto van de tjasker aan de Hoogeweg bij Kalenberg. Mijn fotomaatje Jetske heeft daar – secuur als ze altijd werkt – nog wat mooie achtergrondinformatie bij gevonden: ‘Tjasker in de Weerribben weer in volle glorie …’

Zo’n 300 meter ten noorden van de tjasker staat de poldermolen ‘de Wicher’. Het is de enige spinnenkopmolen in Overijssel …

De originele spinnenkopmolen die hier stond, werd in 1943 afgebroken afgebroken. In 1980 ontstond het initiatief om de molen te herbouwen. Sinds de ingebruikname in1982 is de molen eigendom van Staatsbosbeheer die de molen thans in eigendom heeft. ‘De Wicher’ heeft tegenwoordig alleen nog een publieksfunctie en wordt draaiend gehouden door vrijwilligers. Vorig jaar kregen Jetske en ik een blik op het stoere houten interieur van de molen met deskundige uitleg van de molenaar…

Terwijl één van de vrijwilligers een groepje bezoekers rondleidde, raakten wij aan de praat met een tweede vrijwilliger, die aan het zagen was. Om ervoor te zorgen dat een molen kan draaien, beschikt de molenaar over het zogenaamde windrecht. Binnen een aantal kringen rond de molen mag de bebouwing en beplanting maar een bepaalde hoogte bereiken. Het staat hier mooi uitgelegd: ‘Windrecht en molenbiotoop’