Werken en kijken

Werk is vaak wel mooi en interessant om naar te kijken. Dat geldt op een mooie dag zeker voor het werk van de rietsnijders. Ook als ze niet steeds goed te zien zijn, zijn ze wel hard aan het werk …

Nadat ik de pc-problemen hier gisteravond laat helemaal heb kunnen oplossen, heb ik vandaag dan dat welverdiende dagje rust. Vandaag even geen reacties, morgen weer volle bak! 🙂

Weerzien in het rietland

Aan het eind van de ochtend kwamen Jetske en ik vrijdag bij het rietland aan. Voordat we echt tussen de rietsnijders waren, moesten we eerst nog naar de andere kant van een weiland lopen. Dat was op dat moment gelukkig geen probleem. Zonder enig protest van mijn onderdanen raakten we ter plaatse …

Het was meteen gezellig. Jetske komt uit een geslacht van rietsnijders, het was dan ook niet vreemd om ook Jetskes’ oudere zus daar aan te treffen. Uiteraard waren er ook familiebanden met de beide rietsnijders die er aan het werk waren. En dat was nog niet alles. Omdat het voorjaarsvakantie was, waren er ook twee junior-rietsnijders in het rietland aanwezig. Die beide mannen leken al zin te hebben in de lunch, maar eerst moest er nog even doorgewerkt worden …

Terwijl er wetenswaardigheden werden uitgewisseld, liep ik alvast even een stukje het rietland in. Er was duidelijk al hard gewerkt, het grootste deel van dit perceel was al gemaaid. Het gemaaide riet stond in bosjes bijeen gebonden in mooie schoven te drogen in de al warme zuidelijke wind …

Ik richtte mijn camera even op de brede sloot die langs het weiland liep. Hoewel het al twee dagen niet meer echt had gevroren, lag er nog steeds een laagje ijs op het water …

Op deze buitengewoon warme vrijdag in februari veranderde het laagje ijs in korte tijd in een dun golvend vliesje. Al snel had al het water zijn vloeibare vorm teruggekregen van moeder natuur …

Eksters, rietland en aalscholvers

We begonnen de dag gisteren met koffie en gebak bij Jetske. Een paar eksters meenden ook te zijn uitgenodigd en plunderden met elk een snavel vol meelwormen de voedertafel in de tuin …

Toen het lekkers op was, zijn we volgens plan naar De Weerribben gereden. Daar hebben we bij een onwerkelijk hoge temperatuur van 17°C een paar uur doorgebracht in het rietland bij een paar rietsnijders …

Terwijl we via landelijke wegen terugreden naar huis, kwamen we nog langs op een paar aalscholvers, die lekker in de zon op een dukdalf zaten en rustig voor ons bleven poseren …

Twee bankjes en een bootje

Een bankje aan de waterkant …

Twee bankjes aan de waterkant …

Zachtjes wordt de stilte verbroken door een passerend fluisterbootje met vier opvarenden …

Dan keert de rust terug en krijgen we door de tijdelijk optrekkende mist zicht op de Bovenwijde in de verte …

Toch nog wat kleur

Het viel vrijdag niet mee om in de mistige contreien van De Weerribben en De Wieden nog een andere kleur te vinden dan de alom overheersende tinten grijs en bruin. Maar tegen twee uur ’s middags lukte het toch nog …

Ergens aan de noordkant van het langgerekte Giethoorn maakten we een tussenstop om een paar foto’s te maken. Een rood met wit bord onder één van de vele bruggetjes in het toeristische dorp sprong er meteen uit. Veel kleuriger had ik het die dag nog niet gezien…

Mist en rust in het rietland

De meeste rietlanden in De Weerribben lagen er vrijdag stil en verlaten bij in de mist. Veel rietsnijders hopen en wachten waarschijnlijk ook op beter weer …

Aan de overkant van deze sloot stond een oude trekker bij een kleine windmotor. Het is geen uniek beeld, in de rietlanden staan op meerdere plaatsten oude trekkers die bij gebrek aan wind af en toe worden gebruikt voor de bemaling van het rietland. Ook een rietmaaier stond een stukje verderop te wachten op betere tijden …

Jetske en ik stapten in de auto en reden verder over het bruggetje in de Hoogeweg in de richting van Kalenberg. Het lintdorp Kalenberg is zo ongeveer het hart van de rietteelt in De Weerribben. Kalenberger riet is al sinds mensenheugenis een gewild bouwmateriaal voor het dekken van daken en windmolens …

Een tjasker in de mist

Ruim driehonderd meter ten zuiden van de spinnenkopmolen ‘de Wicher’ staat aan de Hoogeweg bij Kalenberg een tjasker. Het molentje is in 1963 gebouwd door molenbouwer Roelof Dijksma om het achtergelegen veen in het natuurgebied van water te voorzien …

De tjasker is in Fryslân en de Kop van Overijssel vroeger op meerdere plekken ingezet voor het bemalen van kleine percelen. Deze tjasker heeft houten roeden met een lengte van 5 meter en heeft de status van gemeentelijk monument. De tjasker en de spinnenkopmolen aan de Hoogeweg worden onderhouden door enkele vrijwilligers van Staatsbosbeheer De Weerribben …

In de loop der jaren raakten tjaskers steeds meer in onbruik en in verval. Ze werden vervangen door kleine, lichtere metalen windmotoren. In die buurt van deze tjasker staan ook twee van die kleine metalen molentjes. De ene is hierboven op een drietal foto’s te zien in combinatie met delen van het silhouet van de tjasker. De andere windmotor staat iets verderop aan de andere kant van de Hoogeweg, die is op de foto hieronder rechts van de tjasker is zien. Jetske is in haar blauwe jas nog vaag links van de tjasker te onderscheiden …