De tureluur

De laatste vogelsoort die ik op die mooie en warme laatste dag van maart voor de lens kreeg, was de tureluur. Hij is een stukje kleiner en minder opvallend dan de grutto en de kievit, maar daarom niet minder mooi. Behalve aan zijn lange, knaloranje poten en snavel kun je hem ook herkennen aan zijn vrolijke roep. Met hoge tonen lijkt ook de tureluur zijn eigen naam te roepen … tuduluuluuuu (of zoiets)

Verder geldt voor de tureluur eigenlijk hetzelfde als voor de grutto en de kievit. Onze weidevogels hebben het allemaal moeilijk, ze hebben heel hard boeren nodig die mee willen denken met de vogel, boeren die hun landerijen vogelvriendelijker inrichten. Het grondwaterpeil moet omhoog en er moet veel meer plas-dras komen. Ook voor deze foeragerende tureluur en zijn soortgenoten is ‘Aanvalsplan grutto’ daarom van belang …

De hectiek van het zwanenleven

Toen ik zwaan PP91 hier een paar dagen geleden introduceerde schreef ik al, dat we deze af en toe zo fier voorwaarts stappende zwaan nog terug zouden zien. Wel, vandaag is het zo ver …

Veel gelegenheid om zo fraai en rustig rond te stappen, kreeg PP91 niet. Al vanaf het moment dat de twee zwanen in de sloot landden, werd PP91 op de huid gezeten door de andere zwaan. Ik kreeg dan ook al snel het idee dat het levenspartners waren. Half vliegend, half rennend stoven ze verschillende keren over land en water achter elkaar aan. Tussendoor werd af en toe een korte pauze ingelast om op adem te komen …

Tot een amoureus samenzijn van de twee kwam het niet, daarvoor moest ik me na verloop van tijd op een ander koppel richten. Maar dat is voor overmorgen …

De kievit showt zijn kuif

Langs een van de sloten verscheen op zeker moment een kievit – een ljip in het Fries – die zijn kuif wel even wilde showen. De kievit is met zijn fraaie kuif van oudsher één van de meest kenmerkende vogels in het Friese weidelandschap. In mijn kinderjaren zat ik elk voorjaar rondom tussen de hun eigen naam roepende kieviten. Tegenwoordig moet je ze zoeken, en ook hun kenmerkende roep hoor ik nauwelijks meer …

Op het eerste oog is de kievit een wat saaie zwart/wit gekleurde vogel. Maar als hij even goed in het zonlicht gaat staan, dan zie je een mooie groen-paarse metallic glans over het verendek verschijnen …

In de lucht is de kievit ook een bijzondere verschijning. Met zijn brede vleugels maakt hij in het voorjaar wonderlijke en spectaculaire buitelingen. Daar had dit exemplaar blijkbaar even geen zin in. Maar terwijl de kievit bij de sloot vandaan scharrelde, landde er wel een volgende weidevogel in beeld, de tureluur …

Daar komt zwaan PP91 aan

De ene zwaan was nog maar net opgestegen, of een aantal anderen maakte zich al klaar om de landing in te zetten. Ze kwamen vanuit noordelijke richting en landden in een sloot ter hoogte van de zuivelfabriek …

Eén van deze zwanen droeg een gele halsband met het nummer PP91. De Zwanenwerkgroep van de vereniging Avifauna Groningen doet langjarig onderzoek naar de aantallen, verspreiding en trends in de populatie knobbelzwanen. Een aantal knobbelzwanen heeft in het kader van dat onderzoek behalve een gekleurde ring om een poot ook een gele halsband gekregen. Deze nummers zijn op afstand gemakkelijk af te lezen met een verrekijker …

Zo’n band lijkt nogal strak te zitten, maar dat valt volgens de onderzoekers van SOVON heel erg mee. Je kunt er meer over lezen op: https://www.sovon.nl/nl/actueel/nieuws/kleurringen-en-halsbanden-bij-knobbelzwanen en https://www.sovon.nl/nl/content/ganzen-met-plastic-halsbanden-waarom
Zwaan PP91 komt deze week nog vaker voorbij, want hij of zij had een drukke dag …

Enkele minuten later zag ik een klein stukje verderop in dezelfde sloot het volgende lieflijke tafereeltje …

Steun het ‘Aanvalsplan grutto’

Voordat ik volgende week verder ga met de huidige serie over de weidevogels wil ik jullie als liefhebbers van grutto’s, kieviten, tureluurs, etc. graag even op het volgende wijze. Zoals bekend gaat het ontzettend slecht met de gruttostand in ons land. Van alle Europese grutto’s broedt 80 procent in Nederland en daarvan broedt weer drie kwart in Fryslân.

Weidevogels nemen, ondanks zware inspanningen van boerenlandvogelboeren en vrijwilligers, nog altijd razendsnel in aantal af. Er worden al jarenlang te weinig grutto’s groot gebracht om de populatie op peil te houden. We verliezen ze, als de overheid geen regie neemt en veel nadrukkelijker kiest voor een toekomst mét weidevogels. Daarom zou ik jullie willen vragen om de petitie ‘Aanvalsplan grutto’ te ondertekenen …

Het Aanvalsplan Grutto in een notendop

  • Dertig gebieden van 1000 hectare waar boeren en natuurbeheerders zich maximaal inzetten voor weidevogels
  • Open weidegebieden met een hoog waterpeil en bloemrijk grasland waar laat in het jaar wordt gemaaid
  • Boeren krijgen een goed inkomen door onder andere langdurige overeenkomsten voor agrarisch natuurbeheer en extra geld voor de melk
  • Kosten voor de overheid 35 miljoen per jaar: voor maar 2 euro per Nederlander per jaar redden we de grutto!

Teken het ‘Aanvalsplan Grutto’

Deze oproep wordt gesteund door: Vogelbescherming Nederland, Landschappen Nederland, Natuur- en Mileufederaties, Natuurmonumenten, Natuur & Milieu, Staatsbosbeheer, Wereld Natuurfonds, Kening fan de Greide.

Plas-dras in beeld

Ik besloot de meerkoet niet langer te storen bij zijn bezigheden Het werd tijd om de camera eens op het plas-dras deel in de landerijen voor me te richten. Daar was ik tenslotte voor gekomen, want dat is uiteindelijk toch de bron van de vogelrijkdom hier …

De plassen werden vooral bevolkt door grutto’s, maar er zat hier en daar ook een kievit en er dobberden wat eenden rond. Van de kemphanen die hier voorgaande jaren in groten getale zaten viel geen spoor te bekennen …

Plotseling kwam er een zwaan half rennend en half vliegend door het beeld zeilen. Volgens mij keek ik er meer van op dan de omringende vogels, want die bleven doodgemoedereerd zitten waar ze zaten …

Meerkoet met ’n moeilijk maaltje

Nadat de zwanen uit de sloot waren verdwenen, kwam er vanuit het iele rietkraagje langs de sloot een meerkoet tevoorschijn …

Onderweg leek hij een lekker hapje te scoren. Dat was het misschien ook wel, maar het was zeker geen snelle hap. Hoe hij er ook aan leek te trekken en te rukken, hij kon er geen kant mee op …

Er restte hem weinig anders dan maar een stukje verderop te gaan en het daar nogmaals te proberen …