Winterjuffers en een ringslang

Onze camera’s draaiden nog bepaald geen overuren daar aan de Catspoele. We keken o.a. uit naar levendbarende hagedissen, kikkers en ringslangen. Hoewel het intussen alweer lekker warm begon te worden in de luwte, ontbrak het nog aan zonnebaders op de droge pollen rond de vlonder …

Omdat de vlonder ook wel ‘de libellenvlonder’ wordt genoemd, keek ik ook alvast uit of er al waterjuffers of libellen te zien waren. Dat viel niet tegen, vóór de vlonder hingen enkele juffers aan boven het water uitstekende rietstengels. Volgens Obsidentify gaat het om bruine winterjuffers. Daar ben ik weer blij mee, want die ontbraken nog in mijn archief …

Toch nog onverwachts zag ik een ringslang rechts voor de vlonder verschijnen. Met een gedempt, maar duidelijk hoorbaar ‘Ringslang … ringslang …,’ , waarschuwde ik Jetske en de andere fotografen. Hij zwom prachtig van oost naar west voor de vlonder langs. Zo kregen we alle vier de kans om een paar foto’s te maken …

Zodra de slang aan de linkerkant tussen het struweel verdween, keerde de rust terug. Tijd om snel even de gemaakt foto’s te checken …

– wordt vervolgd

Aan de rol met Jetske en Whilly

Vrijdag stond er weer een fotokuier met fotomaatje Jetske op het programma. Omdat ik al dagenlang slechte benen had, stelde ik voor om Whilly maar eens mee te nemen de natuur in. Het mooie droge weer maakte het mogelijk om meteen maar voor een pittig parkoers te kiezen. Op het parkeerterreintje tussen het Diakonievene en de Dellebuursterheide (OpenStreetMap), zette ik onder toeziend oog van Jetske Whilly in elkaar …

Terwijl Jetske vlot voorwaarts stapte, kreeg Whilly het meteen flink voor zijn kiezen. Om van het half verharde parkeerplaatsje af te komen, moesten we eerst over een stuk met gebroken puin, dat nog niet was gewalst of vastgereden. Maar goed, Whilly en ik bereikten samen de weg, die we meteen recht overstaken. Daar wachtte de volgende uitdaging. Het zandpad was door het droge en warme weer hier en daar bedekt met een laag stuifzand. Het viel Whilly zwaar om daar doorheen te ploegen. Nu eens naar links en dan weer naar rechts uitwijkend, zocht ik mijn weg over de hardste delen van het pad …

Na enige tijd bereikten we het eerste doel van ons ‘kuierritje’: de Catspoele in de Dellebuursterheide. Daar kon Whilly het even kalm aan doen. Rustig over het vlonderpad naar het uitkijkpunt rijden, lag hem duidelijk beter dan grind en los zand. Het was stil op de vlonder, behalve Jetske en mij was er nog een fotografe aanwezig …

Ook op en in het water was het stil. Een dodaars dook regelmatig even op of onder, en aan de overkant dobberden een paar eenden op het water. Dat was het wel zo ongeveer …

We zaten er genoeglijk. Wachtend op de dingen die hopelijk zouden komen, keken we uit over het water. Af en toe werd er een praatje gemaakt met passerende wandelaars/fotografen …

– wordt vervolgd

Tussen Skrok en Skrins

Na verloop van tijd hadden we het eerst wel bekeken in de vogelkijkhut bij Skrok (OpenStreepMap). Het was voor ons allebei een aangename kennismaking geweest. Best kans dat we hier nog eens terugkomen ….

Bij het verlaten van de hut stonden we meteen recht tegenover een mooie wandelpad, het Swynzerpaad, dat door de weilanden in de richting van Easterein (OpenStreetMap) loopt. In de verte is de kerktoren van dat dorp te zien. Naast het pad is mooi te zien hoe hoog het water hier in de sloten staat. Dat zorgt een stukje verderop al voor wat plasdrasland, waar veel weidevogels van houden …

Nadat we hier voldoende foto’s hadden gemaakt, zijn we in de auto gestapt om verder wat rond te kijken in het weidelandschap Skrok en Skrins. Uiteindelijk kwamen we bij de vogelkijkhut ‘Skrins’ (OpenStreetMap). Ter plekke herkende Jetske de hut als de plaats waar ze vorig jaar ook eens was geweest. Deze vogelkijkhut is voor mij wat minder handig te bereiken dan die bij Skrok …

Bij Skrok konden we de auto bij wijze van spreken voor de deur parkeren. Hier moesten we eerst een flinke kuier van bijna 200 m maken om bij de hut te komen. Morgen neem ik jullie mee naar binnen …

Knobbelzwanen bij Skrok

Nadat ik gisteren de blik vooral maar het westen had gericht, kijken we hieronder uit over de plas Swyns en het uitgestrekte weidelandschap aan de noordkant van de vogelkijkhut Skrok (OpenStreepMap) …

Daar dreven verschillende groepjes knobbelzwanen op het water. Verder stapten ook hier in de verte o.a. nog wat kluten en grutto’s rond …

Terwijl ik naar de zwanen zat te kijken, klonk plotseling het zoevende geluid van een wolkje passerende vogels. Ik kon de camera nog net op het groepje richten om er een paar foto’s te maken. Jetske en ik waren het er niet over eens wat het waren. Thuis bracht Obsidentify uitkomst: het was een vlucht smienten

Ik had mijn blik net weer op de zwanen gericht, toen een deel van de grote vogels het luchtruim koos. Om ze te kunnen volgen, moest ik even naar een kijkopening aan de andere kant van de hut. Ze waren net los van het water, toen ik ze weer op kon pikken. Korte tijd later zag ik ze verdwijnen boven de bebouwing van Wommels. Het zwiepende geluid bleef nog lang klinken, omdat ze in een ruime boog achter de hut langs vlogen …

Jongens blijven jongens

Ik kom tot een afronding van ons dagje in het riet bij rietsnijder Klaas Jan en zijn oom Errie. Maar eerst kijken we nog even bij de jonge rietsnijders, die we al eerder aan het werk zagen. Zij waren nog bezig met het verbanden van de laatste ruigte …

Rhena vond het allemaal prima, die lag nog steeds lekker op haar eigen hoopje ruigte in de zon. Natuurlijk moest het vuurtje nog even worden opgepookt, voordat het zou doven. En dan blijven jongens tussen het harde werk door natuurlijk gewoon jongens. Nog even flink poken, even erin springen, het kan allemaal en het moet ook allemaal even gedaan worden natuurlijk …

En dan is het uiteindelijk een kwestie van nog even geduldig erbij blijven, want het vuurtje moet wel goed gedoofd worden. Ook dat hoort erbij als hij net zo’n bevlogen rietsnijder als je vader wilt worden …

Met dank aan rietsnijder Klaas Jan voor de gastvrijheid op de grens van de Weerribben en de Wieden!

Vakmanschap in het riet

Zodra de rietmaaier zijn rondjes weer op het droge maakte, was Klaas Jan teruggelopen naar zijn werkplek, waar hij weer aan de slag ging met een groot bos riet …

Jetske zat op enige afstand op een bergje ruigte naar het werk van haar neef te kijken. Vermoedelijk gingen haar gedachten terug naar haar kinderjaren, toen ze als meisje vaak zo naar haar vader had zitten kijken …

Klaas Jan was bezig om de onderkant van het grote bos riet vlak te maken. En dat deed hij duidelijk met zorg en aandacht. Hij was pas tevreden, toen hij ook de laatste twee sprieten riet met zijn snit had doorgesneden. Vakmanschap verloochent zich niet …

Het was een mooie dag geweest in het rietland waar de rietsnijders actief waren. Als Jetske een Jetse was geweest, was hij zeker rietsnijder geworden …

De wal en de sloot

Terwijl Klaas Jan bezig was met het tot grote bossen binden van het gemaaide riet, werd hij gebeld door zijn oom Errie, die we eerder al bezig zagen met het maaien van het laatste deel van dit perceel met de grote rietmaaier …

Terwijl rietsnijder Errie geconcentreerd bezig was, zakte de zware rietmaaier plotseling aan de linkerkant weg. De sloot die rond het stuk land loopt, maakte eerder een bocht naar rechts dan de rietsnijder had verwacht. Omdat het hem niet lukte om de zware machine weer in het juiste spoor te krijgen, had hij Klaas Jan erbij geroepen. Die had de maaier al snel weer uit de sloot. Daarna kon oom Errie probleemloos zijn rondjes draaien om ook het laatste riet hier te maaien …

Klaas Jan liep terug naar zijn werkplek. Daar liet hij nog even mooi staaltje vakmanschap zien, maar dat is voor morgen …