Het voorjaar in de bol

Nadat de beide grauwe ganzen uit het blogje van gisteren zich hadden omgedraaid, zag ik ze uit zicht verdwijnen. Ik liep naar de andere kant van de vogelkijkhut en opende daar een kijkluikje. Daar kon ik ze in open water weer oppikken. Zo te zien kwam ik niks te vroeg …

Het was duidelijk dat ze het voorjaar in de bol hadden. Hoewel … hij toch wel wat meer dan zij, zo leek het. Dat zal dan wel aan zijn rek- en strekoefeningen kort daarvoor gelegen hebben …

Nog tijdens het voorspel hief heer gans plotseling zijn kop op. En wéér kreeg ik die blik toegeworpen. Dat was voldoende om het luikje schuldbewust zachtjes te sluiten en mijn heil elders te zoeken …

Ik heb de hut stilletjes verlaten door achterdeur …

Rekken en strekken

Op een ochtend dobberden er in de luwte van de vogelkijkhut in de Jan Durkspolder een paar grauwe ganzen. Op een bepaald moment verhief één van de twee – het zal het mannetje wel geweest zijn – zich met gespreide vleugels uit het water …

Hij sloeg enkele malen met zijn vleugels en liet zich daarna weer terugzakken in het water. Hij wierp een snelle blik op het vrouwtje dat nog steeds achter hem dobberde. Ze volgde gedwee, toen hij koers zette naar het open water …

Halverwege draaiden ze zich nog even naar me om. Hij keek me vervolgens met een hooghartige blik aan, alsof hij wilde zeggen: ‘Zo, ik ben klaar voor de dag. Wij gaan vandaag de voorjaarsbloemetjes eens lekker buiten zetten. En dat doen we zonder jou en je camera …’

Ganzen in tegenlicht

Nadat Jetskes’ schoenen weer schoon genoeg waren om ermee verder te kunnen reizen, reden we een klein stukje verder. Daar namen we een kijkje aan de andere kant van de weg, waar we zicht hadden op de noordelijke plas van de Jan Durkspolder. Terwijl ik naar het hek liep, ging Jetske net terug om haar andere camera te halen …

Ik houd vooral ’s winters van dit plekje, al was het maar vanwege het dan vaak mooie grijsblauwe beeld van de silhouetten van de twee windmotoren verderop in de polder. Steunend op het hek, hebben we een tijdlang genoten van de drukte op het wateroppervlak. Toen de wind even wegviel, leek het bijna voorjaar …

Een plas vol smienten

Na een ritje door de omgeving heb ik gisteren aan het eind van de ochtend een fotokuiertje gemaakt over het onverharde deel van de Geau in de Jan Durkspolder. Toen dat niks opleverde, heb ik me maar even teruggetrokken in de grote vogelkijkhut om mijn boterhammen op te eten …

De plas rond de grote vogelkijkhut in de Jan Durkspolder lag net als voorgaande jaren weer vol smienten. Ze maakten weer goed duidelijk waarom ze ook wel fluiteenden worden genoemd. Het gefluit was bijna geen moment van de lucht met zoveel smienten bij elkaar …

Ze lieten zich vanuit de zuidwestelijke kant van de plas voortdurend met de wind meedrijven in noordoostelijke. Zodra ze in de buurt van de vogelkijkhut kwamen, vlogen ze vaak in koppeltjes of in kleine groepjes terug naar het zuidwesten, waar ze zich weer tussen de rest nestelden. Door hun drang om vroegtijdig terug te vliegen kon ik ze niet dichterbij krijgen dan op de laatste foto van vandaag …

’t Stille vuurwerk van 2024

Kijkend naar alle ontwikkelingen in binnen- en buitenland vond ik 2024 een naar deprimerend jaar. En het weer maakte het er vaak ook niet beter op. Maar er waren ook lichtpuntjes. Wat zeg ik, er waren zeeën van licht in de lucht. De zonnecyclus bereikte dit jaar zijn maximum, en dat was goed te merken aan de vele keren dat er vanuit ons land poollicht zichtbaar was …

Dat begon al op vrijdag 10 mei. Nadat ik de hele dag met fotomaatje Jetske op pad was geweest langs het Wad, troffen we bij thuiskomst een alarmmelding aan van de poollichtjagers. Een dag vroeger dan verwacht, werd er die avond op grote schaal poollicht verwacht. Hoewel ik doodmoe was na het dagje aan het Wad, heb ik mezelf aan het eind van de avond toch maar even naar de auto gesleept om een ritje naar De Veenhoop te maken. Daar heb ik o.a. de eerste foto en de onderstaande serie gemaakt …

Zondag 23 juni zag ik vanuit huis aan het eind van de avond lichtende nachtwolken aan de noordelijke hemel verschijnen. Ik heb het die avond beperkt tot een aantal foto’s, die ik in onze straat heb gemaakt …

Drie dagen later, we schrijven dan 26 juni, was het in onze tuin met 29,1°C net niet tropisch warm. Overdag was het me te warm, maar ’s avonds was het lekker weer. Daarom heb ik die avond een ritje naar de Jan Durkspolder gemaakt. Ik hoopte er lichtende nachtwolken of poollicht achter het silhouet van de windmotor te kunnen fotograferen. Ik nestelde me lekker mijn klapstoeltje in de polder. Het was er mooi, maar poollicht of lichtende nachtwolken kreeg ik die avond niet te zien …

Op maandag 12 augustus was ’t met een maximumtemperatuur 28,9°C opnieuw warm. Omdat er die avond wel kans op poollicht was, heb ik het me nogmaals gemakkelijk gemaakt bij de windmotor in de Jan Durkspolder. Ook ditmaal heb ik er weer heerlijk gezeten, maar het duurde lang voordat er wat gebeurde. Toen er uiteindelijk een mooie paarse goed verscheen, ging bij mij het lichtje uit en was het tijd om op huis aan te gaan …

Op donderdag 10 oktober was er opnieuw kans op poollicht. Ditmaal besloot ik naar It Eilân te rijden om weer eens een andere setting te hebben. Het was een waardeloze avond met veel bewolking en het was kil. Nadat ik een tijdlang aan de waterkant had staan posten, verscheen er toch nog een gaatje in de bewolking en kreeg ik een laatste kans op wat poollichtfoto’s in 2024 …

Hiermee kon ik 2024 toch nog enigszins kleurig afsluiten. En wie weet, misschien krijgen we in de oudjaarsnacht tussen de wolken en het vuurwerk door ook nog wat poollicht te zien. Behalve harde wind wordt er namelijk komende nacht ook een flinke zonnestorm verwacht!

Tot slot

Dank aan alle lezers, likers en reageerders. Zonder jullie bijdragen zou het hier een saaie boel zijn. Mede namens Aafje wens ik jullie allen een rustige & veilige jaarwisseling en een gelukkig & gezond 2025.

’t Laatste ritje van 2024

Tenzij het morgen mooi weer is, heb ik vanmorgen waarschijnlijk het laatste ritje van het jaar gemaakt. Het werd een ritje naar de Jan Durkspolder waar het kil en winderig was. Vanuit de vogelkijkhut waren alleen op grote afstand wat groepjes ganzen en eenden te zien. Daar was ik dan ook al snel weer weg …

Toen ik terug reed in de richting van Oudega, stond er in het weiland waar ik regelmatig een sprong reeën heb gefotografeerd, een grote zilverreiger. Nadat ik het autoraampje had laten zakken, leek hij net een lekker hapje weg te slikken …

Daarna vond hij het ook meteen welletjes, hij dook even ineen om af te zetten en spreidde daarna zijn grote witte vleugels om naar elders te vertrekken. Ik besloot nog even langs de Leijen te rijden, ook daar viel echter weinig te beleven. Maar met die smetteloos witte zilverreiger op de laatste in 2024 gemaakte foto kan ik best leven …

Morgen sluit ik het jaar hier op kleurrijke wijze af.

Buien boven de polder

Bijna terug bij de auto heb ik nog even een kort rustmomentje gepakt op de grote rood met witte paddenstoel, die scheef tegenover de boerderij ‘Heydhuysen’ staat. Ik zat te twijfelen of ik nog even door zou rijden naar Bakkeveen of dat ik huiswaarts zou gaan. Ik besloot het laatste te kiezen, want mijn benen zaten aan hun taks na twee fotokuiers …

Nog maar net onderweg stelde ik mijn plan bij. Zodra ik buiten het bos meer zicht kreeg op de lucht en de horizon, zag ik dat de lucht betrokken was geraakt en dat er vanuit het noorden donkere wolken opdoemden. Daarom besloot ik de openheid van het polderland bij Oudega en Earnewâld nog maar even op te zoeken. Enige tijd later stond ik in de Jan Durkspolder …

Terwijl ik me bezighield met het jongvee op de voorgrond en de ontwikkelingen in de lucht op de achtergrond, slikte ik mijn medicijnen, dronk ik wat water en nuttigde ik een stuk koek …

Na ongeveer een kwartier gingen plotseling de hemelsluizen open en verdween het jongvee in een gordijn van water. Zodra het enkele minuten later weer droog was, startte ik de auto om een stukje in de richting van Earnewâld te rijden …

– wordt vervolgd