Een overdekte wildernis

Nadat Jetske zich weer bij me had gevoegd ter hoogte van de leiperenallee, vervolgden we onze weg weer samen. Al snel ontdekten we een stukje verderop langs het pad de onderstaande deur. Eens even door de ontbrekende ruitjes kijken wat daar achter verborgen zat. Even voelen aan de deur volstond om te merken, dat die niet was afgesloten …

Zodra we de deur hadden geopend, stapten we een wonderlijke overdekte wildernis binnen. Al wat ik had verwacht, dit toch niet. Geruime tijd dwaalden we van de ene kas naar de andere …

– wordt vervolgd

Een verrassende fotokuier

Mijn fotomaatje Jetske heeft zowel mij als zichzelf gisteren weer weten te verrassen met een fotokuier op een heel bijzonder plekje …

We traden een onverwachte wereld binnen waar we ons geruime tijd hebben vermaakt. Ik heb daarbij voor het eerst gewandeld en gefotografeerd met een paar van de fysiotherapie geleende trekkingstokken. Het was even wennen, maar de eerste ervaring was positief, want zowel rug als benen lijken het er net wat langer bij uit te kunnen houden. Wordt vervolgd …

Waar we waren …? Dat vertel ik in de loop van volgende week nog wel. Eerst een prettig weekend gewenst!

Uitwaaien bij de Leijen

Nadat we uitgebreid hadden zitten bijpraten, besloten fotomaatje Jetske en ik gistermiddag toch nog maar even naar buiten te gaan. Omdat Jetske zin had om even ergens aan de waterkant uit te waaien, reden we even naar de Leijen. …

Omdat een kuier door drassig rietland er voorlopig nog niet in zit, kozen we deze keer niet voor de vogelkijkhut bij Doktersheide. In plaats daarvan reden we even naar het Paviljoen en het strandje bij Rottevalle …

Daar troffen we gelukkig net een droog halfuurtje, waarin we echt even konden uitwaaien. Daarna moesten we ons toch nog even haasten om droog bij de auto te komen …

Op de begraafplaats – epiloog

Voor wie na het logje van gisteren denkt, dat het alleen maar kommer en kwel is op de kleine begraafplaats op de terp bij Nes, zo erg is het nu ook weer niet …

Er liggen ook nog genoeg mooie, goed onderhouden graven van ruim 100 jaar oud, zoals o.a. het onderstaande rijtje van de dynastie van de Bottema’s uit Aldeboarn …

Ik was intussen terug gescharreld naar de ingang van de begraafplaats. Daar staat een bankje dat uitzicht biedt over de begraafplaats. Ik was blij dat ik weer even kon zitten. De toch niet zo erg hoge terp, had me meer kracht gekost, dan ik vooraf had ingeschat. Vanaf het bankje ging mijn blik automatisch naar de grote steen, die onder een glazen plaat naast het pad ligt…

Het blijkt te gaan om de laatste brokstukken van de grafsteen van Reyner van der Elburg, die het klooster dat hier tot het begin van de 17e eeuw heeft gestaan, bestuurde van 1526 tot 1546. Gelukkig staat er een bordje met tekst en uitleg naast de brok steen, want de glasplaat boven de steen is zo vies en vuil, dat er van de steen niets te zien is. Ik zou de beheerder van de begraafplaats daarom willen adviseren om het goede voorbeeld m.b.t onderhoud te geven door die glasplaat regelmatig even schoon te maken …

Terwijl Jetske nog wat rond scharrelde tussen de grafstenen, bleef ik op het bankje zitten om kracht te verzamelen voor de kuier naar de auto. En dat was nodig ook, zou later blijken. Nadat Jetske korte tijd later bij me was komen zitten, hebben we nog wat zitten praten over de begraafplaats. Maar uiteindelijk kwam toch het moment om terug te lopen naar de auto. De eerste 50 m tot voorbij het hek ging dat nog wel, maar daarna was het plotseling helemaal op. Ineens had ik aan mijn stok niet meer genoeg en had ik de steun van mijn fotomaatje aan de linkerzijde even hard nodig. Gelukkig stond de auto niet ver weg. Nogmaals dankjewel voor je steun weer, Jetske …

Intussen gaat het alweer een stuk beter, ik ben deze week zelfs al even aan de wandel geweest in de Deelen. Weliswaar maar een klein stukje, maar dat ging prima. Prettig weekend!

Een visarend en twee roeken

De zon scheen nog flauwtjes, toen Jetske en ik op de laatste vrijdag van augustus in de auto stapten om even een ritje te maken. Omdat er regen in de lucht hing, besloten we er een vogelkijkhut-dagje van te maken. De eerste stop was bij de vogelkijkhut bij de Leijen …

Terwijl we onze blik over het meertje lieten glijden, viel ons in eerste instantie niets bijzonders op. De enige andere fotograaf die in de hut zat, wees ons echter op het rechterdeel van de laatste restanten van het eilandje. Daar zat een visarend in de boom …

Tijd om even in te zoomen, want de visarend ontbrak tot dat moment nog in mijn foto-archief. Voor onze komst zat er nog een tweede visarend in de boom, maar die was net weggevlogen, vertelde de andere fotograaf. ‘Opgestaan plaatsje vergaan’, zo leek het, want nu verschenen er twee roeken of kraaien in de boom …

Door hinderlijk heen en weer te vliegen en te wisselen van tak, leken de zwarte vogels met hun pesterige gedrag een reactie van de visarend uit te lokken …

De enige reactie die daarop kwam, was dat de visarend een paar maal zijn vleugels uitsloeg. Dat gaf even een mooi beeld van het formaat van de visarend. Wat een vleugels heeft die vogel, hij is duidelijk groter en slanker dan de gemiddelde buizerd …

Omdat deze status quo voorlopig in stand leek te blijven, en er verder weinig te beleven was op de Leijen, besloten wij eens elders te kijken.

Vaartocht de Wieden op video

Vandaag het slot van een 9-delige serie over de vaartocht, die ik eind juni met mijn fotomaatje mocht maken in natuurgebied de Wieden. Wat er te vertellen viel, heb ik de afgelopen dagen al verteld. Vandaag laat ik het bij de bewegende beelden die ik tijdens de tocht heb gemaakt …

Voedertijd bij de zwarte sterns

Nadat we tweemaal een stuw met zelfbediening waren gepasseerd, kwamen we vanaf de Vaartsloot uiteindelijk uit op de Kleine Beulakerwijde (Google Maps). “Heb je zin om even bij de zwarte sterns te kijken?” vroeg Jetske. Of ik zin had om even bij de zwarte sterns te kijken …? De vraag stellen was hem beantwoorden …

Jetske zette over open water koers in de richting van Sint Jansklooster. Daar gingen we met behulp van de vaarboom en een lijntje voor anker. Ik herkende het plekje aan het kijkplatform bij het bezoekerscentrum van Natuurmonumenten, dat net boven het riet in de verte te zien was (Google Maps). Vanaf dat platform heeft Jetske me in april 2009 kennis laten maken met de zwarte stern. Door de groei van de vegetatie zou er nu vanaf het kijkplatform weinig meer te zien zijn van de zwarte sterns, maar Jetske had me naar een prachtig plekje gebracht van waar we een perfect zicht hadden op de nestvlotjes met jongen …

De zwarte stern staat op de Rode Lijst van bedreigde diersoorten. Van nature broeden zwarte sterns op drijvende planten zoals krabbenscheer. Vanwege de afname van natuurlijke nestmateriaal worden er hier elk voorjaar nestvlotjes voor de zwarte sterns in het water gelegd. Die broedvlotjes worden bekleed met krabbenscheerplanten en worden beschermd door een net, dat voor de kleine inham in het water is gespannen. Het net en de palen worden regelmatig gebruikt als rustplaats. De kolonie bij Sint Jansklooster is één van de grootste populaties van zwarte sterns in ons land …

Het was een feest om te zien hoe de al grote jongen werden gevoerd door de ouders. Maar aan alle feestjes komt een eind. Het werd tijd om de terugreis langzamerhand te aanvaarden. Langs de rietkraag van een van eilandjes in het meer varend, passeerden we in rustig tempo een zwanenfamilie met zeven meer of minder grijze jongen …