Ecokathedrale fotokuiers (1)

Vandaag begin ik met wat nieuws. Zoals ik zes jaar geleden op de zondagen een 17-delige serie over “De lange witte winter” presenteerde, zo begin ik vandaag met een serie over mijn vele bezoeken aan de Ecokathedraal bij Mildam.

De vaste volgers weten dat ik een groot liefhebber ben van die Ecokathedraal bij Mildam. Na mijn rondgang door de besneeuwde Ecokathedraal van 24 januari jl. heb ik eens bekeken hoe vaak ik er de afgelopen jaren ben geweest. Daarbij ben ik tot de slotsom gekomen, dat ik er sinds november 2002 op de kop af 25 gedocumenteerde fotokuiers heb gemaakt. Tussendoor ben ik er nog een keer of wat geweest, maar dan kwam ik na enkele stappen vaak al tot de ontdekking dat mijn benen onvoldoende kracht hadden om er een veilige kuier te kunnen maken. Die onzekerheid brengt MS nu eenmaal altijd tot op het laatste moment met zich mee …

Hoe dan ook, van die 25 gedocumenteerde fotokuiers heb ik in de afgelopen periode evenzoveel diaseries met een achtergrondmuziekje samengesteld. In de serie is te zien hoe bepaalde bouwwerken in de loop der tijd worden opgenomen door de natuur en hoe nieuwe bouwwerken stukje bij beetje verrijzen. Ook is mooi te zien hoe de sfeer in de Ecokathedraal mede wordt bepaald door de gang der seizoenen.

Kortom: de komende weken kunt u hier iedere zondag een “Ecokathedrale fotokuier” zien. Vandaag deel 1, waarin te zien is hoe ik na afloop van deze eerste wandeling tussen de indrukwekkende bouwwerken een gezellige nazit heb met een mooie, muisgrijze kat …

– Volgende week zondag deel 2 –

Op pad met Tijmen – deel 2

Terwijl we genoeglijk op het bankje bij de dobbe zaten te babbelen en te genieten van de meegebrachte versnaperingen, schroefde ik het ministatiefje onder mijn camera. Nieuwsgierig als altijd hield Tijmen goed in de gaten waar ik mee bezig was.
“Waarom doe je dat, pake?” vroeg Tijmen, toen ik de camera op het statiefje voor ons in het gras zette.
“Zal ik ons eens samen op de foto zetten?” antwoordde ik, terwijl ik weer naast Tijmen op het bankje ging zitten.
“Dat kan toch niet …,” klonk het enigszins vertwijfeld.
“Oh nee … nou, let maar eens goed op …,” zei ik, terwijl ik de afstandsbediening van de camera tevoorschijn haalde.
Piep piep piep … klik … klonk het vanuit het gras.
“Oh heb je de afstandsbediening van te tv meegenomen …?” zei Tijmen lachend.

Het uitzicht was mooi, de koekjes waren lekker en we zaten gezellig te babbelen, maar daar waren we niet voor gekomen. Er moest gefotografeerd worden, en dus begaven we ons door het lange gras, nadat ik met Tijmen had afgesproken dat hij niet te dicht bij het water zou komen …

Al snel zag ik een geaderd witje zitten. Voorzichtig kwam ik wat dichterbij om het beestje te fotograferen …

“Wat zet je op de foto. pake?”
“Kom maar eens heel voorzichtig wat dichterbij,”
zei ik, “daar zit een vlinder.”
Jammer genoeg vloog de vlinder net op, toen Tijmen afdrukte, maar hij staat er mooi wel op …

Omdat er verder weinig leven te bespeuren viel, bedacht ik een onderwerp om te fotograferen.
“Als jij nu hier blijft staan, dan loop ik daar naar toe,” zei ik tegen Tijmen, “dan kunnen we elkaar mooi op de foto zetten …”

“Ik zie twee pake’s,” kraaide Tijmen even later van plezier …

Ik zag op mijn beurt twee Tijmen’s.
Toen we aan het eind van de middag de foto’s bekeken, ontdekten we dat er precies ter hoogte van de weerspiegeling van Tijmen’s gezicht bellen op het wateroppervlak te zien waren. “Daar zat vast een kikker bellen te blazen,” was Tijmen’s reactie …

Nadat we zo nog een tijdje hadden rondgestruind, nam ik de lucht even in ogenschouw. Op dat moment zette Tijmen mij nog even en profil op de foto, terwijl hij zelf stoer tegen de zwerfkei leunde, die naast het bankje ligt. Zulke mooie foto’s zijn er lang niet van me gemaakt. Goed werk, Tijmen!

Daarna was het toch echt tijd om opnieuw vrolijk keuvelend terug te gaan naar de auto. Daar aangekomen was het nog steeds droog, en dus besloot ik, nadat ik Tijmen had vastgegespt, nog even naar de picknicktafel een paar honderd meter verderop te rijden. Daar kon ik Tijmen verrassen met een hartige hap die goed in de smaak viel …

De worstjes waren nog maar net op, toen we ons moesten haasten om droog in de auto te komen. Tijmen maakte onderweg vanaf zijn zetel achterin nog een foto van de plensbui waar we enkele momenten later doorheen reden …

Eenmaal weer thuis vertelde Tijmen in geuren en kleuren aan beppe waar we waren geweest en wat we hadden gedaan. We hebben afgesproken dat we bij een volgende logeerpartij zeker weer samen op pad zullen gaan. En zo lang mijn benen me willen dragen zullen er vast nog vele gezamenlijke fotokuiertjes volgen, want we vonden het allebei erg gezellig.

Op pad met Tijmen – deel 1

In het voorjaar stelde Tijmen voor om een keer samen te gaan fotograferen als hij weer eens bij pake en beppe logeerde, hij zou dan zijn eigen camera meenemen. Gisteren was het zo ver en dus togen we, nadat ik de buienradar had bestudeerd, tussen de buien door samen naar het Weinterper Skar …

Vrolijk babbelend liep Tijmen voor me uit op het pad naar de dobbe. We waren nog maar nauwelijks onderweg of het eerste onderwerp diende zich al aan.
“Kijk pake, een beestje …”
“Wat voor beestje is dat dan?” vroeg ik.
Voorzichtig benaderde hij het beestje … “Oh, het is een kikkertje … hij lijkt wel van hout … Maar dat is wel handig, want als er dan een leeuw komt, dan denkt die ‘Dat lust ik niet …'”

Enkele meters verderop zette Tijmen zijn eerste paddestoel op de foto …

Ook een eerste eikeltje ontkwam niet aan Tijmen’s camera …

“Oh … wat is dat, pake? Het lijkt wel een standbeeldboom …,” zei Tijmen terwijl hij naar een boom wees, die in december 2009 gedeeltelijk is bezweken onder de zware last van een halve meter sneeuw …

Natuurlijk maakte Tijmen een foto van die standbeeldboom …

Korte tijd later kwamen we bij het bankje bij de dobbe aan.
“Wat een mooi meertje,” luidde Tijmen’s commentaar, “dat wil ik wel even op de foto zetten …”

Nadat die foto was gemaakt, was het tijd om samen even lekker op het bankje te zitten met een pakje drinken en een paar koekjes. Terwijl Tijmen de resultaten van zijn eerste foto’s bekeek, vertelde hij bij het bekijken van de foto van de paddestoel: “Toen ik nog klein was zocht ik in het bos vaak kaboutertjes …” Op mijn vraag of hij ze ook had gevonden, reageerde hij met: “Neeee, dat kan toch niet pake, want kabouters bestaan helemaal niet …”

Wordt vervolgd.