Meer orchissen in ’t Skar

Via het zandpad dat in 2016 de Skeane Heawei heeft vervangen, maken we ons op om het Weinterper Skar aan de oostkant te verlaten …

Hoewel we eigenlijk aan het eind van het pad af moesten slaan naar het noorden, stelde ik voor om eerst nog even een kleine stukje naar het zuiden te gaan over het fietspad langs de Opperhaudmare (N381). Daar verwachtte ik – veilig achter een sloot èn een hek – nog meer orchissen aan te treffen, en dat bleek ook zo te zijn …

Nadat we ons hadden gelaafd aan de bloemenpracht in het Weinterper Skar, vatten we de terugweg aan. Onderweg heb ik nog even een foto gemaakt van het Alddjip of Koningsdiep in westelijke richting …

Aan de zuidkant van ’t Skar

Nog even een blik over een stukje van It Alddip in oostelijke richting vanaf het bruggetje in de Poostweg (kaart OpenStreetMap). Er wordt al enige jaren gewerkt aan het herstel van het beekdal, zodat It Alddjip weer weer kan meanderen. Dit deel is intussen klaar …

Een kleine drie kilometer verderop passeerden we aan de zuidkant van het Weinterper Skar een mooie ruwe picknicktafel langs het fietspad (kaart OpenStretMap). Met half schaduw leek dat ons een mooi plekje om even een hapje te eten en wat te drinken …

Het Weinterper Skar is een klein Natura 2000-gebied ten zuidoosten van Drachten. Het gebied is alleen toegankelijk op een paar paden. Een klein stukje achter de picknicktafel staat een groot hekwerk. Het is een gesloten doorgang in de omheining rond de woeste grond in het niet zuidelijk deel van het Weinterper Skar …

Nadat we wat hadden gegeten en gedronken, stapten we weer op om verder te gaan. We zaten hier hemelsbreed op ongeveer 8,5 km van huis, het verste punt van ons tochtje …

Ik stelde voor om bij het zandpad dwars door it Skar naar het noorden af te slaan. Bij een doorgang tussen de struiken links van het pad kon ik het niet laten om even snel een paar foto’s te kunnen maken van het meest zuidelijke ven in het gebied …

Niet veel later passeerden we links en rechts de twee middelste vennetjes …

Een hoogtepuntje

Voor de derde maal in korte tijd kwam ik tijdens het ritje met Jetske langs de uitkijktoren ‘de Skarrekiker’ aan het Himrikerpaed (Google Maps). We maakten er ieder ons eigen hoogtepuntje van …

Voor Jetske werd het letterlijk een hoogtepuntje. Nadat ze de constructie van het bouwwerk goed had bekeken, klom ze ondanks haar hoogtevrees naar de bovenste verdieping om daar vandaan wat foto’s van het uitzicht over de Hemrikkerscharren te maken. Ik nestelde me intussen op een bankje in de schaduw onder de toren om daar met wat foto’s van de lijnen en vlakken van het bouwwerk mijn eigen hoogtepuntje te creëren …

Libellen bij it Alddjip

Nadat we eerder onderweg al een wat wonderlijk ooievaarsnest hadden gefotografeerd, maakten Jetske en ik tijdens onze fietstocht half juni pas bij de Lippenhuisterbrug over het Alddjip (Google Maps) de eerste echte tussenstop …

Nadat we een boterham hadden gegeten, zochten we allebei een plekje op de oever van het kleine riviertje. Erg veel waterjuffers en libellen lieten zich niet zien, maar ik wist toch een grote roodoogjuffer en een een viervlek in beeld te vangen …

Toen er even later twee hondeneigenaren aan kwamen, waarvan er eentje zijn hond het water in stuurde om een stok te apporteren, was het gedaan met de rust aan het stroompje …

Ten afscheid nog een libel, waarvan Obsidentify zegt dat het gevlekte witsnuitlibel is. En wie ben ik om dat dan tegen te spreken …

Feroaring fan lucht

Vrijdag heb ik met de iLark een ritje opnieuw gemaakt naar een plekje waar ik al vele jaren niet meer was geweest. Hier speelde zich het boek ‘Feroaring fan lucht’ (‘Verandering van lucht’) af, een boek van de Friese journalist/schrijver Rink van der Velde uit 1971. Het verhaal speelt zich af in en rond een arbeidershuisje bij de Lippenhuisterbrug (Google Maps) over het Koningsdiep ten zuiden van Beetsterzwaag. Toen ik er in oktober 1989 tijdens een fietstocht langs kwam, heb ik wat foto’s van het huisje gemaakt …

Durk Lugtigheid, alias Durk Snoad, is de vader van een huishouding met twaalf kinderen, die ergens diep in de Sweachster bossen in een oud arbeidershuisje woont. Een asociale huishouding, zo zal het zaakje tegenwoordig bestempeld worden. Durk Snoad leeft het meest van de steun vanwege niet te controleren rugklachten en van de stroperij. Hij is genetisch in opstand tegen het wettelijk gezag. Weldenkende en goedmenende mensen trachten er toch nog een fatsoenlijke huishouding van te maken en weten de familie in een huurwoning in Drachten te krijgen. Durk moet aan het werk tussen de vier muren van de Philipsfabriek aan de Oliemolenstraat. Dat kan natuurlijk alleen maar verkeerd aflopen …

Het boek ligt me na aan het hart, omdat de situatie van de verhuizing van het vrije platteland naar het kleinstedelijke Drachten in de jaren 60 heel herkenbaar is. Wij verhuisden rond die tijd vanuit het kleine gehucht Echten ook naar Drachten. En ook de boerefeint van weleer kwam bij Philips terecht. Ik heb daar in 2014 een blogje over geschreven: Echten – Commissiepolle (3)

Het huisje van Durk Snoad lijkt intussen een riante woning te zijn geworden. Jammer genoeg valt er weinig meer van het huis te zien. Tussen struiken en bomen schemert een rieten dak, en wie goed kijkt, kan zien dat de naam ‘Feroaring fan lucht’, die eerst boven de deur stond, nu een prominent plekje heeft gekregen boven de klopper op de voordeur …

De natuur is er nog steeds prachtig. Het Alddjip of Koningsdiep meandert hier prachtig door het beekdal. Het grootste verschil met de situatie in oktober 1989 is eigenlijk nog dat de koeien nu aan de oostkant van de brug liepen te grazen, terwijl ze toen aan de westkant stonden. Zo gaan die dingen hier in the middle of nowhere

Naast de brug over het Alddjip zat een libellenkenner. Hij was hier naar toe gekomen voor de metaalglanslibel, en hij had hem intussen al op de gevoelige plaat vastgelegd. Ook de weidebeekjuffer laat zich hier tegenwoordig regelmatig zien, vertelde hij. Ik kwam die dag niet verder dan een poepende en een paar parende korenbouten (denk ik). Het zou best eens kunnen dat ik daar binnenkort nog eens wat langer neerstrijk …

On the road met de iLark

Vorige week had ik de accu van de iLark al eens leeg gereden met wat kortere ritjes in de buurt. Maandagochtend heb ik voor het eerst een geplande langere rit gemaakt om de accu nog eens helemaal leeg te trekken. Het doel was de uitkijktoren ‘Skarrekiker’ in natuurgebied Hemrikkerscharren tussen Beetsterzwaag en Hemrik (Google Maps)


Vanwege de aanhoudende koude noordenwind heb ik bewust gekozen voor deze plek waar ik nog nooit eerder was geweest. De route voerde vooral door de beboste omgeving rond Beetsterzwaag waar de wind geen spelbreker was. Ik passeerde o.a. het Koningsdiep of Alddjip, ik kwam langs een weerstation midden in het bos en ik reed over diverse bruggetjes. Na het bezoek aan de uitkijktoren heb ik op de terugweg o.a. een tussenstop gemaakt bij de luid kwakende kikkers in het Witte Meer (Google Maps)

Het was een mooi ritje, dat vooral over asfalt- en schelpenpaden voerde. Met de camera aan de draagband rond mijn nek heb ik onderweg een aantal korte video-opnamen gemaakt, zodat jullie een idee krijgen van de lommerrijke route …

Een buiige boswandeling

Aan het eind van de buiige ochtend besloot ik gebruik te maken van een drogere periode tussen twee buienfronten om even een frisse neus te halen …


Omdat het hard waaide, koos ik voor de beschutting van het bos. Via Siegerswoude reed ik naar het bos achter ‘de Slotpleats’ bij Bakkeveen. Ik was er al jarenlang niet meer geweest en ontdekte dat de parkeerplaats was verwijderd. Parkeren moest nu aan de kant van de weg …

Over het alleen voor voetgangers en fietsers doorgaande pad liep ik in de richting van het bos. Nadat ik het Koningsdiep of Alddjip (Google Maps) was overgestoken, bevond ik me aan de bosrand …

Voorbij het hekwerk liep ik rechtsaf over het fietspad het bos in. Het kon nooit lang meer duren, voordat ik mijn doel zou bereiken …