Een hoge bi in de tuin

Toen we vorige week vrijdag door St. Jansklooster reden, zag ik deze prachtige hoge bi in de tuin van een typisch huis van de streek staan. Jetske had aan mijn ‘Kijk nou eens …’ genoeg om de auto even te parkeren. Die moest natuurlijk even op de foto. De bewoonster, die net naar buiten kwam, had daar geen enkel bezwaar tegen. Ze waren helemaal aan fotograferen gewend, vertelde ze lachend …

Een hoge bi is een vroeg type fiets met een heel groot voorwiel en een heel klein achterwiel. De hoge bi is ongeveer 150 jaar geleden ontworpen. De pedalen zijn bij een hoge bi direct aan de as van het voorwiel bevestigd. Om een redelijk verzet te krijgen moet het voorwiel groot zijn. De beenlengte van de berijder is daarbij de grens …

Dat is heel wat anders dan de moderne lichtgewicht fietsen van carbon, waarop Mathieu van der Poel, Remco Evenepoel en een handvol anderen vandaag in het Canadese Montreal strijden om het wereldkampioenschap wielrennen op de weg.

Een bloemenzee achter de dijk

Net iets eerder dan gepland verlieten we de doorgaande weg. Maar dat was in dit geval helemaal niet erg, integendeel! We kwamen op een smal landweggetje terecht, dat normaal gesproken waarschijnlijk alleen wordt bereden door landbouwverkeer. Al snel zagen we links van de weg een paar akkers met wel zeer brede bloemenranden …

Dit was zo ongeveer het laatste wat ik hier had verwacht. Dit is normaal gesproken het land waar kool, uien, graan en aardappelen worden verbouwd. Een zee van bloemen strekte zich uit tot de zeedijk in de verte. Het was een lust voor het oog en een verrijking voor de biodiversiteit …

Tussen besneeuwde bomen

Na een vergeefs ritje naar de Merskenheide reed ik door naar de volgende locatie die ik in gedachten had voor een vlucht met mijn drone. Zo’n 15 km ten zuidoosten van het Noordergemaal parkeerde ik de auto aan de Tsjerkereed bij Wijnjewoude …

De foto’s, die ik eerder die dag bij het Noordergemaal langs de vaarweg naar Drachten had gemaakt, toonden een veel kaler landschap dan hier. Nadat ik Flip tussen de besneeuwde bomen had laten opstijgen, liet ik hem om te beginnen van het zuidoosten via het westen naar het noorden over het sneeuwlandschap uitkijken …

Bye bye gaai

Veel verder dan een paar keer per dag een loopje in de tuin of van de voordeur naar de auto kom ik de laatste dagen niet. Mijn benen protesteren voortdurend …

Tijdens een van mijn laatste loopjes door de tuin, zag ik vorige week een Vlaamse gaai op een ontluchtingspijp staan. Uitgerekend op dat moment verhief hij zich van zijn post om naar elders te vliegen …

Een bijzon in de finale

Aan alles komt een eind, zo ook aan ons dagje aan het Wad. Dit is het laatste deel van deze 19-delige serie. Nog een laatste rondblik over het Tsjerkeplein in Wierum. In de noordwesthoek van het plein staat een boerenschuur. Van alleen vis konden ze ook in zo’n vissersdorp tenslotte niet leven …

De schuur staat daar mooi op de hoek, maar verder is hij niet echt bijzonder. Mijn blik werd vooral getrokken door de beschilderde klompen, die er aan de muur hingen …

Nog één keer richtte ik mijn camera op de Mariatsjerke. Op de toren staat een mooie windvaan in de vorm van een vissersboot onder zeil. De windvaan met de richtende jager en zijn hond staat op een van de huizen aan het Tsjerkeplein. Met de windvaan van die jager ben ik deze serie op 30 november begonnen …

Op de terugweg heb ik in de buurt van Holwerd vanuit de auto nog een paar foto’s kunnen maken van het echt lange tweetal van ‘Wachten op hoog water’, dat bij de veerboot naar Ameland op de dijk staat …

We hadden het niet beter kunnen treffen. Na een aantal uitstapjes op rij met grijs weer, hadden we ditmaal eindelijk weer eens van begin tot eind zon. Dat kwam buitengewoon goed uit, want het gaf me de kans om de grijze decembermaand tot nu toe te kunnen vullen met 19 blogjes en 165 zonnige foto’s. Bijna weer thuis werden we onderweg nog getrakteerd op een bijzon …

Dank voor weer een machtig mooie dag, Jetske!

In een parklandschap

Na de fotosessie met de koeien vervolgden we onze weg. Jetske vroeg waar we eigenlijk naar toe gingen. ‘Naar Brongergea,’ reageerde ik met een glimlach, vermoedend dat ze daar nog nooit van had gehoord. Dat bleek wel te kloppen, maar om er te komen moesten we eerst door voor Jetske wel bekend gebied …

Even dacht mijn fotomaatje dat we naar de Ecokathedraal zouden gaan, die afslag lieten we echter links liggen. Om bij Brongergea te komen, moesten we eerst door het parklandschap Oranjewoud. Bij een vijver met de eerste herfstkleuren op de oever zocht Jetske een parkeerplekje. Vooral de vijver met zijn super strakke weerspiegeling was een fijn object …

Op een van de oevers stond een bankje aan de rand van het water. Een stukje daarachter lag bij een dikke boom een zwerfsteen met een tegeltje waar een gedicht op stond …

Het bankje bood uitzicht op een eilandje in de vijver met een eendenverblijf. Daarachter schemerde in de verte een wit bouwwerk door bomen en struikgewas …

Een wandel- en fietspad voerde via een bruggetje naar beboste verten in het parklandschap …

– wordt vervolgd