’t Wordt nog wel ‘ns wat

Wat een verademing om gisteren na het stormachtige begin van de week een dag zonder wind, maar met regelmatig wat zon hadden. En dan zul je altijd zien, dat op zo’n mooie dag mijn benen krachteloos zijn. Maar niet getreurd, ik ben een kwartiertje op het terras gaan zitten. Daar had ik een prima alternatief …

De huismussen, die zich maandag en dinsdag vooral ophielden in de beschutting van de hulstboom en de klimop, lieten zich gistermiddag weer veelvuldig zien. Het was weer dringen geblazen bij de pindakaas. Daar heb ik gebruik van gemaakt door rustig in mijn hoekje op het terras zittend wat foto’s te maken …

Naast me zat in de klimop een jong musje** het schouwspel ook in alle rust te bekijken. Ik was wel blij met dit deze setting. Het gaf me weer kans om de vogelknop te testen. Ik krijg hem steeds beter in de vingers, waardoor de vogels er langzaam maar zeker steeds wat strakker op staan. Het wordt nog wel eens wat met mij en de vogels …

** Via Bluesky ben ik erop gewezen, dat de laatste mus niet echt een jonge mus is. Naar verluidt is het een vrouwelijke huismus.

Op zoek naar luwte

Dat het de afgelopen dagen hard waaide, heb ik gisteren al verteld en getoond bij het opvliegen van de grote zilverreiger. Maar ook eenden hadden het niet altijd gemakkelijk. Deze twee moesten flink bijsturen om tot een veilige landing te komen …

Ze waren op weg naar It Krûme Gat bij het Noordergemaal aan de Bûtendiken. Daar hadden veel eenden een plekje gezocht om enigszins beschut in de luwte van de steenwallen met rietkraagjes te kunnen liggen. Behalve wilde eenden dobberden er ook veel smienten op het water …

Dit was ook de bestemming van de twee eenden, die op de eerste foto aan kwamen vliegen. Na wat extra vleugelmanoeuvres, landden ze veilig op het water…

Grote zilverreiger stijgt op

Nadat ik het weekend vooral binnen had gezeten, heb ik gisteren maar weer eens een rondje buitenom gemaakt. Hier en daar liepen wat schapen en een paard in de weilanden, verder waren ze goeddeels leeg. Zelfs de meeste ganzen hadden de vlakte verlaten om ergens enige beschutting tegen de harde wind te vinden. Maar ik trof het toch nog even …

In de buurt van Earnewâld heb ik de auto even in de berm laten uitrollen, toen ik verderop een grote zilverreiger zag staan. Hij stelde mijn geduld wel op de proef, maar ik werd er netjes voor beloond. Ruim vijf minuten later zakte hij even door zijn poten om op te stijgen. Dat was nog een hele operatie met de harde wind, maar zodra hij boven de bomen was, zag ik hem wegzeilen …

Weerbeeld van recordjaar 2023

Gistermiddag kwam ik tot de ontdekking dat ik mijn weercijfers over 2023 nog helemaal niet had gepubliceerd. Omdat het zonde zou zijn om die cijfers van het record warme en natte jaar verloren te laten gaan. Daarom hieronder alsnog de cijfers zoals ik ze het afgelopen jaar in onze tuin heb opgetekend. Wie geïnteresseerd is in het landelijk weeroverzicht verwijs ik naar het jaaroverzicht van het KNMI

Het meest opvallend: in 2023 was iedere maand warmer dan het langjarig gemiddelde over de periode 1971-2000. Landelijk was 2023 met een gemiddelde temperatuur van 11,8°C het warmste jaar sinds het begin van de metingen van het KNMI in 1901. In onze tuin was 2023 met een gemiddelde temperatuur van 11,5°C het warmste jaar sinds het begin van mijn metingen in de tuin in 2003. Over de periode 1971-2000 was het langjarig gemiddelde in onze tuin op ca. 9,1°C. Over de afgelopen 20 jaar lag dat langjarig gemiddelde al op 10,2°C …

Van echt winterweer was in 2023 geen sprake. In januari heeft er een dun laagje ijs op onze vijver gelegen, maar veel stelde dat niet voor. Rond 11 maart en op 4 december hadden we enkele dagen met een fotogeniek laagje sneeuw …

Behalve warm was 2023 vooral ook erg nat. In 8 van de 12 maanden was het veel, maar dan ook veel natter dan normaal. Landelijk viel er gemiddeld op de KNMI-weerstations 1060 mm, normaal is dat 795 mm. Op een selectie van 13 neerslagstations viel zelfs 1149 mm. In onze tuin viel in 2023 in totaal 1280 mm regen. Hieronder de maandelijkse verdeling van de neerslag in onze tuin …

Dat het erg nat was, zal duidelijk zijn. Daarnaast trok er ook een paar maal een storm (deels) over het land. Op 5 juli veroorzaakte storm Poly in het noorden veel overlast. Op 11 november kregen we met de storm Ciarán te maken. Die blies bij een van de buren een boom omver, maar die staat intussen weer keurig overeind. Ook de jaarwisseling verliep stormachtig …

De 1280 mm neerslag in onze tuin was meteen een absoluut record. Gemiddeld viel er in onze tuin de afgelopen 20 jaar ca. 857 mm neerslag. Landelijk was het in het zuidwesten het minst nat. Het droogste KNMI-station was Westdorpe, daar viel 881 mm, 95 mm meer dan normaal. Deelen was het natste station met 1273 mm, ruim 400 mm meer dan normaal …

Dat 2023 uiteindelijk zo warm was, heeft vooral te maken met de daling van het aantal ijsdagen (max. temp. lager dan 0,0 °C) van resp. 11 naar 3 en de daling van het aantal vorstdagen (min. temp. lager dan 0,0 °C) van 63 naar 27. Het aantal tropische dagen (max. temp. 30,0 °C of hoger) lag in onze tuin op het normale aantal van 3. Vooral het aantal warme en zomerse dagen lag een stuk hoger dan normaal …

Tot zover de weercijfers zoals ik ze in 2023 in onze tuin heb opgetekend. Intussen is ook 2024 alweer van start gegaan met een iets warmere, maar vooral weer nattere maand dan normaal …

Een reebok op pad

Het voorjaar lonkt. Dat lijkt ook bij de reeën ook het geval te zijn. Deze reebok was in ieder geval op pad zonder de sprong, die zich meestal rond dit tijdstip hier ergens in de wei of in het maïsland in de Jan Durkspolder ophoudt …

Mijn aanwezigheid bleef niet lang onopgemerkt. Terwijl hij aan de slootkant stond, hief hij zijn kop naar me op. Nadat we enkele seconden oog in oog hadden gestaan, draaide hij zich om …

Af en toe een paar happen gras plukkend, liep hij naar het midden van het weiland. Ik heb hem rustig laten lopen en vervolgde zelf ook mijn weg …

Een zwaan en 2 lepelaars

De strakblauwe lucht lokte me gisteren al snel naar buiten. Na de koffie ben ik in de auto gestapt om een ritje naar de Jan Durkspolder te maken. Daar draaide de windmotor aan de Geau heel bedaard zijn rondjes. Aan de oostkant van de vogelkijkhut stond een groep van pakweg 20 ganzen halverwege de plas in het water …

Na enige tijd vloog er een knobbelzwaan langs de oostelijke oever van de plas voorbij. Hij gaf me de kans om eindelijk de onlangs ingestelde ‘vogelknop’ op mijn camera eens te proberen …

Toen ik even later die ganzen nog eens goed bekeek en verder inzoomde, zag ik dat er aan de rechterkant van de groep twee lepelaars tussen de ganzen stonden. Leuk om de eerste twee lepelaars van de kleine kolonie, die meestal aan de westkant van de plas huist, al op 1 februari te kunnen begroeten …

Terugkomend uit de hut heb ik nog even overwogen om op onderzoek te gaan naar het waarom van de rijplaten die kennelijk onlangs over het zandpad zijn gelegd. Mijn onderdanen verkeerden in goeie conditie, maar na een meter of tien hield ik het toch maar voor gezien. De natte rijplaten waren akelig glad, en dat maakte het lopen niet fijner. Het bordje ‘(Brom)fietsers Afstappen’ zal er ook wel niet voor niets geplaatst zijn. Later nog maar eens kijken …